Cassatie van Gerechtshof Leeuwarden, 22 juni 2001

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:22 juni 2001
Uitgevende instantie::Gerechtshof Leeuwarden
 
GRATIS UITTREKSEL

BELASTINGKAMER GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN UITSPRAAK

Nr. 99/30181 22 juni 2001

Uitspraak van het gerechtshof te Leeuwarden, tweede meervoudige belastingkamer, op het beroep gedaan door X te Z (: belanghebbende), tegen de uitspraak van het hoofd afdeling heffingen van het Waterschap Friesland (: het hoofd), gedaan op de bezwaarschriften van belanghebbende tegen de hem opgelegde aanslagen Friese waterschapslasten, betreffende het perceel plaatselijk bekend a-laan 68 te Z voor het jaar 1998.

  1. Ontstaan en loop van het geding.

    1.1. Bij aanslagbiljet met dagtekening 31 januari 1998 (nr. 000000000) werd belanghebbende als ingezetene in het kader van het kwaliteitsbeheer aangeslagen door het Waterschap Friesland tot een bedrag van f 18,- en door het Waterschap Marne-Middelsee tot een bedrag van f 48,-.

    Bij aanslagbiljet met dagtekening 30 juni 1998 (nr. 000000000) werd belanghebbende als eigenaar (omslag gebouwd) door het Waterschap Friesland aangeslagen tot bedragen van f 42,24 (boezembeheer) en

    f 30,72 (zeekering) en door het Waterschap Marne-Middelsee tot bedragen van f 85,76 (kwaliteitsbeheer) en f 168,32 (waterkering).

    Genoemde aanslagen hebben allen betrekking op het perceel plaatselijk bekend a-laan 68 te Z.

    1.2. Op de tijdig tegen de aanslagen ingediende bezwaarschriften heeft het hoofd bij uitspraak van 5 november 1999 de aanslagen gehandhaafd.

    1.3. Het namens belanghebbende tegen deze uitspraak ingediende beroepschrift (met bijlagen) is op 7 december 1999 ter griffie van het hof ingekomen.

    Het hoofd heeft op 7 maart 2000 een verweerschrift (met bijlagen) ingediend.

    1.4. Op de zitting van het hof van 9 april 2001, gehouden te Leeuwarden, heeft de mondelinge behandeling van de zaak plaatsgevonden. Aldaar zijn verschenen belanghebbende, bijgestaan door zijn echtgenote. Namens het hoofd is -na het hof hiervan te hebben bericht- niemand verschenen. Ter zitting heeft belanghebbende de door hem voorgedragen pleitnota overgelegd.

    1.5. De inhoud van alle voormelde en hieronder te melden stukken moet als hier ingevoegd worden beschouwd.

  2. De feiten.

    Op grond van de gedingstukken en het verhandelde ter ziting staat het volgende als niet, althans onvoldoende, betwist tussen partijen vast:

    2.1. Ter zake van -kort gezegd- het waterbeheer in de provincie Friesland zijn vanaf 1 januari 1997 een zestal waterschappen actief: het Waterschap Friesland heeft als werkterrein de hele provincie en de vijf kwaliteitswaterschappen -waaronder het Waterschap...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT