Verzet van Gerechtshof 's-Gravenhage, 27 november 2009

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:27 november 2009
Uitgevende instantie::Gerechtshof 's-Gravenhage
SAMENVATTING

Belanghebbende heeft te laat hoger beroep ingesteld en heeft eveneens het griffierecht te laat betaald. In beide gevallen is de termijnoverschrijding niet verschoonbaar. Belanghebbende is derhalve terecht niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Dit betekent dat het verzet ongegrond moet worden verklaard.

 
GRATIS UITTREKSEL

GERECHTSHOF 's-GRAVENHAGE

Sector belasting

Nummer BK-07/00049

Uitspraak van de tweede meervoudige belastingkamer d.d. 27 november 2009

op het verzet van [belanghebbende] te [Z] tegen na te noemen uitspraak.

  1. Uitspraak en verzet

    1.1 Belanghebbende is in verzet gekomen tegen de uitspraak na vereenvoudigde behandeling van de tweede enkelvoudige belastingkamer van dit Hof van 21 maart 2008.

    1.2 Het verzet is mondeling behandeld ter zitting van het Gerechtshof van 17 september 2008, gehouden te Den Haag. Aldaar is namens belanghebbende niemand verschenen.

    1.3 De gemachtigde van belanghebbende is door de griffier bij aangetekende brief, verzonden op 19 augustus 2008 aan [A] op het adres [a-straat 1], [0000XX] [Z], onder vermelding van plaats en tijdstip uitgenodigd op de zitting te verschijnen. Op 15 september 2008 is de envelop waarin de vorenbedoelde brief is verzonden, ongeopend ter griffie terugontvangen. Uit de - kennelijk door medewerkers van TNT-Post - geplaatste aantekeningen op die envelop, die door de griffier in het dossier is gevoegd, leidt het Hof af dat de besteller van TNT-Post op 20 augustus 2008 geen gehoor heeft gekregen op het eerdergenoemde adres, dat hij toen aldaar een kennisgeving van aanbieding heeft achtergelaten met de mededeling dat de brief op het - kennelijk in die mededeling genoemde - postkantoor kon worden afgehaald, dat de brief niet op dat postkantoor is afgehaald, en dat TNT-Post de envelop tenslotte heeft geretourneerd aan de afzender, te weten de griffier.

    Blijkens van de gemeente Den Haag ontvangen schriftelijke inlichtingen, gedagtekend 15 september 2008, was [A] op de laatstvermelde datum in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens ingeschreven op het eerdergenoemde adres.

    De griffier heeft de terugontvangen brief vervolgens bij gewone post op 15 september 2008 verzonden aan [A] op het voormelde adres.

  2. Schriftelijke voortzetting van het onderzoek en tweede zitting

    2.1 Na de zitting heeft de griffier van het Hof op 19 september 2008 de gemachtigde van belanghebbende een brief gezonden met de volgende inhoud:

    Geachte [A],

    Het verzet in de bovenvermelde zaak is behandeld ter zitting van woensdag 17 september 2008. Namens [belanghebbende] is niemand ter zitting verschenen.

    Het Gerechtshof heeft het volgende geconstateerd.

    Een afschrift van de uitspraak van de rechtbank waartegen uw hoger beroep is gericht, is op dinsdag 10 oktober 2006 aangetekend aan belanghebbende verzonden. Onderaan die uitspraak is vermeld dat partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep kunnen instellen bij het gerechtshof te 's-Gravenhage, Postbus 20021, 2500 EA Den Haag.

    Het hogerberoepschrift in deze zaak is op woensdag 22 november 2006 per fax bij de rechtbank 's-Gravenhage ingekomen. De rechtbank heeft het meteen doorgezonden naar het Gerechtshof. Het hogerberoepschrift is niet tevens per post ingekomen.

    De termijn van zes weken voor het instellen van hoger beroep was verstreken met dinsdag 21 november 2006. Het hogerberoepschrift is dus na afloop van de termijn ingediend.

    Het Gerechtshof stelt u in de gelegenheid...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT