Kort geding van Rechtbank 's-Gravenhage, Voorzieningenrechter, September 21, 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2012/09/21
Uitgevende instantie::Voorzieningenrechter
SAMENVATTING

Kort geding. De man (woonachtig in Nederland) vordert in kort geding de teruggeleiding en afgifte van de minderjarige aan hem. De vrouw (woonachtig op Curaçao) heeft de minderjarige volgens de man na de vakantieregeling in augustus 2012 onrechtmatig achtergehouden op Curaçao. De man stelt dat in de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba is bepaald dat de minderjarige de hoofdverblijfplaats heeft bij de man. De... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

Sector civiel recht - voorzieningenrechter

zaak- / rolnummer: 425555 / KG ZA 12-892

Vonnis in kort geding van 21 september 2012

in de zaak van

[de man],

wonende te [woonplaats],

eiser in conventie,

verweerder in reconventie,

advocaat mr. G.H.J. Spee te Nijmegen,

tegen:

[de vrouw],

wonende te [woonplaats],

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat mr. T.M. Coppes te Aerdenhout.

Partijen worden hierna respectievelijk aangeduid als 'de man' en 'de vrouw'.

  1. De feiten

    in conventie en reconventie

    Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting van 6 september 2012 wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.

    1.1. Partijen zijn met elkaar gehuwd geweest van [huwelijksdatum] 2000 tot [echtscheidingsdatum]l 2006.

    1.2. Voor het huwelijk is op [geboortedatum] 1999 op [geboorteplaats] geboren: [de minderjarige], hierna te noemen: de minderjarige. Zij is door de man erkend. Zij is door het huwelijk van haar ouders gewettigd.

    1.3. Partijen hebben diverse procedures gevoerd over het gezag en hoofdverblijfplaats van de minderjarige. Partijen zijn uiteindelijk op 25 maart 2008 in een notariële vaststellingsovereenkomst afspraken overeengekomen ter beëindiging van de tussen hen bestaande geschillen en procedures. Deze afspraken zijn vervolgens vastgelegd in de beschikking van 17 juni 2008 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba. Hierin is - voor zover hier relevant - het volgende bepaald:

    (...) belast de vader en de moeder gezamenlijk met het gezag over de minderjarige [de minderjarige];

    bepaalt dat de minderjarige [de minderjarige] haar hoofdverblijf zal houden bij de vader in Spanje; (...).

    1.4. De minderjarige heeft met de man in Spanje gewoond. In januari 2012 is de minderjarige met de man naar Nederland, Den Haag, verhuisd. Zij is daar ook ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie en op de internationale (Franse) school, het [de internationale school]. De vrouw heeft voor de inschrijving en scholing op deze internationale school toestemming gegeven.

    1.5. De minderjarige is in de zomervakantie van 2012 naar de vrouw gegaan in verband met vakantie.

    1.6. Op 13 augustus 2012 heeft de man een e-mail ontvangen van mr. A.J. Henriques, de raadsman van de vrouw op Curaçao, waarin het volgende werd meegedeeld:

    (...) Namens mijn cliente, [de vrouw], benader ik u in verband met het navolgende.

    Uw dochter, [de minderjarige], verblijft momenteel op Curacao bij haar moeder in verband met vakantie.

    Haar terugreis staat gepland op a.s. woensdag 15 augustus 2012; zij zal echter niet terugreizen omdat zij heeft aangegeven bij haar moeder te willen verblijven. (...)

    1.7. De man heeft bij brief van 14 augustus op deze e-mail gereageerd en mr. A.J. Henriques gesommeerd om:

    (...) het ertoe te geleiden dat [de minderjarige] onverwijld zal terugkeren naar Nederland en conform afspraak op

    15 augustus de terugreis met ArkeFly zal aanvaarden.(...)

    1.8. De minderjarige is op 15 augustus 2012 niet teruggekeerd naar Nederland waarna de man op 16 augustus 2012 aangifte heeft gedaan bij de politie Haaglanden van - onder meer - onttrekking van zijn dochter aan zijn gezag.

    1.9. De vrouw heeft de man op 19 augustus 2012 per e-mail meegedeeld dat de minderjarige niet naar Nederland wil terugkeren en dat de vrouw haar in die wens ondersteunt.

  2. Het geschil

    in conventie

    2.1. De man vordert - zakelijk weergegeven - op straffe van een dwangsom de vrouw te gelasten de minderjarige binnen twee dagen na dagtekening van het in deze te wijzen vonnis terug te (laten) geleiden naar de man in Nederland en indien de vrouw weigert de minderjarige naar Nederland te...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT