Hoger beroep van Rechtbank Alkmaar, March 31, 2011

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2011/03/31
Uitgevende instantie::Rechtbank Alkmaar
SAMENVATTING

Essentie: Verzoek ex artikel 69 Fw, inhoudende 7 verzoeken. Appellanten zijn in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechter-commissaris. In hoger beroep is een deel van de appellanten niet-ontvankelijk verklaard. Ten aanzien van de overige appellanten is deels beslist dat zij niet-ontvankelijk zijn omdat zij hoger beroep tegen een niet voor beroep vatbare beslissing of in hoger... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

beschikking

RECHTBANK TE ALKMAAR

Sector civiel recht

MS/JG/ML/NE

rekestnummers: 121972, 122136, 122137, 122138, 122139, 122140, 122141

Beschikking van 31 maart 2011

in de zaak van

  1. [naam 1],

    wonende te Bovenkarspel, gemeente Stede Broec,

  2. [naam 2],

    wonende te Bovenkarspel, gemeente Stede Broec,

  3. [naam 3],

    wonende te Bovenkarspel, gemeente Stede Broec,

  4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

    [bedrijfsnaam 1],

    gevestigd te Bovenkarspel, gemeente Stede Broec,

  5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

    [bedrijfsnaam 2],

    gevestigd te Middenmeer, gemeente Wieringermeer,

    6.23 anderen zoals vervat op de toenmalige lijst ingezonden op 13 juli 2009,

    appellanten,

    advocaat mr. J.M.R. Vlaar te Eindhoven,

    tegen de beschikkingen van de rechter-commissaris op grond van artikel 69 Faillissementswet (Fw) gegeven op 31 mei 2010 in het faillissement van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid New Tulip Holding B.V., gevestigd te Bovenkarspel (hierna: New Tulip Holding), waarin zijn benoemd mr. B. Breederveld tot curator en mr. S.N. Schipper tot rechter-commissaris.

  6. De procedure

    1.1.De rechtbank heeft kennis genomen van de volgende stukken:

    - het aan de rechter-commissaris gerichte verzoekschrift ex artikel 69 Fw van 11 mei 2010, inhoudende zeven verzoeken;

    - de brief van 19 mei 2010, inhoudende een beroep tegen een fictieve weigering;

    - de beschikking van de rechter-commissaris van 31 mei 2010;

    - het beroepschrift van 4 juni 2010;

    - de op 4 februari 2011 ingediende ordner met aanvullende gronden.

    De inhoud van al deze stukken geldt als hier ingelast.

    1.2.Ter terechtzitting van 17 februari 2011 zijn de zaken gezamenlijk behandeld, waarbij appellanten en de curator elk hun standpunt hebben toegelicht. Vervolgens is uitspraak bepaald.

  7. Het beroep en de beoordeling daarvan

    2.1.Appellanten sub 1 en sub 4 hebben in het verzoekschrift van 11 mei 2010 zeven verzoeken ex artikel 69 Fw gedaan. De rechter-commissaris heeft op 31 mei 2010 antwoord gegeven op deze verzoeken.

    2.2.De rechtbank ziet zich ambtshalve gesteld voor de vraag of alle in het beroepschrift genoemde appellanten ontvankelijk zijn in het beroep. In het verzoekschrift van 11 mei 2010 is opgenomen dat het verzoekschrift mede "namens de andere 25 schuldeisers volgens de bekende aangehechte lijst" wordt ingediend. Vervolgens is het beroepschrift ingediend namens de sub 1 tot en met 5 weergegeven appellanten alsmede "23 anderen zoals vervat op de toenmalige lijst ingezonden op 13 juli '09". De rechtbank constateert dat op de lijst die is...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT