Uitspraak Nº 201703385/1/R3. Raad van State, 2019-05-29

Datum uitspraak:29 mei 2019
Uitgevende instantie::Raad van State
 
GRATIS UITTREKSEL

201703385/1/R3.

Datum uitspraak: 29 mei 2019

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

1. Stichting Landschap Oldambt, gevestigd te Nieuweschans, gemeente Oldambt,

2. [appellant sub 2] en anderen, allen wonend te Veendam,

3. [appellant sub 3] en anderen, allen wonend te Veendam en Wildervank, gemeente Veendam,

4. [appellant sub 4], wonend te Meeden, gemeente Midden-Groningen,

5. Stichting Platform Tegenwind N33, gevestigd in de gemeente Midden-Groningen, en anderen (hierna: Platform Tegenwind en anderen),

6. [appellant sub 6], wonend te Meeden, gemeente Midden-Groningen,

7. [appellant sub 7], wonend te Meeden, gemeente Midden-Groningen,

8. [appellante sub 8], gevestigd te Scheemda, gemeente Oldambt,

9. [appellant sub 9], wonend te Veendam,

10. [appellante sub 10], wonend te Meeden, gemeente Midden-Groningen,

11. [appellante sub 11], gevestigd te Muntendam, gemeente Midden-Groningen,

12. Stichting Platform Tegenwind N33 gevestigd in de gemeente Midden-Groningen, en anderen (hierna: Platform Tegenwind),

13. Dorpsraadcoöperatie Meeden u.a., gevestigd te Meeden, gemeente Midden-Groningen,

14. [appellant sub 14], wonend te Meeden, gemeente Midden-Groningen,

15. [appellant sub 15], wonend te [woonplaats],

16. [appellant sub 16], wonend te Muntendam, gemeente Midden-Groningen,

17. [appellant sub 17], wonend te Meeden, gemeente Midden-Groningen,

18. [appellant sub 18], wonend te Scheemda, gemeente Oldambt, beweerdelijk handelend namens Vereniging Dorpsbelangen Scheemda,

19. [appellant sub 19], wonend te Veendam,

20. [appellant sub 20], wonend te Zuidbroek, gemeente Midden-Groningen,

en

1. de minister van Economische Zaken, thans: de minister van Economische Zaken en Klimaat, en de minister van Infrastructuur en Milieu, thans: de minister van Infrastructuur en Waterstaat (hierna: de ministers),

2. het college van gedeputeerde staten van Drenthe,

3. het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veendam,

4. het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Menterwolde, thans gemeente Midden-Groningen,

5. de staatssecretaris van Economische Zaken (hierna: de staatssecretaris), thans: de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

verweerders.

Procesverloop

Bij besluit van 10 februari 2017 heeft het dagelijks bestuur van het waterschap Hunze en Aa’s aan innogy Windpower Netherlands B.V. (hierna: Innogy) een watervergunning als bedoeld in hoofdstuk 6 van de Waterwet verleend voor het lozen van mogelijk verontreinigd hemelwater afkomstig van een nieuw te bouwen transformatorstation voor het windpark N33, deelgebied Eekerpolder, aan de Zevenwoldsterweg te Meeden.

Bij besluit van 16 februari 2017 hebben de ministers het inpassingsplan "Windpark N33" vastgesteld. Het plan voorziet in 35 windturbines in de gemeenten Midden-Groningen, Veendam en Oldambt.

Bij besluit van 17 februari 2017 heeft de staatssecretaris aan Innogy, Windpark Vermeer Noord B.V. (hierna: Vermeer Noord), Windpark Vermeer Midden B.V. (hierna: Vermeer Midden) en Windpark Vermeer Zuid B.V. (hierna: Vermeer Zuid) ontheffing verleend van de verbodsbepalingen uit artikel 3.1 en artikel 3.5 van de Wet natuurbescherming (hierna: Wnb).

De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeente Veendam en de toenmalige gemeente Menterwolde hebben omgevingsvergunningen op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo) verleend voor de windturbines. Deze omgevingsvergunningen betreffen elk een deelgebied van het windpark.

Bij besluit van 28 februari 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veendam op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder a, b en e, van de Wabo aan Vermeer Zuid een omgevingsvergunning verleend voor het oprichten, bouwen en aanleggen van een windpark, bestaande uit 4 windturbines met een inkoopstation op de percelen, kadastraal bekend gemeente Veendam, sectie I, nummer 2529, en gemeente Wildervank, sectie A, nrs. 2598, 2960, 2962, 2839 en sectie M, nrs. 454, 455 en plaatselijk bekend oostelijk van de Rijksweg N33, globaal tussen de Jan Kokweg en de Dalweg 36 te Wildervank.

Bij besluit van eveneens 28 februari 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veendam op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder a, b en e, van de Wabo aan Vermeer Midden een omgevingsvergunning verleend voor het oprichten, bouwen en aanleggen van een windpark bestaande uit vier windturbines en een inkoopstation op de percelen, kadastraal bekend gemeente Veendam, sectie N, nrs. 76, 366, 367 en 265, plaatselijk bekend nabij de Rijksweg N33, globaal tussen de Noorderweg en Zuidwending en evenwijdig aan de Vosseveld te Veendam.

Bij besluit van 28 februari 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van de toenmalige gemeente Menterwolde op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder a, b, c en e, van de Wabo aan Innogy een omgevingsvergunning verleend voor het oprichten, bouwen en aanleggen van een windpark bestaande uit 15 windturbines, 15 kraanopstelplaatsen en een transformatorstation voor het deelpark Eekerpolder.

Bij besluit van eveneens 28 februari 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van de toenmalige gemeente Menterwolde op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder a, b, c en e, van de Wabo aan Vermeer Noord een omgevingsvergunning verleend voor het oprichten, bouwen en aanleggen van een windpark bestaande uit 12 windturbines, 12 kraanopstelplaatsen en een inkoopstation voor het deelpark Vermeer Noord.

Bij besluit van 28 februari 2017 heeft het college van gedeputeerde staten van Groningen aan Innogy, Vermeer Noord, Vermeer Midden en Vermeer Zuid op grond van artikel 2.7, tweede lid, van de Wnb een vergunning verleend voor het windpark N33.

Deze besluiten zijn gecoördineerd voorbereid.

Bij besluit van 28 september 2017 heeft het college van gedeputeerde staten de vergunning op grond van de Wnb van 28 februari 2017 gewijzigd.

De ministers hebben het inpassingsplan gewijzigd vastgesteld. Dit besluit is namens de toenmalige minister van Infrastructuur en Milieu ondertekend op 29 september 2017 en namens de toenmalige minister van Economische Zaken op 9 oktober 2017.

Tegen één of meer van deze besluiten hebben appellanten beroep ingesteld.

De ministers, het college van gedeputeerde staten, het dagelijks bestuur van het waterschap Hunze en Aa’s en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Veendam en Menterwolde hebben een verweerschrift ingediend.

Innogy, Vermeer Noord, Vermeer Midden en Vermeer Zuid hebben, daartoe in de gelegenheid gesteld, gezamenlijk schriftelijke uiteenzettingen gegeven.

De Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening (hierna: StAB) heeft desverzocht een deskundigenbericht uitgebracht.

Een aantal partijen heeft een zienswijze daarop naar voren gebracht.

Een aantal partijen heeft nadere stukken ingediend.

De Afdeling heeft op 15 november 2018 - gevoegd met de zaken 201709167/1/R3, 201807375/1/R3 en 201708737/1/R3 - ter zitting uitsluitend de beroepsgronden behandeld die betrekking hebben op het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 27 oktober 2016, D’Oultremont e.a., ECLI:EU:C:2016:816. Ter zitting van 15 november 2018 is een aantal partijen verschenen of heeft zich laten vertegenwoordigen. Ook verweerders hebben zich laten vertegenwoordigen. Voorts zijn Innogy, Vermeer Noord, Vermeer Midden en Vermeer Zuid ter zitting als partij gehoord.

De overige beroepsgronden heeft de Afdeling ter zitting behandeld op 28 en 29 januari 2019. Voorafgaand aan deze zitting heeft een aantal partijen nadere stukken ingediend. Ter zitting is een aantal partijen verschenen of heeft zich laten vertegenwoordigen. Ook verweerders hebben zich laten vertegenwoordigen. Voorts zijn Innogy, Vermeer Noord, Vermeer Midden en Vermeer Zuid ter zitting als partij gehoord.

Overwegingen

INLEIDING

1. De bestreden besluiten maken de oprichting van het windpark N33 met bijbehorende voorzieningen mogelijk. Het windpark ligt op het grondgebied van de gemeenten Midden-Groningen, Oldambt en Veendam en bestaat uit 35 windturbines met een maximale ashoogte van 140 m, een maximale rotordiameter van 130 m en een maximale tiphoogte van 200 m. De windturbines hebben samen een vermogen van ongeveer 120 MW. Innogy, Vermeer Noord, Vermeer Midden en Vermeer Zuid zijn de initiatiefnemers van het project en de beoogde exploitanten van het windpark. Het windpark is verdeeld in drie deelgebieden, te weten een noordelijk deelgebied, een midden deelgebied en een zuidelijk deelgebied. Het noordelijke deelgebied bestaat uit 27 windturbines, het midden deelgebied uit 4 windturbines en het zuidelijke deelgebied eveneens uit 4 windturbines.

Met het windpark wordt beoogd een bijdrage te leveren aan de doelstelling voor de opwekking van duurzame energie uit het Nationaal Energieakkoord en aan de doelstelling uit de Structuurvisie Windenergie op land (hierna: SvWOL) om voor 2020 in de daarvoor aangewezen gebieden grootschalige windprojecten te realiseren met een vermogen van in totaal 6.000 MW.

2. Het windpark is planologisch mogelijk gemaakt in het inpassingsplan. Ter uitvoering van het inpassingsplan zijn omgevingsvergunningen, een watervergunning en vergunningen en een ontheffing op grond van de Wnb verleend.

3. Appellanten zijn bewoners en ondernemers uit het plangebied of de omgeving daarvan, bewonersorganisaties en rechtspersonen die opkomen voor algemene belangen op het gebied van onder meer natuur, milieu, landschap en cultuurhistorie. Zij verzetten zich tegen de aanleg van het windpark.

4. In de omgeving van het windpark N33 bestaat veel weerstand tegen het park. Die weerstand is...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT