Eerste aanleg - meervoudig van Rechtbank 's-Gravenhage, 20 december 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:20 december 2012
Uitgevende instantie::Rechtbank 's-Gravenhage
SAMENVATTING

Herhaalde aanvraag, artikel 83 Vw 2000 ook van toepassing op in beroep overgelegde nova. Het bestreden besluit betreft een beslissing op een derde asielaanvraag. Eiser heeft in beroep nog een stuk overgelegd. De rechtbank is van oordeel dat het stuk op grond van artikel 83 van de Vw 2000 kan worden betrokken bij de beoordeling, maar dat wel beoordeeld dient te worden of het stuk een novum is. De... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK ’s-GRAVENHAGE

Sector Bestuursrecht

Zittinghoudende te Amsterdam

zaaknummer: AWB 10/1949

V-nr: 270.216.0103

uitspraak van de meervoudige kamer voor vreemdelingenzaken

in het geding tussen:

[eiser],

geboren op [1983], van Oezbeekse nationaliteit, eiser,

gemachtigde: mr. M. Woudwijk, advocaat te Amsterdam

en:

de minister voor Immigratie, Integratie en Asiel,

verweerder,

gemachtigde: mr. P.P. Zweedijk werkzaam bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst.

Procesverloop

Bij besluit van 18 december 2009 heeft verweerder de aanvraag van eiser van 17 februari 2009 tot verlening van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet (Vw) 2000 afgewezen. Op 21 december 2009 heeft de rechtbank het beroepschrift van eiser ontvangen.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 31 mei 2012. Eiser is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder is vertegenwoordigd door zijn gemachtigde, mr. Ch.R. Vink. Ook was ter zitting aanwezig S. Koopman, tolk Russisch.

De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting gesloten, maar bij beslissing van 24 juli 2012 het onderzoek heropend en de zaak doorverwezen voor behandeling door de meervoudige kamer. Het onderzoek ter zitting is door de meervoudige kamer voortgezet op 10 oktober 2012. Eiser is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder is vertegenwoordigd door zijn voornoemde gemachtigde. Ook is verschenen S. Koopman, tolk in de Russische taal. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting gesloten.

Eisers asielrelaas en eerdere asielaanvragen

  1. Eiser heeft op 14 oktober 2003 zijn eerste asielaanvraag ingediend. Deze aanvraag is afgewezen, hetgeen inmiddels in rechte vaststaat. Aan deze aanvraag heeft hij het volgende asielrelaas ten grondslag gelegd.

    Eisers vader werd in 1996 dood gevonden. Hij was directeur van een bouwbedrijf. Eisers moeder dacht dat zijn vader was vermoord en probeerde een onderzoek in te laten stellen door het Openbaar Ministerie (OM), maar dat lukte niet. Eisers moeder is in 1999 aangevallen en in het ziekenhuis beland. Vervolgens hebben eiser en zijn moeder hun appartement verlaten en is zijn moeder op een voor eiser onbekende plek gaan wonen. Zij probeerde zo min mogelijk contact met eiser te hebben, want zij vreesde voor zijn leven. Eiser verbleef bij zijn oom.

    In 2002 is eiser meegenomen door mannen in politie-uniformen en mishandeld. Eiser werd ondervraagd over de verblijfplaats van zijn moeder. Eiser is naar Moskou gegaan, maar is in februari 2003 teruggekeerd naar Oezbekistan, omdat hij illegaal in Moskou verbleef. Na zijn terugkeer is hij op de universiteit benaderd door onbekende mannen die hem bedreigden. Op 8 maart 2003 heeft eisers oom hem een oproep getoond van de politie, dat eiser zich moest melden als slachtoffer. Eiser is naar een ander appartement verhuisd en kwam zo min mogelijk buiten. Vervolgens heeft eiser het land in september 2003 verlaten.

    Eisers moeder bleek ook in Nederland te verblijven. Zij is in het bezit van een verblijfsvergunning regulier voor verblijf bij partner.

  2. Op 14 mei 2008 heeft eiser een tweede asielaanvraag ingediend. Daarbij heeft eiser een paspoort overgelegd en een tweetal oproepen voor militaire dienst van 2007 respectievelijk 2008. Die gegevens zijn niet aangemerkt als nieuwe feiten en omstandigheden en de aanvraag is afgewezen. Deze rechtbank, zittingsplaats Arnhem heeft het beroep gericht tegen de afwijzing ongegrond verklaard bij uitspraak van 13 juni 2008 (AWB 08/17918). Deze uitspraak is door de door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) bevestigd bij uitspraak van 16 juli 2008 (200804699/1).

  3. Eiser heeft op 17 februari 2009 de onderhavige asielaanvraag ingediend. Aan zijn derde asielaanvraag heeft eiser het volgende...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT