Eerste aanleg - enkelvoudig van Rechtbank Noord-Holland, Sector kanton, June 18, 2013

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2013/06/18
Uitgevende instantie::Sector kanton
SAMENVATTING

Proceskostenvergoeding in Mulderzaak toegewezen. Bestaat er een familierelatie tussen betrokkene en diens gemachtigde zodat het verzoek moet worden afgewezen?

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling Privaatrecht

Sectie Kanton – locatie Haarlem

zaak/rolnr.: 585367 \ WM VERZ 12-2885

CJIB-nummer: 153923198

CVOM-nummer: V74050

datum uitspraak: 18 juni 2013

Beschikking in het kader van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) inzake:

naam [verzoeker]

adres [adres]

woonplaats [adres]

verder te noemen betrokkene,

naam mr. C. van Aken

adres Markt 33

woonplaats 4931 BR Geertruidenberg

verder te noemen de gemachtigde

met betrekking tot de beslissing van de officier van justitie van 30 oktober 2012 inzake het verzoek van betrokkene om een proceskostenvergoeding.

Procesverloop en vaststaande feiten

  1. De gedraging - waarvoor de in deze procedure bedoelde administratieve sanctie is opgelegd - luidt, kort omschreven, als volgt: overschrijding maximumsnelheid binnen bebouwde kom, met 4 km/h.

  2. Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen de administratieve sanctie.

  3. De officier van justitie heeft wegens termijnoverschrijding de beschikking van

    18 juli 2011 van op 9 maart 2012 vernietigd.

  4. Betrokkene heeft tegen deze beslissing op 16 februari 2012 bij de officier van justitie bezwaar gemaakt, omdat niet was beslist op het verzoek om een proceskostenvergoeding.

  5. Bij brief van 9 maart 2012 heeft de officier van justitie -kort gezegd- aan betrokkene nadere inlichtingen verzocht ten aanzien van de vraag welke familierelatie er bestaat tussen de gemachtigde en betrokkene.

  6. Bij brief van 14 mei 2012 heeft (de gemachtigde van) betrokkene een inhoudelijke reactie gegeven op het verzoek van de officier van justitie.

  7. Bij beslissing van 30 oktober 2012 heeft de officier van justitie het verzoek om kostenvergoeding afgewezen.

  8. Het CVOM heeft het dossier in deze zaak doorgezonden aan deze rechtbank, waar het dossier op 4 december 2012 ter griffie is ingekomen.

  9. Bij brief van 30 januari 2013, ontvangen ter griffie op 4 februari 2012, heeft de gemachtigde van betrokkene zijn standpunt nader toegelicht en waar nodig aangevuld.

  10. Partijen hebben de rechtbank op grond van artikel 8:57 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) schriftelijk toestemming verleend om de zaak zonder zitting af te doen.

    Beoordeling

  11. De officier van justitie heeft op 30 oktober 2012 afwijzend beslist op het verzoek van betrokkene om een proceskostenvergoeding.

  12. Op grond van het bepaalde bij artikel 6:7 Awb dient betrokkene tegen die beslissing van de officier van justitie binnen zes weken in beroep te komen bij de...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT