Wraking van Rechtbank Rotterdam, 11 juni 2013

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:11 juni 2013
Uitgevende instantie::Rechtbank Rotterdam
SAMENVATTING

Wrakingsverzoek afgewezen. Bepalend is of de vrees voor partijdigheid zich voordoet bij de procespartij; niet bij de advocaat van de procespartij. De omstandigheid dat de advocaten van verzoekers vanwege het indienen van een klacht over de rechter vrezen voor enig nadeel voor hun cliënt in een andere, door de rechter te behandelen zaak dan die, naar aanleiding waarvan is geklaagd, vormt op... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Meervoudige kamer voor wrakingszaken

Uitspraak: 11 juni 2013

Zaaknummers: 424101 en 424107

Rekestnummers: HA RK 13-139 en HA RK 13-370

Beslissing van de meervoudige kamer op de verzoeken van:

[naam verzoekster],

wonende te [adres],

verzoekster,

advocaat mr. S.C. van Paridon

en

[naam verzoeker],

wonende te [adres],

verzoeker,

advocaat mr. A.F.M. den Hollander,

strekkende tot wraking van mr. J.C.W. Bogaards, rechter tevens kinderrechter in de rechtbank Rotterdam, afdeling privaatrecht, team jeugd (hierna: de rechter).

  1. Het procesverloop en de processtukken

    Ter zitting met gesloten deuren van de meervoudige kamer in de rechtbank Rotterdam, van welke kamer de rechter deel uitmaakt, zijn behandeld de verzoekschriften van de raad voor de kinderbescherming te Rotterdam tot - kort samengevat - de ondertoezichtstelling en de uithuisplaatsing van de minderjarigen [naam kind 1] en [naam kind 2]. Die procedure draagt als kenmerk C/10/414901 / JE RK 12-3737.

    Bij gelegenheid van die behandeling heeft de raadsman van verzoekster de rechter gewraakt, bij welk wrakingsverzoek de raadsman van verzoeker zich heeft aangesloten.

    De wrakingskamer heeft kennis genomen van het dossier van de hiervoor omschreven familierechtelijke procedure, in welk dossier zich onder meer bevindt het proces-verbaal van de hiervoor bedoelde zitting.

    Verzoekers, hun advocaten, de rechter, de raad voor de kinderbescherming, de William Schrikker Stichting Jeugdbescherming, alsmede de heer [naam vader van kind 1] zijn verwittigd van de datum waarop het wrakingsverzoek zou worden behandeld en zijn voor de zitting uitgenodigd.

    De rechter is in de gelegenheid gesteld voorafgaande aan de zitting schriftelijk te reageren. De rechter heeft van die gelegenheid geen gebruik gemaakt.

    Ter zitting van 28 mei 2013, alwaar de gedane wraking is behandeld, zijn verschenen:

    de advocaten van verzoekers (hierna gezamenlijk ook: de advocaten), de rechter, alsmede de heer F. Dekkers namens de raad voor de kinderbescherming. De advocaten van verzoekers en de rechter hebben ieder hun standpunt (nader) toegelicht.

    Behalve de hiervoor genoemde stukken heeft de wrakingskamer voorts nog kennis genomen van:

    - het e-mailbericht van mr. Van Paridon aan de secretaris van de wrakingskamer van 24 mei 2013, met bijlage;

    - de brief van de president van deze rechtbank aan mr. Van Paridon, gedateerd 24 mei 2013, met bijlagen;

    - het e-mailbericht van mr. Van Paridon aan (onder meer) de...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT