LJN: BA1242, Hoge Raad, 43416

Hoge Raad der Nederlanden

Datum beslissing:03-04-2009
Datum publicatie:03-04-2009
Type procedure:Cassatie
Rechtsgebied:Belasting
Linken als: http://nl.vlex.com/vid/39464569
Id. vLex: VLEX-39464569

Acceda a este documento
y pruebe vLex GRATIS durante 3 días

Gesponsorde links:


Samenvatting:

Conclusie PG

Een auto bestemd voor Polen werd aangegeven voor extern communautair douanevervoer naar Duitsland. Het document T1 werd niet gezuiverd. De Tariefcommissie oordeelde onherroepelijk dat de belanghebbende in Nederland douaneschuldenaar op grond van artikel 203 van het Communautair douanewetboek is. Deze procedure betreft de omzetbelasting in verband met de onttrekking.

In de conclusie gaat Advocaat-generaal De Wit in op de plaats van ontstaan van de omzetbelastingschuld. Na het arrest van het Hof van Justitie inzake Liberexim (zaak C-371/99) is de Hoge Raad (o.a. in BNB 2005/141) voor de plaats van het ontstaan van de omzetbelastingschuld gaan aansluiten bij de plaats van het ontstaan van de douaneschuld. In BNB 2005/142 oordeelde de Hoge Raad dat de plaats van onttrekking van een auto in Nederland plaatsvond, ook al is aannemelijk dat de auto in Polen is geregistreerd. In vergelijking met BNB 2005/142 ligt deze zaak in die zin anders, aangezien nu ter zitting is komen vast te staan dat de auto via Duitsland naar Polen is gegaan. De onttrekking vindt daarom in Duitsland plaats. In de conclusie wordt aangegeven dat de wetgever bij het vervallen van artikel 22, vierde lid, Wet OB niet heeft voorzien in overgangsrecht. Er is geen eerbiedigende werking ten aanzien van de gevallen waarbij reeds voor de wetswijziging onherroepelijk de plaats van het ontstaan van de douaneschuld is komen vast te staan.

Volgens de Minister heeft de inspecteur geenszins bevestigd dat ook in dit geval de Poolse klant het kantoor van bestemming in Duitsland heeft overgeslagen in verband met lange wachttijden. Volgens het proces-verbaal van de zitting heeft de inspecteur de betreffende stellingen van belanghebbende echter niet betwist en ook zelf aangegeven dat het doorrijden bij de Duits-Poolse grens een onttrekking vormt. Het is niet onbegrijpelijk of onaannemelijk dat de inspecteur een zodanig standpunt ter zitting heeft ingenomen.

Er is in het onderhavige geval op goede gronden een uitnodiging tot betaling gedaan. In het onderhavige geval is buiten de periode van drie jaar vermeld in artikel 378 Uitvoeringsverordening Communautair douanewetboek komen vast te staan dat de onttrekking niet in Nederland maar in Duitsland heeft plaatsgevonden. Enerzijds zou men kunnen verdedigen dat nu de plaats van onttrekking buiten de termijn van drie jaar is komen vast te staan, aan artikel 378 UCDW geen werking toekomt, en teruggevallen moet worden op de hoofdregeling van artikel 215 CDW. Anderzijds zou men met een gelijksoortige redenering kunnen komen als het HvJ EG in de zaak Labis en Sagpol (gevoegde zaken C-310/98 en C-406/98). Doel van artikel 378 UCDW zal immers zijn het voorkomen van het verval van navorderingstermijnen in de lidstaat waar (uiteindelijk) de onregelmatigheid heeft plaatsgevonden. Het is dan met doel en strekking van artikel 378 UCDW in overeenstemming dat geïnde belastingen niet worden terugbetaald indien pas na de boekingstermijn blijkt dat de plaats van onttrekking in het buitenland is, terwijl in het onderhavige geval belanghebbende de termijn om de plaats van onttrekking aan te tonen onvoldoende heeft benut. Advocaat-generaal De Wit concludeert tot het stellen van prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie.

Extract:

LJN: BA1242, Hoge Raad, 43416

Uitspraak wordt niet gepubliceerd

Nr. 43.416

Mr. De Wit

Derde Kamer A

Omzetbelasting

Conclusie inzake

Minister van Financiën

tegen

X B.V.

1 maart 2007

1. Inleiding

1.1. In deze zaak gaat het om een auto die wordt aangegeven voor extern communautair douanevervoer naar Duitsland. De auto is bestemd voor Polen. Het document T1 wordt niet gezuiverd. De Tariefcommissie heeft onherroepelijk geoordeeld dat belanghebbende in Nederland douaneschuldenaar op grond van artikel 203 van het Communautair douanewetboek (hierna te noemen: CDW) is. Deze procedure betreft de omzetbelasting. In vergelijking met BNB 2005/142(1) ligt de zaak in die zin anders, dat nu ter zitting is komen vast te staan dat de auto via Duitsland naar Polen is gegaan. De onttrekking vindt volgens het Hof in Duitsland plaats. De Minister beroept zich op het vervallen artikel 22, vierde lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968 (hierna te noemen: Wet OB). Ook stelt de Minister dat de inspecteur zich ter zitting anders heeft uitgelaten dan in het proces-verbaal wordt weergegeven. Tenslotte besteed ik in deze conclusie aandacht aan het argument van de Minister dat de verschuldigdheid juist is, nu op goede gronden een uitnodiging tot betaling is gedaan. In dit kader bespreek ik het arrest Labis en Sagpol(2) inzake de reikwijdte van de compensatieregeling.

2. Feiten en procesverloop

2.1. Aan de Hofuitspraak en de tot het geding behorende stukken ontleen ik de volgende feiten en de volgende gegevens over het procesverloop.

2.2. Belanghebbende, X B.V., houdt zich bezig met de in- en verkoop van personen- en bedrijfsauto's. Zij heeft op 21 januari 1997 te R aangifte gedaan voor de douaneregeling extern communautair douanevervoer voor het vervoer van een auto, "merk Hyundai H100 Sattelite 2.4I GS", chassisnummer 005 (hierna te noemen: de auto). Op het ter zake opgemaakte document T1, met het nummer 010, wordt als land van bestemming Polen vermeld en als kantoor van bestemming U, Duitsland.

2.3. Omdat het vijfde exemplaar van het document T1 niet werd terugontvangen heeft de inspecteur op 23 mei 1997 een verzoek om nadere inlichtingen aan belanghebbende gestuurd. Op 30 mei 1997 heeft belanghebbende het "geretourneerde strookje behorend bij T1 dokumentnummer 010" opgestuurd ten bewijze van de zuivering.

2.4. Bij brief van 27 november 1997 heeft de inspecteur aan belanghebbende een kennisgeving als bedoeld in artikel 379 van de Uitvoeringsverordening Communautair douanewetboek (destijds geldende tekst, hierna te noemen: UCDW) gestuurd inhoudend dat belanghebbende tot drie maanden na dagtekening van de kennisgeving de gelegenheid heeft het bewijs te leveren van de regelmatigheid van het communautair douanevervoer of van de plaats waar de overtreding of onregelmatigheid daadwerkelijk is begaan.

2.5. Nadat hierop van belanghebbende geen reactie werd ontvangen, stuurde de inspecteur op 20 maart 1998 een uitnodiging tot betaling van douanerechten (? 2.543,40; ? 1.154,14) en omzetbelasting (? 4.896,20; ? 2.221,79).

2.6. Tot de stukken behoren voorts een afschrift van een zogeheten "Relaas van bevinding" van de Douanepost R, Team Falsificaten onderzoek, inzake een "onderzoek stempelafdruk nummer 011 Hauptzollamt V" waarop voor zover hier van belang het volgende staat vermeld:

"Op 18 september 1997 heeft collega (...), van Douanepost R/team zuivering, ter controle aangeboden: een T-1 nummer 010 afgegeven 21 januari 1997, daarbij bood hij een ontvangstbewijs/terugzendingsstrookje aan dat de aangever ter zuivering op 30 mei 1997 naar de team zuivering toe heeft gezonden (het vijfde exemplaar van het T document is nooit op de zuivering ontvangen). Het toegezon...



Activeer nu uw gratis proefperiode

Vraag aan

Hulp nodig? Neem contact met ons op

Probreer vLex 3 dagen GRATIS

Alle juridische informatie van Nederland inclusief:

  • Doctrine
  • Jurisprudentie
  • Wetgeving
  • Nieuws en economie

Probeer vLex 3 dagen zonder verplichtingen en kijk waarom u vLex nodig heeft..

3

dagen Gratis toegang



Als u al cliënt van vLex bent, Hier verder gaan

Gesponsorde links:


Andere documenten:
LJN BG8797 Rechtbank Zwolle 07.607082-08 | LJN: BF8903, Rechtbank Zwolle, 07.607181-08 | LJN BK2301 Rechtbank Breda 07 / 5512 WIA | LJN: AR2539, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, C0300515/BR | exportation and importation of animals and animal products finland, | Law to Order Residents Pay for Private Security Patrols After Losing Faith in Police | Calum Douglas Mitchell | profit alert puts the bite on trg leisure | Woman Faces Driving Charge in Brief | Introduction of Pay by Phone Parking Facilities for Motorcycle Parking in Car Parks the City of Westminster Off St... | In the High Court of Justice in Northern Ireland Chancery Division Winding Up | Site Unseen / with Anthony Augustine | Future Looks Bright ; It's No Longer Orange ... And Whole Nation Is Watching | from banker with a passion for change to the pm's fixer-in-chief ; profile shriti vadera ...