Wraking van Rechtbank Oost-Nederland, 28 maart 2013

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:28 maart 2013
Uitgevende instantie::Rechtbank Oost-Nederland
 
GRATIS UITTREKSEL

beschikking

Rechtbank Oost-Nederland

Zittingsplaats Almelo

zaaknummer / rekestnummer: C/08/136482 / KG RK 13-163

Datum beschikking: 28 maart 2013

Beschikking van de wrakingskamer op een verzoek tot wraking als bedoeld in

artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) gedaan door:

[verzoeker],

wonende te [plaats],

verzoeker tot wraking,

advocaat mevrouw mr. M.M. van Wijk te Leiden,

strekkende tot wraking van

mr. H.W.H. Oude Aarninkhof, in haar hoedanigheid van voorzieningenrechter in de rechtbank Oost Nederland, zittingsplaats Almelo, (hierna ook: de rechter).

  1. Het procesverloop

    1.1 Bij de rechtbank Oost-Nederland, zittingsplaats Almelo, is onder zaaknummer 136164 KG ZA 13-63 aanhangig een procedure tussen mevrouw [eiseres in kort geding] als eisende partij, verder te noemen: de vrouw en verzoeker als gedaagde partij.

    1.2 [Verzoeker] heeft bij schriftelijk wrakingsverzoek van 27 maart 2013, ingekomen 27 maart 2013, verzocht mr. H.W.H. Oude Aarninkhof te wraken.

    1.3 De rechter heeft niet berust in de wraking en heeft op 27 maart 2013 schriftelijk gereageerd.

    1.4 Op 28 maart 2013 is een brief van mr. Van Wijk, raadsvrouw van verzoeker, ontvangen.

    1.5 Het wrakingsverzoek is behandeld ter openbare zitting van de meervoudige kamer voor burgerlijke zaken (verder te noemen de wrakingskamer) van 28 maart 2013.

    Bij de mondelinge behandeling is verzoeker verschenen, samen met zijn raadsvrouw mr. M.M. van Wijk. Voorts zijn verschenen de vrouw en haar raadsman mr. B. Bentem, advocaat te Enschede. De rechter heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om ter zitting te worden gehoord.

  2. Het wrakingsverzoek

    2.1 Het verzoek tot wraking is gericht tegen mr. Oude Aarninkhof als behandelend voorzieningenrechter in eerder vermelde zaak tussen [eiseres in kort geding] en verzoeker.

    2.2 Verzoeker heeft, zakelijk weergegeven, het volgende aan zijn verzoek ten grondslag gelegd:

    De raadsvrouw van verzoeker heeft zich op 19 maart 2013 per fax tot de rechtbank Almelo gewend met het verzoek de zaak te verwijzen naar de rechtbank Den Haag. Dit omdat niet alleen de gedaagde partij woonachtig is in dat arrondissement, maar tevens de minderjarige om wie het gaat en over wie de gedaagde partij alleen het gezag uitoefent. Ook moet de voorziening die gevorderd wordt uitvoering krijgen in het arrondissement Den Haag. De raadsvrouw van verzoeker heeft op 20 maart 2013 een telefoontje van de griffie van de rechtbank Almelo ontvangen, waarin werd medegedeeld...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT