Eerste aanleg - meervoudig van Rechtbank Oost-Brabant, 17 juni 2013

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:17 juni 2013
Uitgevende instantie::Rechtbank Oost-Brabant
SAMENVATTING

Wet vervoer gevaarlijke stoffen. Europees verdrag betreffende het internationaal vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg (ADR). Uitleg van bepaling. Verschillende taalversies. De rechtbank is van oordeel dat verweerder zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat de periode van vijf jaar in sectie 4.1.1.15 van het ADR een maximale gebruiksduur van vijf jaar behelst. Weliswaar betoog... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK OOST-BRABANT

Zittingsplaats ‘s-Hertogenbosch

Bestuursrecht

zaaknummer: SHE 13/159

uitspraak van de meervoudige kamer van 17 juni 2013 in de zaak tussen

Unipol Holland B.V., te Oss, eiseres,

(gemachtigde: mr. K. Vierhout),

en

de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, verweerder,

(gemachtigden: mr. M.B. Gschwind, mr. S.B.J. Teuwen).

Procesverloop

Bij besluit van 27 juni 2012 (het primaire besluit) heeft verweerder aan eiseres een last onder dwangsom opgelegd wegens overtreding van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (Wvgs).

Tegen dit besluit heeft eiseres bezwaar gemaakt.

Bij besluit van 13 december 2012 (het bestreden besluit I) heeft verweerder beslist op het bezwaar van eiseres.

Tegen het bestreden besluit I heeft eiseres beroep ingesteld.

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

Bij brief van 4 april 2013 heeft eiseres nadere stukken ingediend.

Bij brief van 4 april 2013 heeft verweerder nadere stukken ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 16 april 2013. Namens eiseres zijn verschenen, [persoon A] en [persoon B], bijgestaan door de gemachtigde van eiseres. Namens verweerder zijn verschenen [persoon C] en [persoon D], bijgestaan door de gemachtigden van verweerder.

Bij brief van 26 april 2013 heeft verweerder bericht dat tussen verweerder en eiseres overleg heeft plaatsgevonden en dat overeengekomen is dat de begunstigingstermijn in een nieuw te nemen beslissing op bezwaar zal worden aangepast.

Bij besluit van 26 april 2013 (bestreden besluit II) heeft verweerder het bestreden I ingetrokken en opnieuw op het bezwaar van eiseres beslist.

Bij brief van 2 mei 2013 heeft eiseres hierop gereageerd.

Bij brief van 13 mei 2013 heeft de rechtbank partijen meegedeeld dat zij het onderzoek heeft heropend, dat het beroep geacht wordt mede te zijn gericht tegen het bestreden besluit II en heeft zij gevraagd welk procesbelang eiseres heeft bij de beoordeling van het beroep tegen het bestreden besluit I en of partijen de rechtbank toestemming de zaak zonder nadere zitting af te doen.

Bij brief van 15 mei 2013 heeft eiseres meegedeeld geen proces belang meer te hebben bij de beoordeling van het beroep tegen het bestreden besluit I en de gevraagde toestemming verleend.

Bij brief van 17 mei 2013 heeft verweerder de gevraagde toestemming verleend.

Bij brief van 21 mei 2013 heeft de rechtbank partijen meegedeeld dat zij het onderzoek heeft gesloten.

Overwegingen

  1. De rechtbank verklaart het beroep van eiseres...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT