Uitspraak Nº 200.169.521/01. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 2016-07-26

Datum uitspraak:26 juli 2016
Uitgevende instantie::Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
 
GRATIS UITTREKSEL

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht, handel

zaaknummer gerechtshof 200.169.521/01

(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland C/17/132478 / HA ZA 14-44)

arrest van 26 juli 2016

in de zaak van

1 [appellant1] ,

wonende te [A] ,

hierna: [appellant1],

2. [appellante2] ,

wonende te [B] ,

hierna: [appellante2],

3. [appellant3] ,

wonende te [C] ,

hierna: [appellant3],

4. [appellante4] , gewoond hebbende te [A] , inmiddels overleden

hierna: [appellante4]

appellanten,

in eerste aanleg: gedaagden,

hierna gezamenlijk te noemen: [appellanten],

advocaat: mr. J.J. Hengst, kantoorhoudend te Joure,

tegen

1 Waterwende Exploitatiemaatschappij B.V.,

gevestigd te Woudsend,

hierna: Waterwende Exploitatiemaatschappij,

2. Vereniging van Eigenaren van Woningen in het park Waterwende te Indijk,

gevestigd te Indijk,

hierna: Vereniging Waterwende,

geïntimeerden,

in eerste aanleg: eisers,

hierna gezamenlijk (in enkelvoud) te noemen: Waterwende,

advocaat: mr. Ch.G.A. van Rijckevorsel, kantoorhoudend te Amsterdam.

1 Het geding in eerste aanleg

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van de vonnissen van
9 april 2014 en 15 oktober 2014 die de rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden, heeft gewezen tussen Waterwende en [appellanten] en nog een viertal gedaagden die uiteindelijk in het eindvonnis hebben berust.

2 Het geding in hoger beroep
2.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding in hoger beroep d.d. 8 januari 2015;

- de memorie van grieven (met producties) tevens akte in verband met overlijden van een partij d.d. 1 september 2015;

- de memorie van antwoord (met productie) d.d. 13 oktober 2015;

- een akte van [appellanten] d.d. 1 december 2015 en een antwoordakte van Waterwende van 29 december 2015.

- het arrest waarbij een comparitie van partijen is gelast d.d. 16 februari 2016;

- het proces-verbaal van de comparitie d.d. 4 mei 2016, met daaraan gehecht (korte) pleitaantekeningen van mr. Van Rijckevorsel.

2.2

[appellanten] vorderen in het hoger beroep - kort samengevat - dat het hof bij arrest, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland van 15 oktober 2014 zal vernietigen en opnieuw rechtdoende, Waterwende niet ontvankelijk zal verklaren in haar vorderingen dan wel deze haar te ontzeggen, met veroordeling van Waterwende in de kosten van de procedure, zowel in eerste aanleg als in hoger beroep.

3 De vaststaande feiten

Het hof gaat in hoger beroep uit van de feiten zoals beschreven in de rechtsoverwegingen 2.1 tot en met 2.13 van het bestreden vonnis van 15 oktober 2014, met inachtneming van hetgeen bij de grieven I en II is betoogd en met aanvulling van enige feiten die in hoger beroep tevens als vaststaand kunnen worden aangemerkt.

3.1.

Het villapark Waterwende is gelegen te Indijk, onder Woudsend (gemeente Súdwest-Fryslân) en bestaat uit 131 woningen. Deze woningen beschikken alle over een ligplaats (zij het niet allemaal direct bij de woning gelegen) en mogen zowel permanent als recreatief bewoond worden. Eén van de straten van het villapark heet [a-straat] .

3.2.

Iedere eigenaar van een woning op het villapark beschikt naast de eigendom van zijn of haar woning ook over 1/131ste aandeel in de gemeenschap betreffende het stelsel van waterwegen en ligplaatsen in het villapark. Dit aandeel in de gemeenschap is opgenomen in de akte van levering van elke woning. In de akte van levering wordt voor wat betreft dit aandeel in deze gemeenschap verwezen naar de akte van mandeligheid van 13 mei 1994 (hierna verder te noemen: de akte). Tevens is op 13 mei 1994 het "Reglement van de gemeenschappelijke eigendom (mandeligheid) villapark Waterwende onder Woudsend" (hierna verder te noemen: het reglement) vastgesteld. In het reglement zijn woordelijk de bepalingen uit de akte met betrekking tot het aandeel, verdeling, gebruik, onderhoud, beheer, herstel, kosten onderhoud en beheer, algemene regels, vaarregels, verkeersregels, andere besluiten, kettingbeding en einde mandeligheid opgenomen.

In artikel 3 van het reglement, dat betrekking heeft op het gebruik van de gemeenschap, is het volgende bepaald:

"1. De mandelige zaken worden gebruikt als ligplaats en als vaarwater om van de ligplaatsen te komen van en te gaan naar het openbare vaarwater.

2. De bij de woning (…) behorende ligplaats mag uitsluitend gebruikt worden door of ten behoeve van de bewoners van de woning. Het is niet toegestaan de ligplaats te verhuren of ter beschikking te stellen aan derden. De ligplaats heeft -vanuit de walkant gemeten- een maximale breedte van 4 meter en dient zodanig gebruikt te worden dat in de waterweg ter plaatse steeds een doorgang gewaarborgd is ter breedte van 10 meter.

3. Het is een deelgenoot niet toegestaan om aan te leggen op een andere plaats dan de eigen ligplaats.

4. Daarnaast heeft elke deelgenoot de bevoegdheid van exclusief gebruik van de bij zijn woning behorende ligplaats en van het medegebruik van het stelsel van waterwegen, overeenkomstig de bestemming, mits dit gebruik verenigbaar is met de gebruiksrechten van de overige deelgenoten en overigens met inachtneming van het bepaalde in de titel van aankomst van de mandelige zaken."

In artikel 5 van het reglement, dat betrekking heeft op het beheer van de gemeenschap, is onder meer het volgende bepaald:

"1. Onder beheer wordt verstaan het verrichten van alle handelingen welke dienstig kunnen zijn voor de instandhouding van de mandelige zaken.

2. Het beheer van de mandelige zaken berust bij de gezamenlijke deelgenoten, behoudens voor zover daarvan in de volgende leden van dit artikel wordt afgeweken.

3. Door Waterwende Exploitatiemaatschappij B.V. wordt uitsluitend, en met uitsluiting van de andere deelgenoten, het beheer gevoerd over de mandelige zaken terzake van de volgende...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT