Eerste aanleg - meervoudig van Rechtbank Zutphen, 12 december 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:12 december 2012
Uitgevende instantie::Rechtbank Zutphen
SAMENVATTING

De heffingsambtenaar van de gemeente Harderwijk heeft aan eiser – en aan, voor zover van belang, 54 andere ondernemers in het centrumgebied van Harderwijk – een aanslag in de reclamebelasting opgelegd. De rechtbank heeft geoordeeld dat op grond van de in de Verordening van de gemeente Harderwijk opgenomen vrijstellingen een groot deel van in het centrumgebied aanwezige openbare aankondigingen... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Bestuursrecht

Meervoudige belastingkamer

Reg.nr.: 12/354 RECLBL

Uitspraak in het geding tussen:

[eiser]

te [plaats],

eiser,

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Harderwijk

verweerder.

  1. Procesverloop

    Verweerder heeft voor het belastingjaar 2011 aan eiser een aanslag in de reclamebelasting opgelegd van € 657. Eiser heeft daartegen bezwaar gemaakt. Bij uitspraak op bezwaar van

    2 februari 2012 heeft verweerder het bezwaar gegrond verklaard en de aanslag verminderd tot € 610.

    Eiser heeft beroep ingesteld. Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken en een verweerschrift ingezonden.

    Het beroep is behandeld ter zitting van 12 november 2012, waar eiser is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde mr. E.H.M. Schaakxs, advocaat te Amersfoort. Verweerder – [heffingsambtenaar] – is in persoon verschenen, vergezeld van mr. M.M. Franse.

  2. Overwegingen

    2.1 Op grond van artikel 227 van de Gemeentewet kan ter zake van openbare aankondigingen zichtbaar vanaf de openbare weg een reclamebelasting worden geheven.

    2.2 Op 9 december 2010 heeft de raad van de gemeente Harderwijk de Verordening op de heffing en invordering van Reclamebelasting 2011 (hierna: de Verordening) vastgesteld. Hierin is, voor zover van belang, vermeld:

    “Artikel 1

    Gebiedsomschrijving

    Centrumgebied A,: Donkerstraat, Wolleweverstraat tot hoek Donkerstraat

    Centrumgebied B: Vuldersbrink, Grote Haverstraat, Luttekepoortstraat tot aan de hoek Vitringasingel, Schoenmakersstraat, Smeepoortstraat tot en met de hoek Vitringasingel, Hondegatstraat, Bruggestraat vanaf de Donkerstraat tot aan de Bongerdsteeg

    Centrumgebied C: Vijhestraat, Strandboulevard, Vismarkt, Luttekepoortstraat vanaf de hoek Vitringasingel tot en met de rotondeBleekDoelenstraat, Smeepoortenbrink, Kloosterplein, Catharijnensteeg Kerkstraat, Rabbistraat, Grote Poortstraat, Nonnenstraat, Hoogstraat, academiestraat,

    Overige gebied D: Alle overige straten die niet voorkomen in de centrumgebieden A, B en C

    Artikel 2

    Belastbaar feit

    Onder de naam "reclamebelasting" wordt een directe belasting geheven ter zake van openbare aankondigingen zichtbaar vanaf de openbare weg.

    Artikel 3

    Belastingplicht

    De belasting wordt geheven van degene van wie, dan wel ten behoeve van wie, al dan niet met vergunning, de openbare aankondigingen worden aangetroffen.

    Artikel 4

    Tarieven

  3. De belasting wordt geheven naar de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tabel.

  4. Voor de berekening van de belasting wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt, tenzij anders is aangegeven.

  5. Bij de berekening van de belasting wordt de voor de belastingplichtige meest gunstige wijze van berekening gehanteerd.

    Artikel 5

    Wijze van heffing

  6. De belasting wordt geheven bij wege van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt verstaan een rekening of nota.

  7. In afwijking van het eerste lid worden de belastingen op jaarbasis geheven bij wege van aanslag.

  8. Belastingaanslagen van minder dan € 5,00 worden niet opgelegd. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van de op één aanslagbiljet verenigde belastingaanslagen aangemerkt als één belastingaanslag.

    Artikel 6

    Ontstaan van belastingschuld

  9. De belasting welke wordt geheven bij wege van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving is verschuldigd bij aanvang van de belastingplicht;

  10. De belasting geheven bij wege van aanslag is verschuldigd bij de aanvang van het belastingjaar of indien de belastingplicht op een later tijdstip aanvangt, op dat tijdstip;

    Artikel 7 Belastingjaar

    Indien het recht wordt geheven naar jaartarieven is het heffingstijdvak een kalenderjaar. In overige gevallen is het heffingstijdvak een kwartaal met dien verstande dat ook heffing voor elk belastbaar feit afzonderlijk kan plaatsvinden.

    (…).

    Artikel 9

    Aanvang en einde belastingplicht in de loop van het belastingjaar

  11. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, wordt de belasting genoemd in artikel 5, tweede lid, geheven over zoveel twaalfde gedeelten als na de aanvang van de belastingplicht nog volle kalendermaanden in het belastingjaar overblijven.

  12. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, wordt ontheffing verleend over zoveel twaalfde gedeelten van de in de tarieventabel opgenomen jaartarieven, als na het tijdstip van de beëindiging van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven,

    Artikel 10

    Vrijstellinge...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT