LJN: BD3477, Gerechtshof Amsterdam, 06/00470

Gerechtshof

Datum beslissing:19-05-2008
Datum publicatie:11-06-2008
Type procedure:Hoger beroep
Rechtsgebied:Belasting
Linken als: http://nl.vlex.com/vid/39618326
Id. vLex: VLEX-39618326

Acceda a este documento
y pruebe vLex GRATIS durante 3 días

Gesponsorde links:


Samenvatting:

In geschil is of ter zake van de verkrijging van een winkelpassage de vrijstelling van artikel 15, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op belastingen van rechtsverkeer van toepassing is. Subsidiair is in geschil of sprake is van opgewekt vertrouwen.

Het Hof oordeelt dat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat de geleverde onroerende zaak ten tijde van de levering was vervaardigd. De levering was vrijgesteld van omzetbelasting. Dit zou ook het geval zijn indien de sloopwerkzaamheden dienen te worden aangemerkt als verbouwingswerkzaamheden.

Belanghebbende kon voorts noch aan de gemaakte afspraken, noch aan andere omstandigheden het vertrouwen ontlenen dat ter zake van de verkrijging geen overdrachtsbelasting zou zijn verschuldigd.

Extract:

LJN: BD3477, Gerechtshof Amsterdam, 06/00470

GERECHTSHOF AMSTERDAM

kenmerk P06/00470

uitspraak van de tweede meervoudige belastingkamer

op het hoger beroep van

[X-B.V.], gevestigd te [P],

belanghebbende,

tegen de uitspraak in de zaak met kenmerk AWB 05/3396 van de rechtbank Haarlem (verder: de rechtbank) van 26 september 2006 in het geding tussen

belanghebbende,

en

de inspecteur van de Belastingdienst Holland-Noord/kantoor Hoorn,

de inspecteur.

1. Ontstaan en loop van het geding

1.1. De inspecteur heeft aan belanghebbende met dagtekening 14 december 2004 een naheffingsaanslag in de overdrachtsbelasting voor het jaar 2004 opgelegd ten bedrage van € 145.560.

1.2. Na daartegen ingesteld bezwaar heeft de inspecteur bij de bestreden uitspraak, gedagtekend 21 juni 2005, het bezwaar afgewezen.

1.3. Bij uitspraak van 26 september 2006, verzonden op 29 september 2006, heeft de rechtbank het daartegen door belanghebbende ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft belanghebbende hoger beroep ingesteld bij beroepschrift van 7 november 2006, ingekomen eveneens op 7 november 2006. Belanghebbende heeft het beroepschrift aangevuld bij brieven van 8 november 2006 en 31 januari 2007.

1.4. De inspecteur heeft op 28 februari 2007 een verweerschrift ingediend.

1.5. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 31 maart 2008. Aldaar zijn toen verschenen en gehoord namens belanghebbende mr. B. Jongmans en A. van Buuren alsmede namens de inspecteur E. Zijlstra en L.M.E. Verheugt. Belanghebbende hee...



Activeer nu uw gratis proefperiode

Vraag aan

Hulp nodig? Neem contact met ons op

Probreer vLex 3 dagen GRATIS

Alle juridische informatie van Nederland inclusief:

  • Doctrine
  • Jurisprudentie
  • Wetgeving
  • Nieuws en economie

Probeer vLex 3 dagen zonder verplichtingen en kijk waarom u vLex nodig heeft..

3

dagen Gratis toegang



Als u al cliënt van vLex bent, Hier verder gaan

Gesponsorde links:


Andere documenten:
LJN BF1908 Centrale Raad van Beroep 07/2358 AW | LJN: AQ7376, Centrale Raad van Beroep, 99/3619 + 3621 AAW/WAO | LJN: AV3918, Rechtbank Zwolle, 108989 / HA ZA 05-648 | LJN AD5924 Rechtbank s-Gravenhage AWB 00/2323 | Labour's Pensions Blind Spot ; Comment [Scot Region Edition 2] | Robert Mcgrath | Chairmen Must Face an Annual Test City Comment | hammond and ward turn brighton around | sidekick for sarin to beef up vodafone | Coburg Construction Limited | Infective Fatigue: Model for Chronic Fatigue Syndrome, | Film Saw Iii 10.35pm, Channel [...] | Bryn Bristling at Arrogance