Eerste aanleg - meervoudig van Gerechtshof Amsterdam, Ondernemingskamer, 28 maart 2013

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:28 maart 2013
Uitgevende instantie::Ondernemingskamer
SAMENVATTING

Uitspraak Ondernemingskamer 28 maart 2013; Barta / AAA Auto Group N.V.,

 
GRATIS UITTREKSEL

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

BESCHIKKING in de zaak met zaaknummer 200.124.087/01 OK van

  1. J. BARTA,

    wonende te Praag, Tsjechische Republiek,

  2. O. FRYC,

    wonende te Sázava, Tsjechische Republiek,

    VERZOEKERS,

    advocaten: mr. P. Cronheim en mr. J.L. van der Schrieck, kantoorhoudende te Amsterdam,

    t e g e n

    de naamloze vennootschap

    AAA AUTO GROUP N.V.,

    statutair gevestigd te Amsterdam,

    VERWEERSTER,

    advocaten: mr. S.J.H.M. Berendsen en mr. A.J. Kok, kantoorhoudende te Amsterdam,

    e n t e g e n

  3. de vennootschap naar buitenlands recht

    AUTOMOTIVE INDUSTRIES S.Á.R.L.,

    gevestigd te Luxemburg, Luxemburg,

  4. A.J. DENNY,

    wonende te Praag, Tsjechische Republiek,

    BELANGHEBBENDEN,

    advocaten: mr. M.W.E. Evers en mr. P.B.H.A. van Schaik, kantoorhoudende te Amsterdam.

  5. Het verloop van het geding

    1.1 Verzoekers zullen hierna worden aangeduid als Barta respectievelijk Fryc (en tezamen als verzoekers) en worden begrepen onder de som van de ‘minderheidsaandeelhouders’, verweerster zal worden aangeduid als AAA en belanghebbenden als Automotive respectievelijk Denny dan wel, tezamen, de Meerderheidsaandeelhouder.

    1.2 Bij verzoekschrift met producties, ingekomen ter griffie van de Ondernemingskamer op 25 maart 2013, hebben verzoekers de Ondernemingskamer - zakelijk weergegeven - verzocht bij beschikking, uitvoerbaar bij voorraad,

    1) een onderzoek te bevelen naar het beleid en de gang van zaken van AAA;

    2) bij wijze van onmiddellijke voorziening voor de duur van het geding, en voor zover nodig in afwijking van de statuten van AAA:

    a) AAA te bevelen (de oproeping voor) de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders van 29 maart 2013 (hierna: de BAvA) in te trekken;

    b) het stemrecht van de Meerderheidsaandeelhouder ter zake van de voor de BAvA geagendeerde besluiten te schorsen;

    c) (eventueel) reeds genomen besluiten van het bestuur van AAA welke verband houden met de voor de BAvA geagendeerde besluiten, te schorsen en de uitvoering daarvan te verbieden;

    d) AAA te verbieden (rechts)handelingen te verrichten welke verband houden met (het voorbereiden van) het beëindigen van de notering van de aandelen in haar aandelen-kapitaal aan de Prime Market van de Burza cenných papíru Praha, a.s. (hierna: de PSE) en de Budapesti Értékõzsde Zrt (hierna: de BSE);

    e) zodanige onmiddellijke voorzieningen te treffen als de Ondernemingskamer geraden acht;

    3) AAA te veroordelen in de kosten van deze procedure.

    1.3 AAA heeft bij verweerschrift met producties, ingekomen ter griffie van de Ondernemingskamer op 27 maart 2013, de Ondernemingskamer verzocht het verzoek van verzoekers niet-ontvankelijk te verklaren, althans dit af te wijzen.

    1.4 Op 28 maart 2013 is ter griffie van de Ondernemingskamer namens verzoekers een (tweede) verzoekschrift met producties ingekomen dat identiek is aan het hiervoor in 1.2 bedoelde verzoekschrift met producties (hierna: het tweede verzoek).

    1.5 Ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 28 maart 2013 is eerst de ontvankelijkheid van het in 1.2 bedoelde verzoek aan de orde gesteld. Mr. Van der Schrieck namens verzoekers, mr. Evers namens de Meerderheidsaandeelhouder en de advocaten van AAA hebben dit onderdeel van het geschil nader toegelicht, allen aan de hand van op voorhand aan de Ondernemingskamer en de wederpartijen gezonden nadere brieven (met producties).

    1.6 Na beraad in raadkamer heeft de Ondernemingskamer het in 1.2 bedoelde verzoek ontvankelijk verklaard. Daarop heeft mr. Van der Schrieck namens verzoekers het tweede verzoek ingetrokken.

    1.7 Vervolgens is de behandeling van het (in 1.2 bedoelde, resterende) verzoek van verzoekers voortgezet en hebben de advocaten de standpunten van de door hen gerepresenteerde partijen nader toegelicht, allen aan de hand van aan de Ondernemingskamer en de wederpartijen overgelegde pleitaantekeningen en wat mr. Van der Schrieck betreft onder overlegging van een - op voorhand aan de Ondernemingskamer en de wederpartijen gezonden - nadere productie en wat mr. Berendsen betreft onder overlegging van een nadere productie.

    1.8 Nadat de advocaten vragen van de zijde van de Ondernemingskamer hebben beantwoord, heeft mr. Van der Schrieck de Ondernemingskamer nog verzocht het tweede verzoek met het in 1.2 bedoelde verzoek te voegen. Vervolgens is de behandeling van de zaak geschorst onder aankondiging dat later die dag uitspraak zou worden gedaan.

    1.9 Na hervatting van de zitting heeft de Ondernemingskamer ter openbare terechtzitting uitspraak gedaan met een verkorte motivering en aangekondigd dat de volledige op schrift gestelde uitspraak zo spoedig mogelijk zal volgen.

  6. De feiten

    2.1 AAA is de tophoudstermaatschappij van een internationale groep vennootschappen (hierna: de AAA Auto groep) die zich richt op de handel in tweedehands auto’s en daarmee samenhangende financiële dienstverlening in Centraal en Oost Europa. Na enkele moeilijke jaren stijgen de resultaten van de AAA Auto groep sinds 2010 weer: de omzet over 2010, 2011 en 2012 bedroeg respectievelijk circa € 205 miljoen, € 276 miljoen en € 336 miljoen, de geconsolideerde netto winst respectievelijk circa € 5 miljoen, € 10 miljoen en € 22 miljoen. De groep heeft ongeveer 1.700 werknemers in dienst.

    2.2 Denny is de enig aandeelhouder van Automotive. Hij stond in 1992, met de start van de import van gebruikte auto’s naar Tsjechië, aan de wieg van de AAA Auto groep. Tot augustus 2007 was Denny enig aandeelhouder van AAA.

    2.3 In het najaar van 2007 is AAA door middel van een initial public offering (IPO) van 17.757.875 nieuwe aandelen naast de reeds bestaande 50.000.000 aandelen (alle ad € 0,10 nominaal) genoteerd aan de beurzen van Praag (de PSE) en Boedapest (de BSE). De prijs werd daarbij vastgesteld op CZK 55 (circa € 2) per aandeel; de opbrengst van de IPO was circa € 34,5 miljoen (netto circa € 32 miljoen).

    2.4 In het in het kader van de beursgang opgestelde prospectus van 28 augustus 2007 is - in het hoofdstuk Risk Factors - onder meer te lezen dat het doel van de IPO was “to facilitate the continued growth and development” van de AAA Auto groep, dat Automotive na voltooiing van de IPO ongeveer 73,8% van de aandelen AAA zou houden en daarmee “the power to control and/or significantly influence the results of shareholders votes” en dat Automotive “may support strategies and directions that are in its best interest but (…) may differ from the interests of the Group and our other shareholders”.

    2.5 Ditzelfde hoofdstuk van het prospectus vermeldt dat de handel en koers van aan de PSE en BSE genoteerde aandelen aanzienlijk kunnen fluctueren en dat dergelijke fluctuaties vaak “unrelated or disproportionate” zijn in verhouding tot de “operating performance” van de betrokken ondernemingen. Voorts wordt vermeld dat er geen zekerheid bestaat dat “any active trading market for the Offer Shares will develop or be sustained after the Offering, or that the Offer Price will correspond to the price at which the Offer Shares will trade in the public market subsequent to the Offering”. Ook wordt in het prospectus gewezen op de omstandigheid dat (per 31 mei 2007) aan de PSE 31 fondsen, en aan de BSE 41 fondsen waren genoteerd en dat in 2006 het overgrote deel (meer dan 95%) van de totale waarde en van het totale handelsvolume van de PSE en BSE werd veroorzaakt door 10 respectievelijk 18 fondsen en dat, ook al wordt verwacht dat het aandeel AAA op de “main market” van de PSE en de “A category” van de BSE zal worden genoteerd, “[t]here is no guarantee that the Offer Shares (…) will be actively traded, and if they are not, this is...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT