Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden, October 30, 2001
Besluit
Permanent Link:
http://nl.vlex.com/vid/voorzieningen-installaties-54165705
Id. vLex: VLEX-54165705
Acceda a este documento
y pruebe vLex GRATIS durante 3 días
Besluit van 18 oktober 2001, houdende regels voor voorzieningen en installaties (Besluit voorzieningen en installaties milieubeheer)
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden
Jaargang 2001487Besluit van 18 oktober 2001, houdende regels voor voorzieningen en installaties (Besluit voorzieningen en installaties milieubeheer)Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.Op de voordracht van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 4 april 2001, nr. MJZ2001038858, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;Gelet op richtlijn nr. 1991/689/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 december 1991 betreffende gevaarlijke afvalstoffen (PbEG L 377), richtlijn nr. 1991/271/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 21 mei 1991 betreffende de behandeling van stedelijk afvalwater (PbEG L 135), artikel 8.19, eerste lid, van de Wet milieubeheer, de artikelen 8.40, 8.41 en 8.42 van de Wet milieubeheer, voorzover het betreft artikel 1, onder f en g, artikel 2, eerste lid, onder c, ten derde, artikel 3, eerste lid, en artikel 4, eerste lid, en op artikel 8.44 van de Wet milieubeheer, voorzover het betreft artikel 1, onder h, en artikel 4, tweede lid;De Raad van State gehoord (advies van 27 juni 2001, nr. W08.01.0179/V); Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 11 oktober 2001, nr. MJZ2001111.453, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;Hebben goedgevonden en verstaan:Artikel 1In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd zou zijn een vergunning te verlenen voor een inrichting als bedoeld in artikel 2; b. vergunning: vergunning die is verleend krachtens artikel 8.1 van de Wet milieubeheer; c. bijlage 1: de bij dit besluit behorende bijlage 1; d. bijlage 2: de bij dit besluit behorende bijlage 2; e. bijlage 3: de bij dit besluit behorende bijlage 3; f. inrichting type A: inrichting als bedoeld in artikel 2, niet zijnde een inrichting type B of een inrichting type C; g. inrichting type B: onderdeel van een inrichting als bedoeld in artikel 2, voor welke inrichting een andere algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 8.40 van de Wet milieubeheer geldt; h. inrichting type C: onderdeel van een inrichting als bedoeld in artikelStaatsblad 2001 487 12, voor welke inrichting het in artikel 8.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer gestelde verbod blijft gelden; i. brandbare vloeistof: vloeistof of een verfproduct waarvan het vlampunt gelegen is op 55 °C of hoger (K3-vloeistof); j. gevaarlijke stof: stof die of preparaat dat bij of krachtens het Besluit verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten is ingedeeld in een categorie als bedoeld in artikel 34, tweede lid, van de Wet milieugevaarlijke stoffen; k. propaan: product, hoofdzakelijk bestaande uit propaan en propeen, met geringe hoeveelheden ethaan, butanen en butenen, voorzover de dampspanning bij 343 K (70 °C) ten hoogste 3 100 kPa (31 bar) bedraagt; l. vloeibare brandstof: lichte olie, halfzware olie of gasolie, als bedoeld in de artikelen 26 en 28 van de Wet op de accijns; m. afgewerkte olie: afgewerkte olie als bedoeld in het Besluit aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen; n. gasfles: cilindrische drukhouder, voorzien van één aansluiting met klep- of naaldafsluiter, die bedoeld is voor meermalig gebruik en een waterinhoud heeft van ten hoogste 150 liter; o. woning: gebouw of gedeelte van een gebouw dat voor bewoning wordt gebruikt of daartoe is bestemd, met uitzondering van een dienst- of bedrijfswoning:1°. behorende bij een inrichting als bedoeld in artikel 2, of 2°. die op een bedrijventerrein is gelegen met een gemiddelde dichtheid aan dienst- of bedrijfswoningen van ten hoogste één per hectare; p. geluidgevoelige bestemmingen: gebouwen of objecten, aangewezen krachtens de artikelen 49 en 68 van de Wet geluidhinder; q. warmtekrachtinstallatie: installatie toegerust voor het gelijktijdig opwekken van warmte en kracht waarbij de warmte nuttig wordt aangewend; r. piekniveau (LAmax): maximaal geluidniveau gemeten in de meter-stand «F» of «fast».Artikel 21. Dit besluit is van toepassing op een inrichting of een onderdeel daarvan, waarbij uitsluitend of in hoofdzaak sprake is van: a. het reduceren van aardgasdruk of het meten van aardgashoeveelheid, voorzover:1°. de ontwerpcapaciteit meer dan 10 Nm03/h bedraagt bij een maximale incidentele inlaatzijdige werkdruk van meer dan 20 kPa en een maximale inlaatzijdige werkdruk van ten hoogste 1 600 kPa, of de ontwerpcapaciteit meer dan 650 Nm03/h bedraagt bij een maximale incidentele inlaatzijdige werkdruk van ten hoogste 20 kPa, of de maximale inlaatzijdige werkdruk meer dan 1 600 kPa en ten hoogste 10 000 kPa bedraagt,2°. geen odorisatie-apparatuur aanwezig is, 3°. geen antivries-injectie-apparatuur aanwezig is, 4°. geen expansieturbine aanwezig is, 5°. het geen o...Try vLex for FREE for 3 days
Access legal information from Netherlands including:
Try vLex without any commitment for 3 days and see why you need it.
3
days of Free Access
If you are already a vLex customer, Access Here