Herziening van Hoge Raad, March 19, 2013

Datum uitspraak:2013/03/19
Uitgevende instantie::Hoge Raad
SAMENVATTING

Herziening. Geen herziening mogelijk van een beschikking van de Voorzitter van het Hof om het h.b. buiten behandeling te laten a.b.i. art. 410a.4 Sv, omdat die beschikking niet is een uitspraak houdende een veroordeling i.d.z.v. art. 457.1 Sv.

 
GRATIS UITTREKSEL

19 maart 2013

Strafkamer

nr. S 12/01391 H

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op een aanvraag tot herziening van een beschikking als bedoeld in art. 410a, vierde lid, Sv van de Voorzitter van het Gerechtshof te Arnhem van 8 januari 2008, nummer 21/004024-07, alsmede van een vonnis van de Politierechter in de Rechtbank Arnhem van 10 oktober 2007, nummer 05/508349-07, ingediend door:

[Aanvrager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1966.

  1. De uitspraken waarvan herziening is gevraagd

    De Voorzitter van het Hof heeft beslist dat buiten behandeling wordt gelaten het door de aanvrager ingestelde hoger beroep tegen een vonnis van de Politierechter in de Rechtbank Arnhem van 10 oktober 2007 waarbij de aanvrager is veroordeeld ter zake van 1. "wederspannigheid" tot een geldboete van € 170,-, subsidiair 3 dagen hechtenis, en wegens 2. "niet voldoen aan de verplichting om een identiteitsbewijs ter inzage aan te bieden, hem opgelegd bij art. 2 van de Wet op de identificatieplicht" tot een geldboete van € 50,-, subsidiair 1 dag hechtenis.

  2. De aanvraag tot herziening

    De aanvraag tot herziening is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

  3. Beoordeling van de aanvraag

    3.1. Voor zover de aanvraag is gericht tegen de beschikking van de Voorzitter van het Gerechtshof te Arnhem van 8 januari 2008, zal deze niet tot herziening kunnen leiden, omdat die beschikking niet is een uitspraak houdende een veroordeling in de zin van art. 457, eerste lid, Sv. De aanvraag kan daarom - gelet op art. 465, eerste lid, Sv - in zoverre niet worden ontvangen.

    3.2.1. Voor zover de aanvraag is gericht tegen het vonnis van de Politierechter in de Rechtbank Arnhem van 10 oktober 2007 geldt het volgende.

    3.2.2. Als grondslag voor een herziening kan, voor zover hier van belang, krachtens het eerste lid aanhef en onder c van art. 457 Sv slechts dienen een door bescheiden gestaafd gegeven dat bij het onderzoek op de terechtzitting aan de rechter niet bekend was en dat het ernstige vermoeden wekt dat indien dit gegeven bekend zou zijn geweest, het...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT