Eerste aanleg - meervoudig van Rechtbank Assen, November 27, 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2012/11/27
Uitgevende instantie::Rechtbank Assen
SAMENVATTING

Het bewezen geachte levert op: ontucht plegen met zijn minderjarig stiefkind, strafbaar gesteld bij artikel 249 van het Wetboek van Strafrecht.

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK ASSEN

Sector strafrecht

Parketnummer: 19.830090-12

vonnis van de meervoudige strafkamer d.d. 27 november 2012 in de zaak van het openbaar ministerie tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1958,

wonende te [adres].

Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgehad op 13 november 2012.

De verdachte is verschenen en werd bijgestaan door mr. C.C.N. Brens-Cats, advocaat te Emmen.

De tenlastelegging

De verdachte is bij dagvaarding tenlastegelegd, dat

hij op verschillende tijdstippen, althans op enig tijdstip, in of omstreeks de periode van 1 mei 2010 tot en met 19 augustus 2011, te Meppel, althans in de gemeente Meppel, (telkens) ontucht heeft gepleegd met zijn minderjarig stiefkind [slachtoffer/S], geboren op [geboortedatum] 2000, bestaande die ontucht (telkens) hierin dat hij die [S] zijn, verdachte's penis en/of scrotum heeft laten betasten/vastpakken en/of aan

zijn, verdachte's penis heeft laten trekken.

art 249 lid 1 Wetboek van Strafrecht

Kennelijke taal- en/of schrijffouten in de tenlastelegging worden geacht te zijn verbeterd. De verdachte is daardoor, blijkens het onderzoek ter terechtzitting, niet geschaad in de verdediging.

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie mr. G. Souër acht hetgeen is tenlastegelegd wettig en overtuigend bewezen en vordert dat de rechtbank verdachte zal veroordelen tot een werkstraf van 240 uren, subsidiair 120 dagen hechtenis, alsmede tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden, voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren en onder de bijzondere voorwaarde van reclasseringstoezicht, zoals omschreven in de door de reclassering uitgebrachte rapportage. De vordering van de benadeelde partij dient te worden toegewezen tot het gevorderde bedrag onder oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

Bewijsmotivering

Nu verdachte hetgeen de rechtbank bewezen zal verklaren heeft bekend en nadien niet anders heeft verklaard en hij noch zijn raadsvrouwe vrijspraak heeft bepleit zal de rechtbank volstaan met een opgave van bewijsmiddelen.

- het proces-verbaal Informatief Gesprek Zeden met [de vader van S] en [S] d.d. 22 augustus 2011 ;

- de aangifte van [de vader van S] d.d. 31 augustus 2011 ;

- de verklaring van het slachtoffer [S] d.d. 6 september 2011 ;

- de verklaring van [de broer van S] d.d. 6 september 2011 ;

- de bekennende verklaring van verdachte bij de politie ;

- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting.

Hetgeen de rechtbank bewezen acht

De rechtbank acht wettig bewezen en zij heeft de overtuiging verkregen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij op verschillende tijdstippen, in de...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT