Voorlopige voorziening+bodemzaak van Rechtbank Breda, Voorzieningenrechter, March 29, 2005

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2005/03/29
Uitgevende instantie::Voorzieningenrechter
SAMENVATTING

Kopie van Graceland getoetst aan redelijke eisen van welstand. Uit de onderbouwing van het positieve welstandsadvies blijkt dat de welstandscommissie eraan voorbij is gegaan dat een bouwplan niet alleen dient te worden getoetst op het uiterlijk van het bouwwerk maar ook op de plaatsing daarvan in de directe omgeving. Het uiterlijk van het bouwwerk is bij gebreke van een welstandsnota positief... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

04 / 2525 WRO RECHTBANK BREDA

05 / 554 WRO VV

Sector bestuursrecht

Voorzieningenrechter

UITSPRAAK

in de zaken van

[verzoekers], allen wonende te Breda, verzoekers,

gemachtigde mr. M.A.M. van Dooren,

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda, verweerder.

  1. Het procesverloop

    Namens verzoekers is op 13 december 2004 beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 3 november 2004 (bestreden besluit), inzake de verlening van een bouwvergunning voor een woning op het bouwadres Heilaarstraat 174 te Breda. Tevens is namens hen op 28 februari 2005 verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

    Het beroep en verzoek zijn behandeld ter zitting van 24 maart 2005. Daarbij waren aan de zijde van verzoekers aanwezig [verzoekers], bijgestaan door mr. Van Dooren. Namens verweerder is verschenen H.J.M. Marcus. Als belanghebbende was aanwezig vergunninghouder [vergunninghouder], bijgestaan door mr. O.W. Wagenaar.

  2. De beoordeling

    2.1 Op grond van de gedingstukken en de behandeling ter zitting gaat de voorzieningenrechter uit van de volgende feiten en omstandigheden.

    Verzoekers zijn allen woonachtig in de Heilaarstraat te Breda.

    Op 17 december 2002 heeft verweerder van [vergunninghouder] een aanvraag bouwvergunning voor een woonhuis op het bouwadres Heilaarstraat 174 te Breda ontvangen. Het bouwplan betreft een kopie van het bouwwerk Graceland in Memphis, Tennessee (USA). Het bouwplan overschrijdt het op het perceel geldende bouwvlak aan twee zijden.

    Op 5 februari 2003 heeft de welstandscommissie positief geadviseerd over dit bouwplan. Bij schrijven van 3 mei 2004 heeft de secretaris van de welstandscommissie dit advies gemotiveerd.

    Op basis van een ruimtelijke onderbouwing betreffende de toelaatbaarheid van de overschrijding van het bouwvlak, hebben gedeputeerde staten van Noord-Brabant op 26 augustus 2003 voor het bouwplan een verklaring van geen bezwaar afgegeven. Op 1 oktober 2003 heeft verweerder voor realisering van dit bouwplan vrijstelling van het bestemmingsplan ex artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) verleend.

    Bij primair besluit van 10 december 2003 heeft verweerder aan [vergunninghouder] de voor dit bouwplan gevraagde bouwvergunning verleend. Daartegen hebben verzoekers bezwaar gemaakt, stellende dat de architectuur van het bouwwerk niet past in de Heilaarstraat als oud karakteristiek lint met landelijke bebouwing en beplanting, dat wordt betwijfeld dat het bouwwerk overeenkomstig de opgegeven bestemming zal gaan worden gebruikt en dat de maatvoering van het bouwwerk niet correspondeert met de gegevens die worden genoemd in de vergunningaanvraag.

    Bij het bestreden besluit heeft verweerder de bezwaren van verzoekers ongegrond verklaard en het primaire besluit gehandhaafd, met dien verstande dat op de van de bouwvergunning deel uit-makende situatietekening de afstand van de woning tot de noordelijke zijdelingse perceelsgrens is gewijzigd van 4,5 in 5 meter.

    2.2 Namens verzoekers is - samengevat - aangevoerd dat de vergunningaanvraag verre van compleet was en om die reden niet-ontvankelijk had dienen te worden verklaard of had moeten worden afgewezen, dat het bouwplan niet voldoet aan redelijke eisen van welstand, dat de verlening van de bouwvergunning onjuist is gepubliceerd, dat gedeputeerde staten ten onrechte vrijstelling van het bestemmingsplan hebben verleend, dat het bouwplan immers afbreuk doet aan de zichtlijnen en aan de daarmee samenvallende wadi's, alsmede dat waarschijnlijk is dat het bouwwerk niet alleen zal worden gebruikt voor wonen maar ook ten dienste zal staan van de exploitatie van een seksinrichting.

    Verzoekers hebben de voorzieningenrechter verzocht het bestreden besluit te schorsen.

    Het verzoek strekt ertoe te bepalen dat vooralsnog geen gebruik mag...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT