Verstek van Gerechtshof 's-Gravenhage, 26 juni 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:26 juni 2012
Uitgevende instantie::Gerechtshof 's-Gravenhage
SAMENVATTING

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging tot inbraak in een woning. Het Hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) weken.

 
GRATIS UITTREKSEL

Rolnummer: 22-005786-11

Parketnummer: 09-192400-11

Datum uitspraak: 26 juni 2012

VERSTEK

Gerechtshof te 's-Gravenhage

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank 's-Gravenhage van 7 december 2011 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] (Polen) op [geboortejaar] 1983,

thans zonder bekende vaste woon- of verblijfplaats hier te lande.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van dit hof van 12 juni 2012.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het primair ten laste gelegde veroordeeld tot een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis, waarvan 40 uren, subsidiair 20 dagen hechtenis voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, met aftrek van voorarrest.

Voorts is de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij, [benadeelde partij], toegewezen tot een bedrag van € 400,-- en is aan de verdachte de schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer, [benadeelde partij], opgelegd tot een bedrag van € 400,--, subsidiair 8 dagen hechtenis.

Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 21 augustus 2011 te Monster, gemeente Westland ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning gelegen aan de [adres] weg te nemen geld en/of goederen, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en zich daarbij de toegang tot die woning te verschaffen en/of die/dat weg te nemen geld en/of goederen onder zijn bereik te brengen door middel van braak en/of verbreking, twee ruiten van die woning heeft ingeslagen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

subsidiair:

hij op of omstreeks 21 augustus 2011 te Monster, gemeente Westland opzettelijk en wederrechtelijk twee ruiten van een woning gelegen aan de [adres], in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt door toen en daar opzettelijk wederrechtelijk tegen die ruiten te slaan/schoppen.

Ontvankelijkheid van het hoger beroep

Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de advocaat-generaal aangevoerd dat blijkens het proces-verbaal van de terechtzitting in eerste aanleg van 7 december 2011 de raadsman niet gemachtigd was de verdediging te voeren omdat hij geen contact meer heeft gehad met zijn cliënt. Vervolgens stelt de advocaat-generaal vast dat op

7 december 2011...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT