Besluit van 28 november 2019, houdende wijziging van het Besluit vakantie en vrijstelling van dienst ambtenaren BES, het Rechtspositiebesluit ambtenaren BES en het Besluit rechtspositie korps politie BES (kopen en verkopen van vakantie-uren, invoering levensfaseverlof en wijziging feestdagen)

 
GRATIS UITTREKSEL

Besluit van 28 november 2019, houdende wijziging van het Besluit vakantie en vrijstelling van dienst ambtenaren BES, het Rechtspositiebesluit ambtenaren BES en het Besluit rechtspositie korps politie BES (kopen en verkopen van vakantie-uren, invoering levensfaseverlof en wijziging feestdagen)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Op de voordracht van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 3 oktober 2019, nr. 2019-0000486975; Gelet op artikel 43, eerste lid, van de Ambtenarenwet BES en artikel 21, tweede lid, onderdeel a, van de Veiligheidswet BES; De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 1 november 2019, no. W04.19.0312/I); Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 18 november 2019, nr. 2019-0000593422; Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

Het Besluit vakantie en vrijstelling van dienst ambtenaren BES wordt als volgt gewijzigd: AArtikel 4 wordt als volgt gewijzigd:1. In de aanhef wordt «voor schriften» vervangen door «voorschriften». 2. Voor de tekst die begint met «voor de toepassing van dit besluit» wordt de aanduiding «1.» geplaatst. 3. In het eerste lid wordt bij de omschrijving van het begrip «inkomen» na «vermeerderd met» ingevoegd «de vakantie-uitkering, bedoeld in artikel 36a van het Rechtspositiebesluit ambtenaren BES, de eindejaarsuitkering, bedoeld in artikel 9a van het Bezoldigingsbesluit 1998 BES of een daarmee vergelijkbare bepaling,». 4. Aan het eerste lid worden vier begripsomschrijvingen toegevoegd, luidende: arbeidsduurfactor:

een breuk waarvan de teller bestaat uit het aantal uren van de voor die ambtenaar geldende werktijd en de noemer uit het aantal uren van de voor zijn functie geldende gebruikelijke volledige werktijd. bezoldiging per uur:

1/170 deel van de bezoldiging per maand bij een volledige werktijd.levensfaseverlof:

levensfaseverlof, bedoeld in artikel 8b.vakantie-uren:

uren waarop op grond van artikel 5 aanspraak op vakantie bestaat.BArtikel 5 komt te luiden:

Artikel 5

  1. De ambtenaar heeft jaarlijks aanspraak op vakantie met behoud van zijn volle inkomen. 2. Voor de ambtenaar met volledige werktijd bedraagt de aanspraak op vakantie per kalenderjaar 184 werkuren. 3. Aan de ambtenaar die ingevolge het voor hem geldende werkrooster avond- of nachtdienst en dienst op zon- en feestdagen moet verrichten, wordt per kalenderjaar 24 extra vakantie-uren verleend. 4. Voor de ambtenaar voor wie de geldende werktijd korter is dan de gebruikelijke volledige werktijd, worden de in het tweede en derde lid genoemde aantallen uren vermenigvuldigd met de voor de ambtenaar geldende arbeidsduurfactor. 5. Bij beëindiging of aanvang van het dienstverband in de loop van een kalenderjaar, wordt de aanspraak op vakantie vastgesteld naar evenredigheid van de dienst, die de ambtenaar in dat jaar verricht heeft of zal verrichten. 6. Indien gedurende een kalenderjaar wijziging optreedt in de omvang van de voor een ambtenaar geldende werktijd, wordt de aanspraak op vakantie die gedurende het gedeelte van dat kalenderjaar na die wijziging ontstaat, opnieuw vastgesteld, rekening houdend met de nieuwe werktijd. De tot aan de datum van ingang van de wijziging van de werktijd verworven aanspraak op vakantie blijft ongewijzigd gehandhaafd. 7. Het aantal uren waarvoor ingevolge dit artikel aanspraak op vakantie bestaat, wordt zo nodig naar boven afgerond op hele uren. CAan artikel 5a worden, onder vernummering van het eerste en tweede lid tot het vijfde en zesde lid, vier leden toegevoegd, luidende: 1. De ambtenaar is vrij te bepalen wanneer hij vakantie opneemt, voor zover het dienstbelang zich daartegen niet verzet. 2. Het bevoegd gezag stelt de ambtenaar ieder kalenderjaar in de gelegenheid en de ambtenaar is verplicht ieder kalenderjaar ten minste 118,5 uren vakantie op te nemen, waarvan ten minste 79 uur over een aaneengesloten periode. Voor de ambtenaar voor wie de geldende werktijd korter is dan de gebruikelijke volledige werktijd, worden de in dit lid genoemde aantallen uren vermenigvuldigd met de voor de ambtenaar geldende arbeidsduurfactor. 3. De ambtenaar meldt het voornemen vakantie op te nemen ruimschoots van tevoren op een door het bevoegd gezag te bepalen wijze. 4. Tenzij gewichtige redenen van dienstbelang zich hiertegen verzetten, is het de ambtenaar toegestaan op het voornemen vakantie op te nemen terug te komen, dan wel het opnemen niet voort te zetten. DArtikel 6 komt te luiden:

    Artikel 6

  2. Behoudens het bepaalde in artikel 7 vervalt de aanspraak op vakantie-uren na verloop van een jaar na de laatste dag van het kalenderjaar waarin de aanspraak is ontstaan. 2. Dit artikel is niet van toepassing op vakantie-uren die de ambtenaar op grond van artikel 8a heeft gespaard ten behoeve van levensfaseverlof. EIn artikel 7, tweede lid, wordt «artikel 8» vervangen door «artikel 5».FArtikel 8 komt te luiden:

    Artikel 8

  3. Tenzij gewichtige redenen van dienstbelang zich daartegen verzetten, kan het bevoegd gezag op aanvraag van de ambtenaar in dienst van de Staat zijn aanspraak op vakantie-uren eenmaal per kalenderjaar met ten hoogste 39,5 vakantie-uren verlagen. 2. Tenzij gewichtige redenen van dienstbelang zich daartegen verzetten, kan het bevoegd gezag op aanvraag van de ambtenaar in dienst van de Staat eenmaal per kalenderjaar zijn aanspraak op vakantie-uren met ten hoogste 79 vakantie-uren verhogen. 3. Ten aanzien van het in het eerste en tweede lid genoemde aantal vakantie-uren is artikel 5, vierde en vijfde lid, van overeenkomstige toepassing. 4. Een aanvraag als bedoeld in het eerste of tweede lid wordt voor 1Â november van het lopende kalenderjaar ingediend. Het bevoegd gezag beslist op of na 1Â november en voor het einde van dat kalenderjaar gelijktijdig over alle voor die datum ingediende aanvragen. 5. De ambtenaar wordt een vergoeding toegekend voor elk uur waarmee zijn aanspraak op vakantie-uren ingevolge het eerste lid wordt verlaagd, ten bedrage van de bezoldiging per uur die hij geniet op de dag waarop de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, is goedgekeurd. 6. De ambtenaar is een vergoeding verschuldigd voor elk uur waarmee zijn aanspraak op vakantie-uren ingevolge het tweede lid wordt verhoogd ten bedrage van de bezoldiging per uur die hij geniet op de dag waarop de aanvraag, bedoeld in het tweede lid, is goedgekeurd. 7. Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties kan nadere regels stellen ter uitvoering van dit artikel. GNa artikel 8 worden twee artikelen ingevoegd, luidende:

    Artikel 8a

  4. De ambtenaar in dienst van de Staat kan per kalenderjaar ten hoogste 26 van de vakantie-uren waarop hij aanspraak heeft op grond van artikel 5, tweede lid, sparen ten behoeve van levensfaseverlof. 2. In afwijking van het eerste lid kan de ambtenaar in dienst van de Staat aan het einde van elk kalenderjaar ten hoogste 65,5 van de vakantie-uren waarop hij aanspraak heeft op grond van artikel 5, tweede lid, sparen ten behoeve van levensfaseverlof, op voorwaarde dat hij in dat kalenderjaar ten minste 118,5 vakantie-uren heeft genoten. 3. De ambtenaar aan wie op grond van artikel 5, derde lid, extra vakantie-uren zijn verleend, kan een derde deel van die extra-vakantie-uren sparen ten behoeve van levensfaseverlof. 4. Onverminderd artikel 8, tweede lid, kan het bevoegd gezag op aanvraag van de ambtenaar zijn aanspraak op vakantie-uren met ten hoogste 31,6 uren verhogen, welke uren de ambtenaar spaart ten behoeve van levensfaseverlof. Artikel 8, zesde lid, is van overeenkomstige toepassing. 5. Het aantal op grond van dit artikel in totaal door een ambtenaar gespaarde en nog niet op grond van artikel 8b opgenomen vakantie-uren bedraagt ten hoogste 1975. 6. Ten aanzien van de in het eerste, tweede, vierde en vijfde lid genoemde aantallen vakantie-uren is artikel 5, vierde tot en met zevende lid, van overeenkomstige toepassing. 7. Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties kan nadere regels stellen ter uitvoering van dit artikel.

    Artikel 8b

  5. De ambtenaar in dienst van de Staat kan op aanvraag de op grond van artikel 8a gespaarde vakantie-uren opnemen als levensfaseverlof. Levensfaseverlof kan worden gecombineerd met vakantie op grond van artikel 5. 2. Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid wordt uiterlijk drie maanden voor het ingaan van het voorgenomen verlof ingediend, indien de verlofperiode, met inbegrip van eventuele vakantie op grond van artikel 5, niet meer dan vier weken bedraagt. Indien de verlofperiode langer dan vier weken bedraagt, wordt de aanvraag uiterlijk zes maanden voor het ingaan van het voorgenomen verlof ingediend. 3. Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid wordt toegewezen, tenzij een zwaarwegend dienstbelang van bedrijfsorganisatorische aard zich daartegen verzet. 4. Levensfaseverlof wordt genoten met behoud van vol inkomen. 5. Levensfaseverlof kan wegens dringende redenen van dienstbelang geheel of gedeeltelijk door het bevoegd gezag worden ingetrokken. Indien de ambtenaar of zijn gezin ten gevolge van de intrekking schade lijdt, wordt deze schade vergoed. HAan artikel 9 wordt een lid toegevoegd, luidende:3. Het eerste en tweede lid is van overeenkomstige toepassing op de ambtenaar die levensfaseverlof geniet. IArtikel 10, eerste lid, komt te luiden:1. In alle gevallen waarin de ambtenaar in een kalenderjaar dertig dagen of meer al dan niet aaneengesloten anders dan ten gevolge van verleende vakantie, levensfaseverlof, vrijstelling van dienst wegens ziekte, vrijstelling van dienst wegens bijzondere omstandigheden met behoud van vol inkomen of vergoeding in vrije tijd wegens verricht overwerk geen werkelijke dienst doet, worden zijn aanspraken op vakantie op grond van artikel 5 naar evenredigheid verminderd. JArtikel 11 vervalt.KArtikel 12 komt te luiden:

    Artikel 12

  6. Degene die onmiddellijk voor zijn aanstelling tot ambtenaar waarop dit...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT