Tijdelijk besluit veilige afstand

Besluit van 13 november 2020, houdende vaststelling van de veilige afstand, bedoeld in artikel 58f, tweede lid, van de Wet publieke gezondheid (Tijdelijk besluit veilige afstand)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, mede namens Onze Ministers van Justitie en Veiligheid en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, van 30 oktober 2020, kenmerk 1762543-212706-WJZ; Gelet op artikel 58f, tweede lid, van de Wet publieke gezondheid;De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 4 november 2020, no. W13.20.0395/III); Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, mede namens Onze Ministers van Justitie en Veiligheid en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, van 12 november 2020, kenmerk 1762537-212706-WJZ; Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1

De veilige afstand is anderhalve meter.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 58f, tweede lid, in artikel I, onderdeel A, van de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 in werking treedt, en vervalt op het tijdstip waarop artikel 58f, tweede lid, van de Wet publieke gezondheid vervalt.

Artikel 3

Dit besluit wordt aangehaald als: Tijdelijk besluit veilige afstand.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst. ’s-Gravenhage, 13 november 2020Willem-AlexanderDe Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, H.M. de JongeDe Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. GrapperhausDe Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K.H. Ollongren

Uitgegeven de zesentwintigste november 2020 De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

NOTA VAN TOELICHTING

  1. Inleiding

    Met dit besluit wordt de veilige afstand, bedoeld in hoofdstuk Va van de Wet publieke gezondheid (Wpg), bepaald op anderhalve meter. Daarmee geldt op grond van artikel 58f Wpg dat iedereen die zich buiten een woning ophoudt tot andere personen een afstand van anderhalve meter heeft te houden, behalve wanneer een van de in dat artikel bedoelde uitzonderingen van toepassing is. Dit besluit is ook van toepassing in Caribisch Nederland.

    De regering gaat hierna allereerst in op de redenen om de veilige afstand te bepalen op anderhalve meter en op het daartoe strekkende advies van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) (§ 2). In § 3 worden de noodzakelijkheid en proportionaliteit van deze keuze toegelicht. § 4 ziet op de betrokkenheid van het parlement bij dit besluit.

  2. De keuze voor anderhalve meter

    2.1. Anderhalve meter

    De keuze voor anderhalve meter is ingegeven door de constatering dat de grote druppels zelden verder komen dan anderhalve meter.1 Zoals in § 2.1 is toegelicht, is dit naar de huidige wetenschappelijke inzichten (verreweg) de belangrijkste verspreidingsroute. Daarmee vormt het houden van anderhalve meter een belangrijke voorzorgsmaatregel tegen de verspreiding van het virus. Om deze reden geldt in het overgrote deel van (West-)Europa de verplichting of het dringende advies om ten minste anderhalve meter afstand aan te houden.

    In de Nederlandse gezondheidszorg is het al langer gebruikelijk om één tot twee meter afstand te houden ter bescherming tegen virussen die (vooral) via grotere druppels verspreid worden. Hoewel niet alles bekend is over het nieuwe coronavirus, is duidelijk dat de meeste druppels die vrijkomen bij het hoesten of niezen niet...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT