Eerste aanleg - enkelvoudig van Gerechtshof 's-Gravenhage, July 13, 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2012/07/13
Uitgevende instantie::Gerechtshof 's-Gravenhage
SAMENVATTING

Verzoek om proceskostenveroordeling na intrekking. Het verzoek van belanghebbende strekt tot vergoeding van de kosten wegens beroepsmatig verleende rechtsbijstand in bezwaar, beroep en hoger beroep. Hij wenst onder meer een vergoeding voor het indienen van een bezwaarschrift, alsmede voor het verschijnen ter zitting in hoger beroep en gaat uit van een geschil van zeer zwaar gewicht. Het Hof acht... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE

Sector belasting

Nummer BK-11/00893

Uitspraak van de zesde enkelvoudige belastingkamer d.d. 13 juli 2012

in het geding tussen:

[Vereniging X] te [Z], hierna: belanghebbende,

en

de directeur van de Belastingdienst/Zuidwest, hierna: de Inspecteur,

op het verzoek van belanghebbende om de Inspecteur op de voet van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Wet) te veroordelen in de kosten die belanghebbende in verband met het na te noemen bezwaar, beroep en hoger beroep heeft gemaakt.

  1. Procesverloop in verband met het verzoek

    1.1. Aan belanghebbende is voor het jaar 2006 een aanslag in de vennootschapsbelasting opgelegd naar een belastbaar bedrag van € 193.076. Bij beschikking is een bedrag van € 9.543 aan heffingsrente in rekening gebracht. De Inspecteur heeft vervolgens bij beschikking het verlies voor het jaar 2007 tot een bedrag van € 193.076 verrekend met het jaar 2006 (hierna: de verliesverrekeningsbeschikking), hetgeen heeft geleid tot een aanslag van nihil voor het jaar 2006.

    1.2. Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslag en tegen de verliesverrekeningsbeschikking.

    1.3. Bij uitspraak op bezwaar heeft de Inspecteur belanghebbendes bezwaren afgewezen.

    1.4. Belanghebbende heeft tegen de uitspraak op bezwaar beroep bij de rechtbank ingesteld. In verband daarmee is door de griffier een griffierecht geheven van € 298. De rechtbank heeft het beroep bij uitspraak van 24 oktober 2011, nr. AWB 10/8810, ongegrond verklaard.

    1.5. Belanghebbende is vervolgens van de uitspraak van de rechtbank in hoger beroep gekomen bij het Hof. In verband daarmee is door de griffier een griffierecht geheven van € 454.

    1.6. Belanghebbende heeft het hoger beroep bij brief van 15 maart 2012 ingetrokken en heeft daarbij het voormelde verzoek gedaan. Het verzoek is toegelicht bij brief van 18 april 2012.

    1.7. De Inspecteur heeft een verweerschrift tegen het verzoek ingediend.

    1.8. Partijen hebben het Hof schriftelijk toestemming verleend uitspraak te doen zonder mondelinge behandeling.

  2. Vaststaande feiten

    Op grond van de stukken van het geding is, als tussen partijen niet in geschil, dan wel door een van hen gesteld en op zichzelf aannemelijk, het volgende komen vast te staan:

    2.1. Belanghebbende heeft aangifte in de vennootschapsbelasting voor het jaar 2006 gedaan naar een belastbaar bedrag van nihil. Belanghebbende heeft in deze aangifte een bedrag van € 193.076 – de door haar behaalde winst over het jaar 2006...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT