Voorlopige voorziening+bodemzaak van Rechtbank Haarlem, Voorzieningenrechter, December 18, 2012

Sprekergepubliceerd
Datum uitspraak2012/12/18
Uitgevende instantie:Voorzieningenrechter

RECHTBANK [woonplaats]

Sector bestuursrecht

zaaknummer: AWB 12/5034 en 12-5479

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 18 december 2012 van de voorzieningenrechter op het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening in de zaken tussen

[naam eiseres], te [woonplaats], eiseres

(gemachtigde: mr. P.H. van Dijck),

en

het college van burgemeester en wethouders van Haarlem, verweerder

(gemachtigden: T.A. van den Hof en J. van Duffelen).

Procesverloop

Bij besluit van 26 juni 2012 (het primaire besluit) heeft verweerder de uitkering die eiseres ontving in het kader van de Wet werk en bijstand (Wwb) beëindigd met ingang van 27 juni 2012 en ingetrokken per 11 juni 2012, omdat eiseres niet heeft voldaan aan de op haar rustende inlichtingenplicht.

Bij besluit van 23 oktober 2012 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard.

Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Dit beroep is geregistreerd onder nr. AWB 12/5479. Zij heeft voorts de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Dit verzoek is geregistreerd onder nr. AWB 12/5034.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 18 december 2012. Eiseres heeft zich laten vertegenwoordigen door haar gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigden.

Na afloop van de zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De voorzieningenrechter:

- verklaart het beroep ongegrond;

- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Overwegingen

  1. De voorzieningenrechter geeft hiervoor de volgende motivering.

  2. Op grond van artikel 8:86 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de voorzieningenrechter, als het verzoek om voorlopige voorziening wordt gedaan hangende het beroep bij de rechtbank, onmiddellijk uitspraak doen in de hoofdzaak, als nader onderzoek redelijkerwijs niet kan bijdragen aan de beoordeling van de zaak.

    De voorzieningenrechter ziet in dit geval aanleiding van deze bevoegdheid gebruik te maken.

  3. Bij brief van 7 maart 2012 heeft verweerder aan eiseres een statusformulier toegestuurd. Hij verzoekt haar dit formulier uiterlijk op 14 maart 2012 in te vullen en terug te sturen. Omdat eiseres aan dit verzoek niet had voldaan, heeft verweerder eiseres bij brief van 22 maart 2012 bericht dat haar uitkering per 14 maart 2012 is opgeschort. Verweerder heeft eiseres nogmaals verzocht de gevraagde gegevens toe te sturen. Eiseres heeft vervolgens het...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT