Datum beslissing:18-06-2001
Datum publicatie:03-12-2001
Type procedure:Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechtsgebied:Vreemdelingen
Linken als:
http://nl.vlex.com/vid/39101198
Id. vLex: VLEX-39101198
Acceda a este documento
y pruebe vLex GRATIS durante 3 días
Bewaring / kennisgeving schadevergoeding.
Verweerder heeft betoogd dat de aan de vreemdeling, een Algerijn, vanwege het niet-tijdig doen van de kennisgeving ex artikel 96, eerste lid, Vw 2000, toe te kennen schadevergoeding dient te worden gematigd, nu de rechtbank op grond van artikel 96, tweede en derde lid, Vw 2000 na ontvangst van de kennisgeving dan wel het beroepschrift een termijn van in totaal twee weken heeft voor het verrichten van het vooronderzoek en het doen van de uitspraak en de bewaring, gelet hierop, eerst na afloop van die termijn onrechtmatig is geworden, althans de vreemdeling eerst dan in zijn belangen is geschaad door het niet-tijdig doen van de kennisgeving. In dit verband heeft verweerder voorts betoogd dat het niet-tijdig doen van de kennisgeving een formeel gebrek betreft en voor matiging van de schadevergoeding mitsdien aanleiding bestaat. De rechtbank is van oordeel dat verweerder met dit betoog miskent dat de termijn waarbinnen een kennisgeving moet worden gedaan in het licht van het bepaalde in artikel 5 EVRM een essentiële waarborg is om de rechtmatigheid van de voortduring van de vrijheidsontnemende maatregel periodiek te (doen) toetsen en bij het niet-tijdig doen van een kennisgeving van een formeel gebrek derhalve geen sprake is. Daarom kan niet staande worden gehouden dat bij overschrijding van de termijn voor het doen van de kennisgeving ex artikel 96, eerste lid, Vw 2000 de bewaring eerst vanaf een later gelegen tijdstip onrechtmatig is of dat de vreemdeling eerst dan in zijn belangen is geschaad door de termijnoverschrijding. Verweerder dient zich voortdurend binnen de in artikel 96, eerste lid, Vw 2000 genoemde termijn van vier weken, maar in elk geval expliciet vóór het verstrijken van de termijn, een oordeel te vormen over de vraag of het voortduren van de bewaring bij afweging van alle daarbij betrokken belangen gerechtvaardigd is te achten. Bij een ontkennende beantwoording van die vraag dient verweerder de bewaring onmiddellijk op te heffen. Indien voortduring van de bewaring naar het oordeel van verweerder wel gerechtvaardigd is, dient hij de rechtbank daarvan binnen genoemde termijn in kennis te stellen, opdat deze zich hierover kan uitspreken. Toewijzing verzoek om schadevergoeding.LJN: AD6617, Rechtbank 's-Gravenhage, AWB 01/22617
Arrondissementsrechtbank te 's-Gravenhage
zittinghoudende te Haarlemenkelvoudige kamer voor vreemdelingenzakenU I T S P R A A Kex artikel 106 Vreemdelingenwet 2000 (Vw)reg.nr: AWB 01/22617 VRONTN Dinzake: A, geboren op [...] 1972, van Algerijnse nationaliteit, verblijvende in de Penitentiaire Inrichting Ter Apel te Ter Apel, hierna te noemen: de vreemdeling,tegen: de Staatssecretaris van Justitie, Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), gevestigd te 's-Gravenhage, verweerder.Zitting: 11 juni 2001.De vreemdeling, noch zijn gemachtig...Probreer vLex 3 dagen GRATIS
Alle juridische informatie van Nederland inclusief:
Probeer vLex 3 dagen zonder verplichtingen en kijk waarom u vLex nodig heeft..
3
dagen Gratis toegang
Als u al cliënt van vLex bent, Hier verder gaan