Eerste aanleg - enkelvoudig van Rechtbank Leeuwarden, Sector kanton, March 09, 2007

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2007/03/09
Uitgevende instantie::Sector kanton
SAMENVATTING

Arbeidsongeval op een zeeschip, waarbij een matroos gewond raakt. De matroos stelt op diverse gronden zijn werkgever aansprakelijk. De kantonrechter wijst de aansprakelijkheid van de werkgever af, voor zover deze is gegrond op de artikelen 6:173 en 6:175 BW. De matroos kan zijn vordering echter wel op artikel 7:658 BW -waarin de zorgplicht van de werkgever is geregeld- baseren. Op grond van de... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector kanton

Locatie Leeuwarden

zaak-/rolnummer: 198613 \ CV EXPL 06-3748

vonnis van de kantonrechter d.d. 9 maart 2007

inzake

[eiser],

hierna te noemen: [eiser],

wonende te Madrid (Spanje),

eiser,

procederende met toevoeging,

gemachtigde: Kool & Voogt Advocaten,

tegen

De besloten vennootschap Thalassa B.V.,

hierna te noemen: Thalassa,

gevestigd te Harlingen,

gedaagde,

gemachtigde: Boonk Van Leeuwen Advocaten.

  1. Procesverloop

    1.1. Op de bij dagvaarding vermelde gronden heeft [eiser] gevorderd om, bij vonnis voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

  2. te verklaren voor recht dat Thalassa aansprakelijk is voor de schade die [eiser] heeft geleden, lijdt en zal lijden ten gevolge van het arbeidsongeval dat hem op 4 oktober 2005 is overkomen;

  3. Thalassa te veroordelen tot betaling aan [eiser] bij wege van voorschot op de immateriÎle schadevergoeding een bedrag van € 5.000,-, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 oktober 2005 tot de dag der algehele voldoening;

  4. Thalassa te veroordelen tot betaling aan [eiser] bij wijze van voorschot op de materiÎle schadevergoeding een bedrag van € 3.000,-, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 oktober 2005 tot de dag der algehele voldoening;

  5. Thalassa te veroordelen tot betaling aan [eiser] van een schadevergoeding op te maken bij staat terzake van de materiÎle en immateriÎle schade die [eiser] heeft geleden en nog zal lijden ten gevolge van het voornoemde arbeidsongeval, vermeerderd met de wettelijke rente met ingang van 4 oktober 2005 tot de dag der algehele voldoening;

  6. Thalassa te veroordelen in de kosten.

    1.2. Thalassa heeft bij antwoord de vordering betwist.

    1.3. Na repliek en dupliek is vonnis bepaald op de stukken, waarvan de inhoud als hier ingelast geldt.

    1.4. Door [eiser] en Thalassa zijn producties in het geding gebracht.

    Motivering

  7. De feiten

    Als gesteld en erkend, dan wel als niet of onvoldoende weersproken, alsmede op grond van de in zoverre onbetwiste inhoud der overgelegde producties staat het volgende vast.

    2.1. [eiser] is sedert 4 mei 1993 in dienst bij Thalassa, laatstelijk in de functie van matroos, op 4 oktober 2005 tegen een bruto salaris van € 59,74 per kalenderdag, verhoogd met een toeslag van € 17,45 bruto voor elke zeedag.

    2.2. Het motorschip Thalassa (hierna te noemen "het schip") heeft op 1 oktober 2005 in de haven van Duinkerken een lading geladen die op de papieren werd omschreven als

    "3500 mtons of zinc concentrete, harmless non hazardous(...)". Deze lading was, als gevolg van het feit dat het voor aanvang van het laden regende, vochtig.

    2.3. De werkelijke lading bestond (deels) uit zgn. zinc secundaries. Zinc secundaries is ingedeeld in IMDG (International Maritime Dangerous Goods) klasse 4.3. en het vervoer van zinc secundaries moet aan speciale voorwaarden voldoen. Zinc secundaries reageert met water en ontwikkelt, als gevolg van deze reactie, waterstofgas.

    2.4. Bij het openen van de luiken op 4 oktober 2005 in de haven van Szczecin (Polen) ontstond, als gevolg van de reactie tussen zinc secundaries en water, (gas)brand. Tijdens het...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT