Wraking van Rechtbank Roermond, 5 november 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak: 5 november 2012
Uitgevende instantie::Rechtbank Roermond
SAMENVATTING

Wraking ongegrond. Afwijken van de reguliere raadkamerdag voor de behandeling van hoger beroep tegen de afwijzing inbewaringstelling geen schijn van partijdigheid.

 
GRATIS UITTREKSEL

Beslissing

RECHTBANK

Wrakingskamer

Nummer: W 11/2012

Beslissing op het wrakingsverzoek van [verzoeker] (verder aangeduid als verzoeker) welk verzoek namens hem is ingediend door mr. P.H.P. van Vugt, advocaat te Eindhoven (verder ook aangeduid als de advocaat).

  1. Het ontstaan en het verloop van de procedure

    1.1. Op 5 november 2012 heeft de behandeling in raadkamer van de rechtbank Roermond (verder aangeduid als de raadkamer) plaatsgehad van het door het Openbaar Ministerie ingestelde hoger beroep tegen de beschikking van de rechter-commissaris d.d. 2 november 2012, houdende de afwijzing van de vordering in bewaringstelling van [verzoeker] voornoemd. De raadkamer bestaande uit mrs. [voorzitter] (voorzitter), [rechter 1] en [rechter 2] heeft bij de behandeling van het hoger beroep verzoeker, de advocaat en mr. [officier van justitie], officier van justitie, gehoord. Van die behandeling is een proces-verbaal opgemaakt. Uit dit proces-verbaal blijkt onder meer dat de advocaat bezwaar heeft gemaakt tegen behandeling van het hoger beroep op een dag, niet zijnde de reguliere dag waarop de raadkamer zitting heeft, te weten de donderdag. De advocaat heeft aanhouding verzocht van de behandeling van het hoger beroep tot de eerstkomende donderdag. De raadkamer heeft het aanhoudingsverzoek afgewezen, waarop de advocaat de drie leden van de raadkamer heeft gewraakt.

    1.2. Op 5 november 2012 heeft de behandeling van het wrakingsverzoek plaatsgehad. De rechtbank heeft op het verzoek gehoord, verzoeker, de advocaat en mr. [voorzitter], voorzitter van de raadkamer. Bij de behandeling was tevens aanwezig mr. [officier van justitie], officier van justitie. Nadat de rechtbank zich voor overleg in raadkamer heeft teruggetrokken, is diezelfde middag onder mededeling van de gronden waarop deze berust mondeling uitspraak gedaan; dit onder de mededeling dat de uitspraak zo spoedig mogelijk op schrift zal worden gesteld en aan partijen zal worden toegezonden.

  2. De gronden van het wrakingsverzoek

    2.1. Als grond voor het wrakingsverzoek is het volgende aangevoerd. De advocaat stelt zich op het standpunt dat de raadkamer met de weigering om de behandeling van het hoger beroep aan te houden tot de eerstkomende donderdag de objectieve schijn van partijdigheid heeft gewekt. Het is bestendig gebruik om ten aanzien van de behandeling van hoger beroepen niet af te wijken van de reguliere raadkamerdag. Een en ander is niet geregeld in het landelijk procesreglement en er is dan...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT