Hoger beroep kort geding van Gerechtshof 's-Hertogenbosch, May 28, 2013

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2013/05/28
Uitgevende instantie::Gerechtshof 's-Hertogenbosch
SAMENVATTING

kort geding; geen belang meer bij verbod op storende handelingen wegens verhuizing.

 
GRATIS UITTREKSEL

GERECHTSHOF ‘s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht

zaaknummer HD 200.107.707/01

arrest van 28 mei 2013

in de zaak van

[appellante],

wonende te [woonplaats],

appellante,

advocaat: mr. G.A.J.M. Niederer,

tegen:

  1. [geïntimeerde sub 1],

  2. [geïntimeerde sub 2],

    beiden wonende te [woonplaats],

    geïntimeerden,

    advocaat: mr. N.M. van Wijk,

    op het bij exploot van dagvaarding van 24 mei 2012 ingeleide hoger beroep van het door de voorzieningenrechter van de rechtbank Maastricht gewezen vonnis in kort geding van

    26 april 2012 tussen appellante - [appellante] - als eiseres en geïntimeerden - [geïntimeerde sub 1] en [geïntimeerde sub 2] - als gedaagden.

  3. Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 170031/KG ZA 12-119)

    Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis in kort geding.

  4. Het geding in hoger beroep

    2.1. Bij memorie van grieven heeft [appellante] acht producties overgelegd, twee grieven aangevoerd en geconcludeerd tot vernietiging van het vonnis waarvan beroep en, kort gezegd, bij arrest uitvoerbaar bij voorraad,

    - [geïntimeerde sub 1] en [geïntimeerde sub 2] te verbieden vanaf een dag na betekening van het arrest om op enigerlei wijze contact op te nemen met [appellante] en/of haar huisgenoten dan wel [appellante] en/of haar huisgenoten in de openbare ruimte te benaderen dan wel te volgen, op straffe van een dwangsom van € 100,-- per overtreding met een maximum van € 5.000,--, met machtiging op [appellante] om de verboden zo nodig te doen naleven met behulp van de sterke arm van politie en justitie,

    - [geïntimeerde sub 1] en [geïntimeerde sub 2] te bevelen om binnen twee dagen na betekening van het arrest de woning aan de [straatnaam 1] [huisnummer A] te [woonplaats] te verlaten en daarin niet terug te keren, op straffe van een dwangsom van € 500,-- per dag met een maximum van € 10.000,--, met machtiging op [appellante] om de naleving hiervan zo nodig te doen naleven met behulp van de sterke arm van politie en justitie,

    - met veroordeling van [geïntimeerde sub 1] en [geïntimeerde sub 2] in de kosten van beide instanties.

    2.2. Bij memorie van antwoord hebben [geïntimeerde sub 1] en [geïntimeerde sub 2] zes producties overgelegd en de grieven bestreden.

    2.3. [appellante] heeft vervolgens een akte met één productie genomen, waarna [geïntimeerde sub 1] en [geïntimeerde sub 2] een antwoordakte met twee producties hebben genomen..

    2.4. [appellante] heeft daarna de gedingstukken overgelegd en partijen hebben uitspraak gevraagd.

  5. De...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT