Voorlopige voorziening van Rechtbank Zwolle, March 12, 2013

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2013/03/12
Uitgevende instantie::Rechtbank Zwolle
SAMENVATTING

Omgevingsvergunning verleend voor het uitbreiden van een winkel en voor het bouwen van drie appartementen te Schalkhaar; voldoende gemotiveerd dat de afwijking van het bestemmingsplan niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening; afwijzing verzoek om een voorlopige voorziening.

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK OOST-NEDERLAND

Team bestuursrecht

Zittingsplaats Zwolle

Registratienummer: Awb 13/313

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoekers],

wonende te Schalkhaar,

en

het college van burgemeester en wethouders van Deventer,

verweerder,

[belanghebbende]

wonende te Schalkhaar,

Procesverloop

Bij besluit van 7 december 2012 heeft verweerder aan [belanghebbende] te Schalkhaar een omgevingsvergunning verleend voor het uitbreiden van een winkel en voor het bouwen van drie appartementen aan de (adressen] te Schalkhaar, op de percelen kadastraal bekend gemeente Diepenveen, sectie D, nrs. 03565 (G) en 02087 (G). Dit besluit is van 20 december 2012 tot en met 31 januari 2013 door verweerder ter inzage gelegd.

Verzoeker heeft daartegen bij brief van 28 januari 2013 beroep ingesteld. Dit beroep is geregistreerd onder nummer Awb 13/314.

Bij ongedateerd schrijven, ontvangen op 1 februari 2013, heeft verzoeker verzocht de voorlopige voorziening te treffen dat het bestreden besluit wordt geschorst.

De voorzieningenrechter heeft desgevraagd [belanghebbende] te Schalkhaar, hierna te noemen belanghebbende, in de gelegenheid gesteld om als belanghebbende partij deel te nemen aan dit geding.

Het verzoek is ter zitting van 5 maart 2013 behandeld. Verzoekers zijn in persoon verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door A.J. Duivenvoorde. Belanghebbende is in persoon verschenen.

Overwegingen

Op grond van artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) kan de voorzieningenrechter op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.

Voorzover hierbij het geschil in de bodemprocedure wordt beoordeeld, heeft het oordeel van de voorzieningenrechter daaromtrent een voorlopig karakter en is dat niet bindend voor de beslissing in die procedure.

Aan de [adres] te Schalkhaar is de elektronicazaak van belanghebbende gevestigd. Belanghebbende heeft het naastgelegen perceel, aan de [adres], gekocht. Op dit perceel staat momenteel een bungalow. Verzoekers wonen in een eengezinswoning aan de [adres]. De achtertuin van de woning van verzoekers loopt door tot achter het perceel [adres].

Belanghebbende is voornemens om, deels op een naast zijn zaak gelegen deel van het perceel [adres] en deels op het perceel [adres], een gebouw op te richten dat voorziet in een uitbreiding ten behoeve van zijn winkel en in de bouw van een drietal appartementen voor starters op de woningmarkt. Het gebouw zal daar waar het grenst aan de bestaande winkel van belanghebbende 7½ meter hoog worden en op het huidige perceel [adres] negen meter hoog. Er zal, zowel aan de zijkant als aan de achterkant van dit gebouw tot aan de grens van het perceel [adres] worden gebouwd. Daar waar het bouwperceel zijdelings grenst aan het perceel [adres] is het te bouwen gebouw voorzien van blinde muren.

Ter zitting is gebleken dat belanghebbende voornemens is om in het tweede kwartaal van 2013 een begin te maken met de werkzaamheden ten behoeve van de uitvoering van het bouwplan. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is dit voldoende om aan te nemen dat aan de zijde van verzoekers sprake is van spoedeisend belang, als bedoeld in artikel 8:81, eerste lid, van de Awb, bij het treffen van een voorlopige voorziening. Dat vooralsnog niet duidelijk is wanneer in het tweede kwartaal hiermee een begin zal worden gemaakt kan hieraan, naar het oordeel van de voorzieningenrechter, niet afdoen.

Verweerder heeft, ten behoeve van de realisering van het bouwplan, aan belanghebbende een omgevingsvergunning verleend ten behoeve van de volgende activiteiten, als bedoeld in de artikelen 2.1 en 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo):

- het bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1, eerste lid, onder a, Wabo);

- het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan (artikel 2.1, eerste lid, onder c...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT