Voorlopige voorziening van Rechtbank Rotterdam, Voorzieningenrechter, 10 juni 2013

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:10 juni 2013
Uitgevende instantie::Voorzieningenrechter
 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Bestuursrecht 3

zaaknummer: ROT 13/2748

uitspraak van de voorzieningenrechter van 10 juni 2013 op het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak tussen

[naam], te [woonplaats], verzoeker,

gemachtigde: mr. D.N.J. van Horssen,

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bernisse, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 23 april 2013 (het bestreden besluit) heeft verweerder eiser gelast om binnen één dag na de verzenddatum van het besluit het met het bestemmingsplan strijdige gebruik op het bedrijventerrein aan [adres] te Zuidland te beëindigen en beëindigd te houden op straffe van het verbeuren van een dwangsom van € 100.000 ineens.

Tegen dit besluit heeft verzoeker bezwaar gemaakt.

Voorts heeft verzoeker de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

Bij mondelinge uitspraak van 26 april 2013 heeft de rechtbank het bestreden besluit geschorst.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 24 mei 2013. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door

mr. H.E. Jansen. Voorts was aanwezig S. van der Weg, wethouder ruimtelijke ordening.

Overwegingen

  1. Bij de beoordeling van het geschil neemt de voorzieningenrechter de volgende, niet door partijen betwiste, feiten als vaststaand aan. Verzoeker heeft op 1 juni 2012 een huurovereenkomst gesloten met [huurder]. Het verhuurde bestaat uit een loods van 400 m2 (de loods) en een kantoor van 200 m2 (het kantoor), met bijbehorend terrein (het terrein) aan [adres] in Zuidland. Het overeengekomen gebruik betreft het stallen van vrachtauto’s in het weekend en het indien nodig repareren van vrachtauto’s, waarbij aan verzoeker bekend was dat in (de cabines van) die vrachtwagens ook zou kunnen worden geslapen door de chauffeurs van die wagens. In het kantoorgedeelte is gelegenheid om te douchen aanwezig en een kantine, waarin kan worden verbleven en gegeten en gedronken.

  2. Verweerder heeft, verkort weergegeven, aan het bestreden besluit ten grondslag gelegd dat de panden en bijbehorende percelen aan [adres] vallen onder het bestemmingsplan Kerkweg Zuidland. Daarop rust de bestemming bedrijfsdoeleinden, waarbinnen bedrijven zijn toegestaan die vallen binnen de categorieën 1 tot en met 3 van de staat van inrichtingen. Hieronder vallen reparatiebedrijven. Naar de opvatting van verweerder is het op grond van het bestemmingsplan echter niet toegestaan om gelegenheid tot logies/overnachten te bieden op een perceel met deze bestemming. Uit de verklaringen van de ter plekke aanwezige mevrouw [naam] is gebleken dat bij een controle op

    6 april 2013, omstreeks 22.30 uur, er (alleen) werd geslapen in de cabines van de vrachtwagens die op het terrein stonden geparkeerd. Dit is volgens verweerder in strijd met artikel 15, eerste lid, van het bestemmingsplan Kerkweg Zuidland. Door het zonder...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT