Raadkamer van Gerechtshof Leeuwarden, 29 oktober 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:29 oktober 2012
Uitgevende instantie::Gerechtshof Leeuwarden
SAMENVATTING

Artikel 14e Sr. Het bij vonnis van de rechtbank gegeven bevel tot dadelijke uitvoerbaarheid van de bijzondere voorwaarde is in strijd met de inhoud en strekking van artikel 14e, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, nu verzoeker bij dat vonnis niet is veroordeeld wegens een misdrijf dat is gericht tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen ... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

GERECHTSHOF LEEUWARDEN

Raadkamernummer 000709-12

Parketnummer hoger beroep 24-001244-12

Parketnummer eerste aanleg 18-670459-11

Arrest van 29 oktober 2012 van het gerechtshof Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het verzoek ex artikel 14e van het Wetboek van Strafrecht in de strafzaak tegen:

[verzoeker],

geboren [1986] te [geboorteplaats],

volgens verzoeker thans verblijvend i[verblijfplaats],

ter terechtzitting verschenen, bijgestaan door zijn raadsman mr. U. van Ophoven, advocaat te Leek.

Het verzoek

De verdachte is bij vonnis van de rechtbank Groningen d.d. 21 mei 2012 veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van tweehonderdvijfendertig dagen, waarvan honderdtachtig dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met de bijzondere voorwaarde dat hij zich gedurende de proeftijd zal onthouden van het gebruik van verdovende middelen en alcohol en zich klinisch zal laten behandelen in [instelling] of een door de reclassering aan te wijzen soortgelijke instelling voor de duur van maximaal een jaar.

De rechtbank heeft de dadelijke uitvoerbaarheid van de bijzondere voorwaarde bevolen.

De verdachte heeft op 29 mei 2012 tegen dit vonnis hoger beroep ingesteld.

Bij verzoekschrift d.d. 10 augustus 2012 heeft de raadsman namens verzoeker de opheffing van de bijzondere voorwaarde verzocht.

De behandeling ter zitting

Het hof heeft ter openbare terechtzitting van 15 oktober 2012 gehoord de advocaat-generaal, verzoeker en diens raadsman.

Het hof heeft voorts kennis genomen van de stukken.

De beoordeling

Uit het verhandelde ter terechtzitting van het hof is gebleken dat verzoeker, in het kader van de door de rechtbank Groningen bevolen schorsing van de voorlopige hechtenis, van

17 oktober 2011 tot 21 mei 2012 klinisch is behandeld in [instelling].

Bij het vonnis van de politierechter in de rechtbank Groningen d.d. 21 mei 2012, parketnummer 18-670459-11, is verzoeker wegens:

  1. diefstal door twee of meer verenigde personen door middel van braak en inklimming gedurende de voor de nachtrust bestemd tijd;

  2. diefstal;

  3. diefstal;

    veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van tweehonderdvijfendertig dagen, waarvan honderdtachtig dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met de bijzondere voorwaarde dat hij zich gedurende de proeftijd zal onthouden van het gebruik van verdovende middelen en alcohol en zich klinisch zal laten behandelen in [instelling] of een door de reclassering aan te wijzen soortgelijke instelling voor de...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT