Uitspraak Nº 201602774/1/A1. Raad van State, 2017-05-31

Datum uitspraak:31 mei 2017
Uitgevende instantie::Raad van State
 
GRATIS UITTREKSEL

201602774/1/A1.

Datum uitspraak: 31 mei 2017

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellante], erfgenaam van wijlen [persoon], wonend te [woonplaats],

appellante,

tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland van 10 maart 2016 in zaak nr. 15/3318 in het geding tussen:

wijlen [persoon], laatstelijk gewoond hebbend te [woonplaats],

en

het college van burgemeester en wethouders van Medemblik.

Procesverloop

Bij besluit van 14 oktober 2014 heeft het college het verzoek van wijlen [persoon] om vergoeding van schade toegewezen tot een bedrag van € 657,40.

Bij besluit van 15 juni 2015 heeft het college het door wijlen [persoon] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 10 maart 2016 heeft de rechtbank het door wijlen [persoon] daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het besluit van 15 juni 2015 vernietigd en bepaald dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft wijlen [persoon] hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 27 maart 2017, waar [appellante], bijgestaan door [gemachtigde], en het college, vertegenwoordigd door mr. J.M.M. Vriend, zijn verschenen.

    Overwegingen

Inleiding

1.    Op 8 juli 2010 en 9 november 2011 heeft het college wijlen [persoon] onder oplegging van lasten onder bestuursdwang aangeschreven om het niet-recreatieve gebruik van de recreatiewoningen met nummers […] en […] onderscheidenlijk met nummers […] en […] op het vakantiepark "Het Grootslag" te beëindigen. Bij besluiten op bezwaar van 12 april 2011 en 15 juni 2012 heeft het college de bezwaren van wijlen [persoon] tegen genoemde lasten onder bestuursdwang ongegrond verklaard. Het tegen deze besluiten op bezwaar door wijlen [persoon] ingestelde beroep is door de rechtbank Noord-Holland bij uitspraak van 10 januari 2013 ongegrond verklaard. De Afdeling heeft bij uitspraak van 18 september 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1177, het door wijlen [persoon] tegen de uitspraak van de rechtbank van 10 januari 2013 ingestelde hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank van 10 januari 2013 alsmede de besluiten op bezwaar van 12 april 2011 en 15 juni 2012 vernietigd en de lasten onder bestuursdwang van 8 juli 2010 en 9 november 2011 herroepen. De Afdeling was van oordeel dat het college wijlen [persoon] ten aanzien van het gebruik van de recreatiewoningen in strijd met het bestemmingsplan "IJsselmeergebied 1997" niet als overtreder had mogen aanmerken. Wijlen [persoon] was ten tijde van de besluitvorming en genoemde uitspraken van de rechtbank Noord-Holland en de Afdeling eigenaar van de...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT