Eerste aanleg - meervoudig van Raad van State, 7 november 2012

Uitgevende instantie::Raad van State
Datum uitspraak: 7 november 2012
SAMENVATTING

Bij besluit van 6 juni 2011 heeft de minister krachtens artikel 15, eerste lid, van de Tracéwet (zoals dat destijds luidde), het tracébesluit A2 's-Hertogenbosch-Eindhoven (hierna: tracébesluit) vastgesteld. Dit besluit is op 16 augustus 2011 ter inzage gelegd.

 
GRATIS UITTREKSEL

201110075/1/R4 en 201201853/1/R4.

Datum uitspraak: 7 november 2012

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Verwijzingsuitspraak in het geding tussen:

1. [appellant sub 1], wonend te [woonplaats],

2. [appellante sub 2], wonend te [woonplaats],

3. [appellant sub 3], wonend te [woonplaats], de stichting Stichting A2-Platform Boxtel en Omstreken, gevestigd te Boxtel, en anderen (hierna: [appellant sub 3] en anderen),

4. [appellant sub 4], wonend te [woonplaats],

5. [appellant sub 5], wonend te [woonplaats],

6. [appellant sub 6] en anderen, allen wonend te [woonplaats],

7. [appellant sub 7A] en [appellant sub 7B] (hierna tezamen en in enkelvoud: [appellant sub 7]), beiden wonend te [woonplaats],

8. [appellant sub 8], wonend te [woonplaats],

9. [appellant sub 9], wonend te [woonplaats],

10. [appellant sub 10] en anderen, allen wonend te [woonplaats],

11. [appellant sub 11] en anderen, allen wonend te [woonplaats],

12. [appellant sub 12A], wonend te [woonplaats], [appellante sub 12B], gevestigd te [plaats], en anderen (hierna: [appellant sub 12] en anderen),

13. [appellant sub 13A] en [appellante sub 13B] (hierna tezamen en in enkelvoud: [appellant sub 13]), beiden wonend te [woonplaats],

14. [appellant sub 14], wonend te [woonplaats],

15. [appellant sub 15A] en [appellante sub 15B] (hierna tezamen en in enkelvoud: [appellant sub 15]), beiden wonend te [woonplaats],

16. Stichting Reinier van Arkel, gevestigd te 's-Hertogenbosch,

17. [appellant sub 17], wonend te [woonplaats],

18. [appellant sub 18], wonend te [woonplaats],

19. [appellant sub 19A] en [appellante sub 19B] (hierna tezamen en in enkelvoud: [appellant sub 19]), beiden wonend te [woonplaats],

20. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid Vereniging tot Behoud van het Groene Hart van Brabant, gevestigd te Boxtel, en de stichting Stichting Boom en Bosch, gevestigd te 's-Hertogenbosch (hierna: Vereniging tot Behoud van het Groene Hart van Brabant en anderen),

21. de stichting Stichting Overlast A2 Vught en omstreken, gevestigd te Vught,

22. De Streekraad Het Groene Woud en De Meierij (hierna: De Streekraad),

23. [appellant sub 23], wonend te [woonplaats], en de stichting Stichting Bleijendijk, gevestigd te Vught (hierna tezamen en in enkelvoud: [appellant sub 23]),

24. [appellant sub 24]), wonend te [woonplaats],

25. de vereniging Vereniging van Eigenaars Appartementengebouw De Heun I, gevestigd te Vught, en anderen (hierna tezamen en in enkelvoud: VvE De Heun),

26. [appellant sub 26], wonend te [woonplaats],

27. [appellant sub 27A], wonend te [woonplaats], [appellante sub 27B], gevestigd te [plaats], en anderen (hierna: [appellant sub 27] en anderen),

28. [appellant sub 28], wonend te [woonplaats], de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Bricorama B.V., gevestigd te Breda, en anderen (hierna: [appellant sub 28] en anderen),

appellanten,

en

de minister van Infrastructuur en milieu,

verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 6 juni 2011 heeft de minister krachtens artikel 15, eerste lid, van de Tracéwet (zoals dat destijds luidde), het tracébesluit A2 's-Hertogenbosch-Eindhoven (hierna: tracébesluit) vastgesteld. Dit besluit is op 16 augustus 2011 ter inzage gelegd.

Tegen dit besluit hebben [appellant sub 1], [appellante sub 2], [appellant sub 3] en anderen, [appellant sub 4], [appellant sub 5], [appellant sub 6] en anderen, [appellant sub 7], [appellant sub 8], [appellant sub 9], [appellant sub 10] en anderen, [appellant sub 11] en anderen, [appellant sub 12] en anderen, [appellant sub 13], [appellant sub 14], [appellant sub 15], Stichting Reinier van Arkel, [appellant sub 17], [appellant sub 18], [appellant sub 19], Vereniging tot Behoud van het Groene Hart van Brabant en anderen, Stichting Overlast A2, De Streekraad, [appellant sub 23], [appellant sub 24], VvE Heunpark en [appellant sub 26] tijdig beroep ingesteld.

De minister heeft een verweerschrift ingediend.

Bij besluit van 25 januari 2012 heeft de minister krachtens artikel 14, eerste lid, van de Tracéwet het tracébesluit gewijzigd (hierna: wijzigingsbesluit).

In reactie daarop hebben [appellant sub 1], [appellante sub 2], [appellant sub 5], [appellant sub 6] en anderen, [appellant sub 7], [appellant sub 10] en anderen, [appellant sub 15], [appellant sub 18], [appellant sub 19], Vereniging tot Behoud van het Groene Hart van Brabant en anderen, Stichting Overlast A2, [appellant sub 23] en [appellant sub 24] hun beroepen aangevuld.

[appellant sub 27] en anderen en [appellant sub 28] en anderen hebben beroep ingesteld tegen het wijzigingsbesluit.

Een aantal partijen en de minister hebben nadere stukken ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 26 en 27 maart 2012, waar een aantal partijen is verschenen of zich heeft doen vertegenwoordigen. Ook de minister heeft zich ter zitting doen vertegenwoordigen. Voorts is ter zitting het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Boxtel, vertegenwoordigd door P. Bezemar, als partij gehoord.

De Afdeling heeft partijen medegedeeld dat het onderzoek is heropend en dat zij voornemens is het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof van Justitie) te verzoeken bij wijze van prejudiciële beslissing uitspraak te doen op voor te leggen vragen. De tekst van deze vragen is in concept aan partijen voorgelegd.

De minister en de Stichting Overlast A2 hebben een reactie gegeven.

Overwegingen

Het tracébesluit

1. Het tracébesluit voorziet - samengevat weergegeven - in de wijziging van de Rijksweg A2 tussen aansluiting Veghel en knooppunt Ekkersweijer. Aansluitend wordt de Rijksweg A58 gewijzigd tussen knooppunt Ekkersweijer en aansluiting Ekkersrijt op de A58. Bij het besluit zijn tevens voor een aantal woningen waarden voor de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting vanwege de A2 (hierna: hogere waarden) vastgesteld.

Het wijzigingsbesluit

2. Het wijzigingsbesluit behelst een gewijzigde vaststelling van een aantal hogere waarden. Daarnaast is onder meer de lengte en de hoogte van een geluidscherm langs de westzijde van de A2 ter hoogte van Best aangepast, zijn enkele tracékaarten gewijzigd vastgesteld, is een houtwal - mitigerende maatregel - geprojecteerd en is het aantal hectare te verwijderen houtopstand en het aantal te verwijderen individuele bomen gewijzigd vastgesteld.

Het wijzigingsbesluit is een besluit in de zin van artikel 6:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Ingevolge artikel 6:19, eerste lid, worden de beroepen tegen het tracébesluit geacht mede te zijn gericht tegen het wijzigingsbesluit, nu dat besluit niet aan de beroepen tegemoet komt.

Ontvankelijkheid

3. De minister stelt zich op het standpunt dat het beroep van [appellant sub 8] niet-ontvankelijk is, omdat hij geen zienswijze over het ontwerptracébesluit naar voren heeft gebracht.

3.1. Ingevolge artikel 12, derde lid, van de Tracéwet, gelezen in samenhang met de artikelen 3:11, 3:15 en 3:16 van de Awb, wordt het ontwerp van het tracébesluit ter inzage gelegd voor de duur van zes weken en kunnen gedurende deze termijn zienswijzen naar voren worden gebracht door een ieder.

Ingevolge artikel 6:13 van de Awb, voor zover hier van belang, kan geen beroep worden ingesteld door een belanghebbende aan wie redelijkerwijs kan worden verweten dat hij geen zienswijzen als bedoeld in artikel 3:15 naar voren heeft gebracht.

3.2. Het ontwerptracébesluit is met ingang van 18 augustus 2010 voor de duur van zes weken ter inzage gelegd. Mede gezien het verhandelde ter zitting moet ervan worden uitgegaan dat [appellant sub 8] digitaal noch gedurende de informatiebijeenkomsten in Vught en Boxtel een zienswijze over het ontwerptracébesluit naar voren heeft gebracht. [appellant sub 8] heeft niet aannemelijk gemaakt dat hem dit redelijkerwijs niet kan worden verweten. Gelet hierop is zijn beroep niet-ontvankelijk.

4. De minister stelt zich op het standpunt dat de beroepen van [appellant sub 6] en anderen, [appellant sub 9], [appellant sub 11] en anderen, [appellant sub 13] en [appellant sub 14] slechts ontvankelijk zijn voor zover zij beroepsgronden aanvoeren over de ten opzichte van het ontwerptracébesluit gewijzigde onderdelen, nu zij geen zienswijze over het ontwerptracébesluit naar voren hebben gebracht.

4.1. Zoals vermeld in rechtsoverweging 3.2. is het ontwerptracébesluit met ingang van 18 augustus 2010 voor de duur van zes weken ter inzage gelegd. [appellant sub 6] en anderen, [appellant sub 9], [appellant sub 11] en anderen, [appellant sub 13] en [appellant sub 14] hebben geen zienswijze over het ontwerptracébesluit naar voren gebracht.

4.2. Voor zover [appellant sub 6] en anderen beroepsgronden aanvoeren over het te plaatsen geluidscherm ter hoogte van de woonwagenstandplaats Terraweg te Best, kan aan hen redelijkerwijs niet worden verweten dat zij daarover geen zienswijzen naar voren hebben gebracht, nu het tracébesluit op dit onderdeel gewijzigd is vastgesteld ten opzichte van het ontwerptracébesluit. Het beroep van [appellant sub 6] en anderen is in zoverre ontvankelijk.

4.3. Voor zover [appellant sub 9] beroepsgronden aanvoert over het te vervallen geluidscherm ter hoogte van Maurick te Vught, kan aan hem redelijkerwijs niet worden verweten dat hij daarover geen zienswijze naar voren heeft gebracht, nu het tracébesluit op dit onderdeel gewijzigd is vastgesteld ten opzichte van het ontwerptracébesluit. Het beroep van [appellant sub 9] is in zoverre ontvankelijk.

4.4. Voor zover [appellant sub 11] en anderen beroepsgronden aanvoeren over het aspect geluid, kan aan hen redelijkerwijs niet worden verweten dat zij daarover geen zienswijzen naar voren hebben gebracht, nu in het tracébesluit voor de woning gelegen aan de [locatie 1] te Eindhoven een hogere waarde van 58 dB op 7,5 m hoogte is vastgesteld ten opzichte van het ontwerptracébesluit. Het beroep van [appellant sub 11] en anderen is in zoverre ontvankelijk.

4.5. Voor zover [appellant sub 13] en [appellant sub 14] beroepsgronden aanvoeren over het ophogen met één meter van het gehele bestaande geluidscherm ter hoogte van de Boxtelseweg...

Om verder te lezen

PROBEER HET GRATIS UIT