Besluit van 30 september 2019, houdende vaststelling van het tijdstip waarop artikel VI van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren in werking treedt

 
GRATIS UITTREKSEL

Besluit van 30 september 2019, houdende vaststelling van het tijdstip waarop artikel VI van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren in werking treedt

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, van 26Â september 2019, nr. 2019-0000497294; Gelet op artikel XI, tweede lid, van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren;Hebben goedgevonden en verstaan:

Enig artikel

Artikel VI van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren treedt in werking met ingang van 1Â november 2019.

Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is belast met de uitvoering van dit besluit dat in het Staatsblad zal worden geplaatst. ’s-Gravenhage, 30 september 2019Willem-AlexanderDe Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K.H. Ollongren

Uitgegeven de tiende oktober 2019 De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

NOTA VAN TOELICHTING

Artikel VI van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (hierna: Wnra) voorziet in wijziging van de Wet op de loonvorming.

De Wet op de loonvorming bepaalt onder meer dat partijen van het sluiten van een collectieve arbeidsovereenkomst (hierna: cao) mededeling doen aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Ingevolge artikel 2, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de loonvorming is die wet thans niet van toepassing op de arbeidsverhouding van personen in dienst van een publiekrechtelijk lichaam. Met de inwerkingtreding van...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT