Kort geding van Gerechtshof Amsterdam, September 28, 2010

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2010/09/28
Uitgevende instantie::Gerechtshof Amsterdam
SAMENVATTING

Aanspraak op ontslagvergoeding; gerechtvaardigd vertrouwen; eenzijdige wijziging van afspraken over ontslagvergoeding en bonus

 
GRATIS UITTREKSEL

GERECHTSHOF AMSTERDAM

Nevenzittingsplaats Arnhem

Sector civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.048.496

(zaaknummer rechtbank 640793)

arrest van de vijfde civiele kamer van 28 september 2010

inzake

de naamloze vennootschap RBS N.V., als rechtopvolgster van de naamloze vennootschap ABN AMRO BANK N.V.,

gevestigd te Amsterdam,

appellante in het principaal hoger beroep,

geïntimeerde in het incidenteel hoger beroep,

advocaat: mr. J.M. van Slooten,

tegen:

[X],

wonende te [woonplaats],

geïntimeerde in het principaal hoger beroep,

appellant in het incidenteel hoger beroep,

advocaat: mr. A.J. van Wulfften Palthe-Scholten.

  1. Het geding in eerste aanleg

    Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van het vonnis van 9 oktober 2009 dat de kantonrechters (rechtbank Utrecht, sector kanton, locatie Utrecht) op de voet van artikel 96 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna ook: Rv.) tussen principaal appellante (hierna ook te noemen: ABN AMRO) als verzoekster en principaal geïntimeerde (hierna ook te noemen: [X]) als verweerder heeft gewezen; van dat vonnis is een fotokopie aan dit arrest gehecht.

  2. Het geding in hoger beroep

    2.1 ABN AMRO heeft bij exploot van 5 november 2009 [X] aangezegd van dat vonnis van 9 oktober 2009 in hoger beroep te komen, met dagvaarding van [X] voor dit hof. Daarbij heeft ABN AMRO zes grieven tegen het bestreden vonnis aangevoerd en toegelicht en heeft zij bewijs aangeboden. Zij heeft gevorderd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en, opnieuw recht doende, bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard arrest zal oordelen conform de conclusie van het verzoekschrift namens ABN AMRO d.d. 19 juni 2009, kosten rechtens.

    2.2 Bij memorie van antwoord heeft [X] de grieven bestreden, heeft hij een productie in het geding gebracht en heeft hij bewijs aangeboden. Bij dezelfde memorie heeft [X] voorwaardelijk incidenteel hoger beroep ingesteld tegen het vonnis en heeft hij daartegen vier grieven aangevoerd en toegelicht. Hij heeft zowel in het principaal als het incidenteel hoger beroep geconcludeerd dat het hof ABN AMRO in het principaal hoger beroep niet ontvankelijk zal verklaren, althans haar grieven ongegrond zal oordelen, [X] in het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep ontvankelijk zal verklaren en zijn grieven gegrond zal verklaren en zodoende, waar nodig onder aanvulling of verbetering van gronden, het eindvonnis van de rechtbank (bedoeld zal zijn:) Utrecht, sector kanton van 9 oktober 2009 onder rolnummer (bedoeld zal zijn:) 640793 zal bekrachtigen, althans de vorderingen van ABN AMRO zal afwijzen, met veroordeling van ABN AMRO in de kosten van deze procedure, zowel in eerste aanleg als met betrekking tot het principaal en het incidenteel hoger beroep.

    2.3 Bij memorie van antwoord in het incidenteel hoger beroep heeft ABN AMRO verweer gevoerd en geconcludeerd dat het hof de grieven in het incidenteel hoger beroep zal verwerpen.

    2.4 Ter zitting van 22 juni 2010 hebben partijen de zaak doen bepleiten, ABN AMRO door mrs. J.M. van Slooten en D.F. Berkhout, beiden advocaat te Amsterdam en [X] door mr. A.J. van Wulfften Palthe-Scholten, advocaat te Amsterdam. De advocaten hebben daarbij pleitnotities in het geding gebracht.

    Mr. Berkhout voornoemd heeft voorafgaand aan de zitting aan mr. Van Wulfften Palthe-Scholten en het hof bij brief van 15 juni 2010 de producties A tot en met G en bij brief van 17 juni 2010 productie H gezonden. Het hof heeft, met partijen, geconstateerd dat deze producties kort en eenvoudig te doorgronden zijn. Het hof heeft daarop aan ABN AMRO akte verleend van het in het geding brengen van die producties.

    Mr. Van Wulfften Palthe-Scholten voornoemd heeft voorafgaand aan de zitting aan mrs. Van Slooten en Berkhout en het hof de producties 1 tot en met 10 gezonden.

    Het hof heeft, met partijen, geconstateerd dat deze producties kort en eenvoudig te doorgronden zijn. Het hof heeft daarop aan [X] akte verleend van het in het geding brengen van die producties.

    2.5 Vervolgens hebben partijen de stukken voor het wijzen van arrest aan het hof overgelegd en heeft het hof arrest bepaald.

  3. De vaststaande feiten

    Tussen partijen staan in hoger beroep als enerzijds gesteld en anderzijds erkend dan wel niet of onvoldoende weersproken en op grond van de in zoverre niet bestreden inhoud van overgelegde producties dan wel als door de kantonrechters vastgesteld en in hoger beroep niet bestreden, de navolgende feiten vast.

    3.1 [X], geboren op [geboortedatum], is van 1 september 1988 tot 1 juli 2009, laatstelijk in de functie van [functie] tegen een bruto jaarloon van € 209.000,= exclusief emolumenten, in dienst geweest van (de rechtvoorgangsters van) ABN AMRO. [X] heeft aldus deel uitgemaakt van de zogenoemde [functie] ([afkorting]) en behoorde tot de [functie] ([afkorting]) van de bank. Samen met de Raad van Bestuur en de [functie] ([afkorting]) vormden de [afkorting]’s het senior-management van de bank.

    3.2 Op de arbeidsovereenkomst tussen partijen zijn de ‘Compensation & Benefits Regulations for Corporate Executive Vice Presidents of ABN AMRO Bank N.V.’, verder de C&B Regulations te noemen, van toepassing. De CAO waaraan ABN AMRO jegens andere werknemers is gebonden, is op de arbeidsovereenkomst niet van toepassing.

    3.3 ABN AMRO heeft aan [X] bruto bonussen toegekend, die over 2006 € 200.970,-, over 2007 € 481.950,-- en over 2008 € 297.000,-- hebben bedragen.

    Over de mogelijkheid van (eenzijdige) wijziging van de C&B Regulations bepaalt de regeling:

    “The C&B Regulations have been adopted by the Managing Board and may be amended by the Managing Board. Affected individuals will be notified in writing of any amendments.”

    Haar beleid ten aanzien van ontslagvergoedingen heeft ABN AMRO niet in de C&B Regulations opgenomen.

    3.4 In oktober 2007 heeft een consortium van The Royal Bank of Scotland Group Plc (‘RBS’), Fortis N.V./Fortis SA/N.V. (‘Fortis’) en Banco Santander Central Hispano S.A. (‘Santander’) via RFS Holding B.V. de aandelen in ABN AMRO Holding N.V. verworven. De Minister van Financiën heeft tevoren een verklaring van geen bezwaar in de zin van de Wet op het financieel toezicht afgegeven voor het verwerven van gekwalificeerde deelnemingen in ABN AMRO, met het oog op de stabiliteit van de financiële sector evenwel onder meer onder het voorschrift dat een ‘robuust transitieplan wordt opgesteld’ waardoor de ‘continuïteit in de bezetting van sleutelposities en het behoud van voldoende kennis van de organisatie van ABN AMRO-groep op alle niveaus gedurende de transitiefase (wordt) gewaarborgd.’

    3.5 Aan de werknemers van ABN AMRO is te kennen gegeven dat de overname van de bank door het consortium geen nadelige invloed zal hebben op hun arbeidsvoorwaarden.

    Ook heeft de bank meermalen, zowel mondeling (in de personeelsbijeenkomst van november 2007) als schriftelijk (in de ‘People policy and procedures’ en de ‘HR guiding principles’) meegedeeld dat het ontslag(vergoedingen)beleid in elk geval gedurende twee jaren - tot in oktober 2009 - van kracht zal blijven. Het consortium was voornemens te zijner tijd ABN AMRO op te splitsen (te ‘ontvlechten’) door de onderscheiden bedrijfsonderdelen van de bank onder te brengen bij RBS, Fortis en Santander. In de voorziene transitieperiode zou getracht worden het personeel van ABN AMRO te herplaatsen in andere functies bij deze drie banken.

    3.6 [X] heeft een brief, ondertekend door [naam] en [naam] (beiden Fortis), van 21 februari (2008) ontvangen met de volgende tekst

    ”Dear mr. [X], dear [voornaam],

    Following the acquisition of ABN AMRO at the end of 2007, Fortis is actively preparing the integration of the related ABN AMRO activities.

    Fortis desires to achieve this integration with the full commitment and engagement of the key talent operating currently within ABN AMRO.

    We foresee that this integration will last between 12 months and 24 months during which you are entitled to receive as retention package, guaranteed bonuses of 297000 € for 2008 and 2009 paid before the end of the first quarter of the following year.

    (…….)

    If Fortis is not able to offer you a position equivalent to the level of responsibilities you currently exercise, you will not receive the welcome award but the equivalent as a one shot retention award and we hereby guarantee that you will benefit from the appropriate termination agreement applicable to the [afkorting] in ABN AMRO (Kanton rechter formula with 1,4 multiplier).”

    3.7 [naam], toenmalig CEO van ABN AMRO, heeft [naam] (die eerder per mail van 29 september 2008 had gevraagd de brieven met Fortishoofd om te zetten in ”AA letterhead”) op 30 september 2008 gemaild:

    ”I have reviewed the latters and see no reason to change them to ABN AMRO. The letters are from one of our major shareholders and provide their commitment to the various amounts of money described and that commitment remains. I regard the letters as fully binding on ABN AMRO to pay the bonuses when due and to debit the cost to the F share. Thanks.”

    3.8 In het najaar van 2008 werd Nederland getroffen door een crisis in de financiële sector, de zogenoemde kredietcrisis. De Staat der Nederlanden heeft daarop, ter voorkoming van destabilisatie van Fortis en ABN AMRO, en van het Nederlandse financiële stelsel als geheel, besloten deel te nemen in Fortis en - daarmee - in ABN AMRO. Zoals de Staat der Nederlanden hierdoor (meerderheids)aandeelhouder werd van Fortis en (indirect van) ABN AMRO, zo werd het Verenigd Koninkrijk dat van RBS. Met name door deze overheidsbemoeienis kreeg het maatschappelijk debat over de bezoldiging van bestuurders, dat in Nederland al vóór de kredietcrisis werd gevoerd, voor de bancaire wereld een extra dimensie en raakte het in een stroomversnelling, die erin heeft geresulteerd dat de Minister van Financiën, mede onder druk van het parlement en van de maatschappelijke onvrede over met name de hoge bonussen van bankiers, ABN AMRO (en andere banken) ertoe heeft aangezet haar beloningsbeleid en de...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT