Voorlopige voorziening van Centrale Raad van Beroep, 9 april 2013

Datum uitspraak: 9 april 2013
Uitgevende instantie::Centrale Raad van Beroep
SAMENVATTING

Afwijzing aanvraag ingevolge de WWB. Gezamenlijke huishouding.

 
GRATIS UITTREKSEL

13/1022 WWB, 13/1023 WWB-VV

Centrale Raad van Beroep

Voorzieningenrechter

Uitspraak op het verzoek om voorlopige voorziening

Partijen:

[A. te B.] (verzoekster)

het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam (college)

Datum uitspraak 9 april 2013.

PROCESVERLOOP

Namens verzoekster heeft mr. J.C. Walker, advocaat, hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam van 24 januari 2013, 12/6384 en 12/6385 (aangevallen uitspraak). Tevens is een verzoek om een voorlopige voorziening gedaan.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 26 maart 2013. Voor verzoekster is verschenen mr. Walker. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. H. Saygi.

OVERWEGINGEN

  1. De voorzieningenrechter gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.

    1.1. Verzoekster heeft zich op 8 oktober 2012 gemeld voor het aanvragen van bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand (WWB). Bij de aanvraag heeft verzoekster als gewenste ingangsdatum van de bijstand 1 oktober 2012 opgegeven, omdat haar geregistreerd partnerschap per 30 september 2012 is beëindigd. Verzoekster heeft vanaf 6 januari 2005 een geregistreerd partnerschap gehad met G. [L.] (ex-partner). Verzoekster heeft een verklaring van de hoofdbewoner A. [naam hoofdbewoner] ingeleverd, inhoudende dat haar kamerhuur vanaf 1 oktober 2012 € 350,-- per maand bedraagt.

    1.2. Naar aanleiding van deze aanvraag hebben twee handhavingspecialisten van de Dienst Werk en Inkomen van de gemeente Amsterdam op 24 oktober 2012 een huisbezoek afgelegd aan de woning van verzoekster op het adres [uitkeringsadres] (uitkeringsadres). Daarbij heeft verzoekster een verklaring afgelegd over haar woon- en leefsituatie, is de woning bezichtigd en heeft verzoekster een aanvullende verklaring afgelegd over de aangetroffen situatie. De bevindingen van dit onderzoek zijn neergelegd in een rapport van 25 oktober 2012.

    1.3. Op basis van de onderzoeksbevindingen heeft het college bij besluit van 1 november 2012 afwijzend beslist op de aanvraag van verzoekster. Bij besluit van 18 december 2012 (bestreden besluit) heeft het college het bezwaar tegen het besluit van 1 november 2012 ongegrond verklaard. Aan het bestreden besluit ligt ten grondslag dat verzoekster een gezamenlijke huishouding voert met [naam hoofdbewoner], hoofdbewoner en tevens oom van verzoekster, zodat zij niet in aanmerking kan komen voor de gevraagde bijstand naar de norm voor een alleenstaande.

  2. Bij de aangevallen...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT