Eerste aanleg - enkelvoudig van Rechtbank 's-Gravenhage, Zwolle, 21 november 2007

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:21 november 2007
Uitgevende instantie::Zwolle
SAMENVATTING

Toetsingskader aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf als kennismigrant In hoeverre kunnen andere criteria dan het salariscriterium en de werkgeversverklaring - zoals marktconformiteit van het salaris, solvabiliteit van de werkgever en kwalificaties van eiser - een rol spelen bij de beoordeling. Uit de toelichting blijkt dat de wetgever heeft gekozen voor het salariscriterium omdat het salaris eenduidig en objectief is vast te stellen en de waarde van een werknemer... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK 's-GRAVENHAGE

nevenzittingsplaats Zwolle

Sector Bestuursrecht, Enkelvoudige Kamer voor Vreemdelingenzaken

Registratienummer: Awb 07/23594

Uitspraak

in het geding tussen:

[Eiser]

geboren op [geboortedatum] 1960,

van Irakese nationaliteit,

IND dossiernummer 0701-23-0055, eiser,

gemachtigde mr. V. Kidjan, advocate te Amsterdam;

en

De Minister van Buitenlandse Zaken,

(Visadienst),

te 's-Gravenhage,

vertegenwoordigd door mr. M.D. Gunster,

ambtenaar ten departemente, verweerder.

1. Procesverloop

Op 14 december 2006 heeft eiser een aanvraag ingediend om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) met als doel "verblijf als kennismigrant".

Bij brief van 22 februari 2007 heeft verweerder de aanvraag niet ingewilligd. Bij brief van 20 maart 2007 is daartegen bezwaar gemaakt. Verweerder heeft dit bezwaar bij het bestreden besluit van 22 mei 2007 ongegrond verklaard. Bij brief van 6 juni 2007 is daartegen beroep ingesteld. Het beroep is voorzien van gronden bij brief van 5 juli 2007, aangevuld bij brief van 27 september 2007. Het verweerschrift is binnengekomen.

Het beroep is ter zitting van 9 oktober 2007 gelijktijdig behandeld met de zaak met procedurenummer Awb 07/23586. Eiser is verschenen bij gemachtigde. Tevens is verschenen referent, de heer [referent]. Verweerder heeft zich doen vertegenwoordigen.

2. Overwegingen

2.1 De volgende wettelijke bepalingen en beleidsregels zijn met name van belang.

Voor verblijf hier te lande langer dan drie maanden behoeft een vreemdeling een verblijfsvergunning, als bedoeld in artikel 13 van de Vreemdelingenwet 2000 (hierna: Vw 2000). Met het oog hierop pleegt een aanvraag tot verlening van een mvv door verweerder te worden getoetst aan dezelfde criteria als die, welke gelden voor de beoordeling van een aanvraag tot het verlenen van zodanige vergunning.

Artikel 14, tweede lid, Vw 2000 bepaalt dat een verblijfsvergunning als bedoeld in dat artikel wordt verleend onder beperkingen, verband houdende met het doel waarvoor het verblijf is toegestaan. Aan de vergunning kunnen voorschriften worden verbonden. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de beperkingen en voorschriften.

Artikel 3.4, eerste lid, onder y, Vreemdelingenbesluit 2000 (hierna: Vb 2000) bepaalt dat aan een vreemdeling verblijf kan worden toegestaan als kennismigrant, als bedoeld in artikel 1d, van het Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen (hierna: Besluit uitvoering Wav).

Artikel 2, eerste lid, Wet arbeid vreemdelingen (hierna: Wav) bepaalt dat het een werkgever verboden is een vreemdeling in Nederland zonder tewerkstellingsvergunning arbeid te laten verrichten.

Artikel 1d, eerste lid, aanhef en onder a, Besluit uitvoering Wav bepaalt, voor zover thans van belang, dat het verbod, bedoeld in artikel 2 Wav, niet van toepassing is met betrekking tot een vreemdeling die in het bezit is van een machtiging tot voorlopig verblijf die overeenkomt met het verblijfsdoel "kennismigrant", waarvoor een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 Vw 2000 is aangevraagd en die als kennismigrant, als bedoeld in artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder y, Vb 2000, in Nederland wordt tewerkgesteld op basis van een arbeidsovereenkomst of een ambtelijke aanstelling en van wie het overeengekomen vaste, naar tijdruimte en in geld vastgestelde loon als vergoeding voor zijn arbeid dat hij van de werkgever ontvangt, indien hij dertig jaar of ouder is ten minste € 45.000,- per jaar (hierna: het salariscriterium) bedraagt en van wiens werkgever onze Minister een door hem bij ministerile regeling vastgestelde verklaring (hierna: de werkgeversverklaring) heeft ontvangen betreffende op de werkgever rustende verplichtingen.

Met toepassing van artikel 1d, derde lid Besluit uitvoering Wav is het in lid 1 genoemde bedrag van € 45.000,- voor het jaar 2006 herzien en vastgesteld op een bedrag van € 45.495.- bruto per jaar.

Bijlage 12a van het Voorschrift Vreemdelingen 2000 (hierna: Vv 2000) bevat de tekst van de werkgeversverklaring. De verklaring luidt, voor zover thans van belang, onder meer als volgt:

De werkgever, vertegenwoordigd door ondergetekende, verklaart met betrekking tot de toelating en het verblijf van kennismigranten dat hij:

1. aan de vreemdeling die verblijf als kennismigrant bij de werkgever beoogt dan wel heeft, een brutosalaris van ten minste € 45.000,- per jaar zal betalen (...);

6. zich verplicht tot goed werkgeverschap en dat hij daarvan in het verleden blijk heeft gegeven waartoe hij desgevraagd de volgende stukken zal overleggen aan het IND-loket kennis- en arbeidsmigratie:

- een bewijs van inschrijving in het Handelsregister (...);

- een verklaring betalingsgedrag afgegeven door de belastingdienst;

- een verklaring premieafdracht, afgegeven door UWV.

In paragraaf B15/4.1 Vreemdelingencirculaire 2000 is onder meer vermeld dat het van belang is om vast te stellen of het aannemelijk is dat de werkgever de verplichtingen die hij in de in artikel 1d, eerste lid, Besluit uitvoering Wav bedoelde verklaring aangaat, ook daadwerkelijk zal (kunnen) nakomen. Ten bewijze daarvan dient de verklaring met stukken te worden onderbouwd, te weten een bewijs van inschrijving in het Handelsregister, niet ouder dan 30 dagen, verstrekt door de Kamer van Koophandel, en een verklaring van betalingsgedrag, afgegeven door de belastingdienst. De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) wijst de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning af als niet aannemelijk is dat de werkgever de in overgelegde verklaring neergelegde verplichtingen zal (kunnen) nakomen.

2.2 De rechtbank gaat uit van de volgende feiten en omstandigheden.

Referent treedt op als vertegenwoordiger van T.C. Osdorpplein BV, zijnde een tandartsencentrum. Het tandartsencentrum beschikt...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT