LJN: BC2916, Rechtbank Haarlem, 06/3518

Rechtbank

Datum beslissing:09-11-2007
Datum publicatie:07-02-2008
Type procedure:Eerste aanleg - meervoudig
Rechtsgebied:Belasting
Linken als: http://nl.vlex.com/vid/39572150
Id. vLex: VLEX-39572150

Acceda a este documento
y pruebe vLex GRATIS durante 3 días

Gesponsorde links:


Samenvatting:

Inkomstenbelasting. KB-Lux. Verlengde navorderingstermijn niet in strijd met EG-verdrag en Benelux-verdrag. Boete gematigd wegens overschrijding redelijke termijn.

Extract:

LJN: BC2916, Rechtbank Haarlem, 06/3518

RECHTBANK HAARLEM

Sector bestuursrecht, meervoudige belastingkamer

Procedurenummer: AWB 06/3518

Uitspraakdatum: 9 november 2007

Uitspraak als bedoeld in afdeling 8.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in het geding tussen

X, wonende te Y, eiser,

en

de inspecteur van de Belastingdienst te P,

verweerder.

1. Ontstaan en loop van het geding

Aan eiser is voor het jaar 1998 een navorderingsaanslag vermogensbelasting opgelegd, gedagtekend 8 november 2002, alsmede bij beschikking van gelijke datum een boete van

ƒ 7.717 (€ 3.502).

Verweerder heeft bij in één geschrift vervatte uitspraken op bezwaar van 25 augustus 2004 de hiertegen ingediende bezwaren afgewezen en de aanslag en beschikking gehandhaafd. Het Gerechtshof te Amsterdam heeft het daartegen ingediende beroep gegrond verklaard, de bestreden uitspraak vernietigd en de zaak teruggewezen met de opdracht eiser alsnog te horen op zijn bezwaar. Dit laatste is gebeurd op 14 november 2005. Bij in één geschrift vervatte uitspraken op bezwaar, verzonden op 2 februari 2006, heeft verweerder vervolgens het bezwaar tegen de navorderingsaanslag alsnog niet-ontvankelijk verklaard en het bezwaar tegen de vergrijpboete afgewezen.

Eiser heeft hiertegen bij brief van 9 maart 2006, aangevuld bij brief van 9 mei 2006, beroep ingesteld.

Verweerder heeft op de zaak betrekking hebbende stukken en een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 8 mei 2007 te Haarlem. Namens eiser zijn daar verschenen mr. A (A B.V.) en B, eisers zoon. Namens verweerder zijn verschenen mrs. C, D, E en F. Mr. A heeft ter zitting een pleitnota voorgedragen en een exemplaar daarvan overgelegd aan de rechtbank en de wederpartij. Deze pleitnota is in het dossier gevoegd en maakt deel uit van de stukken van het geding.

2. Tussen partijen vaststaande feiten

Op grond van...



Activeer nu uw gratis proefperiode

Vraag aan

Hulp nodig? Neem contact met ons op

Probreer vLex 3 dagen GRATIS

Alle juridische informatie van Nederland inclusief:

  • Doctrine
  • Jurisprudentie
  • Wetgeving
  • Nieuws en economie

Probeer vLex 3 dagen zonder verplichtingen en kijk waarom u vLex nodig heeft..

3

dagen Gratis toegang



Als u al cliënt van vLex bent, Hier verder gaan

Gesponsorde links:


Andere documenten:
LJN: AA1779, Hoge Raad, 31392 | LJN: AB0655, Rechtbank 's-Gravenhage, AWB 01/1062, 01/1063, 01/1066 | LJN: BH7606, Gerechtshof Leeuwarden, 24-002256-08 | ljn ap4586 centrale raad van beroep 03/5375 nabw | turn down the lights! ; grids plea to homeowners: install green outdoor bulbs | Manner of Calculation (Foreign Banks) Regulations - Regulations Amending | Teen Spirit ; Special Treats for the Trickiest Customers of All | seven proud citizens feel they belong; glasgow hosts first allegiance ceremony | Clouds of Dust | Thrive Through Corporate Social Responsibility British Heart Foundation | Tennis Gonzalez Shocks Federer | Upsurge in U.S. Relatives Search | Pick of the Day