Besluit van 22 juni 2020, houdende wijziging van het Tabaks- en rookwarenbesluit ter introductie van de verplichting een rookverbod in te stellen, aan te duiden en te handhaven op de terreinen die horen bij gebouwen en inrichtingen die worden gebruikt voor onderwijs

 
INDEX
GRATIS UITTREKSEL

Besluit van 22 juni 2020, houdende wijziging van het Tabaks- en rookwarenbesluit ter introductie van de verplichting een rookverbod in te stellen, aan te duiden en te handhaven op de terreinen die horen bij gebouwen en inrichtingen die worden gebruikt voor onderwijs

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, van 27 maart 2020, kenmerk 1612516-198700-WJZ, gedaan in overeenstemming met de Minister van Justitie en Veiligheid; Gelet op de artikelen 5, derde lid, 10, tweede lid en lid 2a, 11c, tweede lid, van de Tabaks- en rookwarenwet; De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 3 juni 2020 no. W13.20.0082/III);Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 18 juni 2020, kenmerk 1612503-198700-WJZ, in overeenstemming met de Minister van Justitie en Veiligheid; Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

Het Tabaks- en rookwarenbesluit wordt gewijzigd als volgt:ANa artikel 6.3 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 6.4
  1. Degene die over een gebouw dat, of inrichting die in gebruik is bij een school of een instelling als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 1 van de Wet op de expertisecentra, artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs, artikel 1.1.1, onderdeel b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of artikel 1.8, eerste lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, het beheer heeft, is verplicht tot het instellen, aanduiden en handhaven van een rookverbod op het bijbehorende terrein voor zover: a. het terrein grenst aan, of in de directe nabijheid gelegen is van dat gebouw of die inrichting; b. dat gebouw of die inrichting in gebruik is voor onderwijs; en c. het terrein bij de school of instelling in gebruik is. 2. De verplichting een rookverbod te handhaven geldt niet op tijdstippen waarop noch het gebouw of de inrichting, noch het bijbehorende terrein in gebruik is. 3. Artikel 6.2 eerste lid, onderdeel c, is niet van toepassing op de open lucht in een gebouw of inrichting als bedoeld in het eerste lid. BAan artikel 7.3b wordt een lid toegevoegd, luidende:3. Artikel 5, vijfde lid, aanhef en onderdeel b, van de Tabaks- en rookwarenwet betreffende de reguliere presentatie van te koop aangeboden tabaksproducten en aanverwante producten, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel E, onderdeel 3, van de Wet van 10 februari 2017 tot wijziging van de Tabaks- en rookwarenwet ter regeling van de elektronische sigaret zonder nicotine en nadere regeling van voor roken bestemde kruidenproducten blijft van toepassing op de supermarkten en andere verkooppunten dan supermarkten tot de in het eerste onderscheidenlijk tweede lid genoemde datum.

ARTIKEL II

In Categorie D van de bijlage behorende bij de Tabaks- en rookwarenwet wordt «artikel 10, eerste en tweede lid» telkens vervangen door: «artikel 10, eerste en tweede lid, en lid 2a».

ARTIKEL III
  1. Artikel I, onderdeel A, van dit besluit treedt in werking met ingang van 1 augustus 2020. 2. Artikel I, onderdeel B, van dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het besluit wordt geplaatst. 3. Artikel II van dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2021.

    Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst. ’s-Gravenhage, 22 juni 2020Willem-AlexanderDe Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, P. Blokhuis

    Uitgegeven de negenentwintigste juni 2020 De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

    NOTA VAN TOELICHTING

    I Algemeen deel

  2. Inleiding

    De aanleiding voor deze algemene maatregel van bestuur (amvb) is een amendement van Tweede Kamerlid Dik-Faber dat in 2016 is aangenomen.1 Uit dit amendement vloeit voort dat een rookverbod moet worden ingesteld, aangeduid en gehandhaafd op terreinen van een school of onderwijsinstelling in het primair onderwijs, voortgezet onderwijs, speciaal onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs, hoger beroepsonderwijs en wetenschappelijk onderwijs (hierna: onderwijsinstellingen). Dit is gedaan door in artikel 10 van de Tabaks- en rookwarenwet (hierna: de wet) een delegatiegrondslag op te nemen, zodat in lagere regelgeving regels gesteld kunnen worden over het instellen, aanduiden en handhaven van een rookverbod op de terreinen behorende tot een gebouw dat, of een inrichting die in gebruik is bij een onderwijsinstelling.

    Het doel van deze wijziging van het Tabaks- en rookwarenbesluit (hierna: besluit) is om regels te stellen zodat een rookverbod wordt ingesteld, aangeduid en gehandhaafd op de terreinen die behoren tot een gebouw of inrichting van de eerder genoemde onderwijsinstellingen. Dit ter bescherming van de volksgezondheid, in het bijzonder de gezondheid van jongeren. Deze maatregel is nodig omdat roken zwaar verslavend werkt en ernstige gevolgen heeft voor de gezondheid van de roker en diens omgeving. Jaarlijks sterven ongeveer 20.000 mensen ten gevolge van roken.2 Elke dag beginnen gemiddeld 75 jongeren onder de 18 jaar met dagelijks roken en ongeveer de helft van alle rokers heeft hun eerste sigaret aangestoken op het schoolplein.3 Uit factsheets van het RIVM en Trimbos blijkt dat de gemiddelde leeftijd waarop rokers en ex-rokers zijn begonnen met roken, 17 jaar is en dat jongeren sneller gaan roken als zij anderen zien roken.4, 5 Duidelijk is ook dat hoe jonger men begint met roken, hoe groter de kans op verslaving is en hoe moeilijker het is om te stoppen met roken.6 Het voorkomen dat jongeren gaan roken zal veel winst leveren voor de volksgezondheid en heeft daarom prioriteit. Het aantal rokende jongeren daalt al jaren. Echter is het aantal kinderen dat rookt of ooit gerookt heeft nog steeds aanzienlijk. Volgens onderzoek uit 2017 heeft 31,2% van de jongeren van 16 jaar in het voortgezet onderwijs ooit gerookt, en 4,1% van diezelfde groep rookt dagelijks.7

    Alhoewel een steeds groter percentage terreinen van onderwijsinstellingen op initiatief van onderwijsinstellingen zelf rookvrij is, blijkt uit een nationale monitor dat een groot aantal scholen nog niet uit zichzelf een rookverbod op de terreinen ingesteld heeft.8 In 2018 had 20% van de scholen in het primair onderwijs nog geen geheel rookvrij terrein, voor scholen in het voortgezet onderwijs was dit percentage 38% en voor onderwijsinstellingen in het middelbaar beroepsonderwijs was dit percentage zelfs 86%.

    Bij onderwijsinstellingen in het hoger beroepsonderwijs en wetenschappelijk onderwijs zijn geen metingen gedaan, maar uit informatie verkregen van onderwijsinstellingen en het Trimbos-instituut van eind 2018, blijkt dat ook de terreinen van deze scholen veelal nog niet geheel rookvrij zijn. Om te zorgen dat alle onderwijsinstellingen een rookvrijbeleid op de terreinen gaan voeren, is een verplichting om een rookverbod op terreinen van onderwijsinstellingen in te voeren nodig. Daarmee wordt de norm gesteld dat roken niet normaal is en dat er rondom kinderen en jongeren niet gerookt moet worden.

    In 2018 is met ongeveer 70 verschillende organisaties, zoals maatschappelijke organisaties, bedrijven en overheden het Nationaal Preventieakkoord gesloten met een breed pakket van maatregelen en afspraken om tabaksgebruik verder te ontmoedigen.9 In het Nationaal Preventieakkoord is de ambitie uitgesproken om in 2040 tot een rookvrije generatie te komen. Dit is breed gesteund door verschillende organisaties. Het rookverbod op de terreinen van onderwijsinstellingen vloeit voort uit de bij amendement gewijzigde wet.10 De maatregel wordt ook genoemd in het Nationaal Preventieakkoord, omdat het aansluit bij andere preventiemaatregelen om de omgeving van kinderen, jongeren, ex-rokers en niet-rokers rookvrij te maken. Bijvoorbeeld het rookvrij worden van sportverenigingen, ziekenhuizen, gemeenten en bedrijven. Denk aan de Nederlandse Spoorwegen die hebben aangekondigd dat alle perrons per 1 oktober 2020 geheel rookvrij zullen zijn. In het Preventieakkoord is afgesproken dat de verplichting om een rookverbod op terreinen van onderwijsinstellingen in te voeren in 2020 in werking zal treden.

    In artikel 10, eerste lid, onderdeel b, van de wet is reeds bepaald dat er een rookverbod van kracht moet zijn in de gebouwen en inrichtingen in gebruik bij een onderwijsinstelling. Met deze amvb wordt vanaf 1 augustus 2020 ook het terrein van de onderwijsinstelling rookvrij. Met een rookvrij terrein wordt in deze toelichting bedoeld dat een rookverbod door de onderwijsinstelling wordt ingesteld, aangeduid en gehandhaafd op de terreinen die behoren tot een gebouw dat of inrichting die in gebruik is bij een onderwijsinstelling. In deze toelichting wordt eveneens van een «rookverbod» gesproken, waarmee «de verplichting om een rookverbod in te stellen, aan te duiden en te handhaven door de onderwijsinstelling» wordt bedoeld. Wanneer in deze toelichting wordt gesproken over de handhaving van het rookverbod, wordt hiermee bedoeld de verplichting van de handhaving door de onderwijsinstelling. De Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (hierna: NVWA) houdt toezicht op de naleving van het rookverbod (zie paragraaf 6.2) en kan in die hoedanigheid handhaven.11 Om beide soorten handhaving uit elkaar te houden wordt in deze toelichting voor de NVWA de term toezicht op de naleving gehanteerd.

    Met deze wijziging van het besluit wordt op hoofdlijnen het volgende geregeld:– Een verplichting om een rookverbod in te stellen, aan te duiden en te handhaven op terreinen die behoren bij een gebouw of inrichting van een onderwijsinstelling. Het moet daarbij gaan om een terrein dat grenst aan, of in de directe nabijheid gelegen is van een gebouw dat, of een inrichting die wordt gebruikt...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT