Uitspraak Nº 23/00011. Hoge Raad, 2023-06-13

ECLIECLI:NL:HR:2023:913
Date13 June 2023
Docket Number23/00011

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummers 23/00010 PJV en 23/00011 PJV

Datum 13 juni 2023

PREJUDICIËLE BESLISSING

(Zaak 23/00010 PJV)

op de door de rechtbank Noord-Nederland bij beslissing van 19 december 2022, nummers 18-018510-21, 18-298097-21 en 18-298079-21, gestelde rechtsvragen in de zaken

van

[verdachte 1] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988,

[verdachte 2] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1969,

en

[verdachte 3] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1964,

(Zaak 23/00011 PJV)

en op de door de rechtbank Overijssel bij beslissing van 30 december 2022, nummers 05-035910-21, 05-136177-21, 05-161088-21, 05-119854-21, 05-161202-21, 05-052758-21, 05-060612-21, 05-028710-21, 08-211438-20 en 05-035913-21, gestelde rechtsvragen in de zaken

van

[verdachte 4] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988,

[verdachte 5] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988,

[verdachte 6] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987,

[verdachte 7] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,

[verdachte 8] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992,

[verdachte 9] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1989,

[verdachte 10] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962,

[verdachte 11] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1981,

en

[verdachte 12] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975,

hierna: de verdachten.

1 Procesverloop bij de Hoge Raad

De rechtbank Overijssel heeft bij beslissing van 30 december 2022 een prejudiciële vraag gesteld aan de Hoge Raad. Er zijn schriftelijke opmerkingen ingediend door het openbaar ministerie, en door D. Schaddelee en C.C. Polat, beiden advocaat te Breukelen, namens de verdachte [verdachte 6] .

De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft conclusie genomen. Het openbaar ministerie heeft daarop schriftelijk gereageerd.

De rechtbank Noord-Nederland heeft bij beslissing van 19 december 2022 prejudiciële vragen gesteld aan de Hoge Raad. Er zijn schriftelijke opmerkingen ingediend door het openbaar ministerie, door R.B.M. Poppelaars, advocaat te Breda, namens de verdachte [verdachte 3] , en door J.C. Reisinger en R.D.A. van Boom, beiden advocaat te Utrecht, en V. Poelmeijer, advocaat te Amsterdam, namens de verdachte [verdachte 2] .

De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft conclusie genomen. Het openbaar ministerie en de raadslieden Poppelaars, Reisinger en Van Boom hebben daarop schriftelijk gereageerd.

De Hoge Raad ziet aanleiding de door de rechtbanken Overijssel en Noord-Nederland gestelde prejudiciële vragen in één beslissing te bespreken en te beantwoorden.

2 Inhoudsopgave

Deze prejudiciële beslissing is opgebouwd uit de volgende rubrieken:

3. Inleidende opmerkingen over prejudiciële vragen aan de strafkamer van de Hoge Raad

A. Prejudiciële vragen door de rechter aan de strafkamer van de Hoge Raad (3.2)

B. Wat is een prejudiciële vraag? (3.3.1-3.3.2)

C. De relevante feitelijke en juridische context (3.4.1-3.4.2)

D. Afzien van beantwoording en binding van de Hoge Raad aan de prejudiciële vraag (3.5)

E. Consequenties voor de voortgang van de betreffende procedure (3.6)

F. Samenvatting (3.7)

4. De prejudiciële vragen

5. Feitelijke context

6. Beantwoording van de door de rechtbank Overijssel gestelde prejudiciële vraag

A. Opsporing in het buitenland onder verantwoordelijkheid van buitenlandse autoriteiten (6.3-6.16)

(i) Klassieke rechtshulp (6.3-6.6)

(ii) Het optreden van een gemeenschappelijk onderzoeksteam (6.7-6.11)

(iii) Het uitvaardigen van een EOB (6.12-6.16)

B. Opsporing in het buitenland onder verantwoordelijkheid van Nederlandse autoriteiten (6.17-6.19)

C. Machtiging van de rechter-commissaris vereist? (6.20-6.24)

D. Gebruik van informatie in andere onderzoeken (6.25)

E. Richtlijn 2002/58/EG en Richtlijn (EU) 2016/680 (6.26-6.27)

F. Afronding (6.28)

7. Beantwoording van de door de rechtbank Noord-Nederland gestelde prejudiciële vragen

8. Beslissing

3. Inleidende opmerkingen over prejudiciële vragen aan de strafkamer van de Hoge Raad
3.1.1

De volgende bepalingen uit het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) zijn van belang.

- Artikel 553 Sv:

“1. De rechter kan ambtshalve, op vordering van het openbaar ministerie of op verzoek van een betrokken procespartij de Hoge Raad een rechtsvraag stellen ter beantwoording bij wijze van prejudiciële beslissing, indien een antwoord op deze vraag nodig is om te beslissen en aan de beantwoording van deze vraag bijzonder gewicht kan worden toegekend, gelet op het met de vraag gemoeide zaaksoverstijgend belang.

2. Voordat de rechter de vraag stelt, worden de betrokken procespartijen in de gelegenheid gesteld een standpunt in te nemen over het voornemen om een vraag te stellen, alsmede over de inhoud van de te stellen vraag.

3. De beslissing waarbij de vraag wordt gesteld, vermeldt de relevante feitelijke en juridische context en de standpunten die door de betrokken procespartijen zijn ingenomen. Tevens bevat de beslissing een motivering dat met de beantwoording van de vraag wordt voldaan aan het eerste lid.

4. De griffier stelt de beslissing zo spoedig mogelijk ter kennis van de Hoge Raad.”

- Artikel 554 Sv:

“1. Tenzij de Hoge Raad, gehoord de procureur-generaal bij de Hoge Raad, meteen beslist om af te zien van beantwoording van de vraag, stelt hij het openbaar ministerie en de raadsman of advocaat van de betrokken procespartij in de gelegenheid om opmerkingen te maken.

2. De Hoge Raad kan bepalen dat ook derden, door tussenkomst van een advocaat, binnen een daartoe te bepalen termijn in de gelegenheid worden gesteld om opmerkingen te maken. De aankondiging hiervan geschiedt op een door de Hoge Raad te bepalen wijze.

3. Na het verstrijken van de termijn voor het maken van opmerkingen, neemt de procureur-generaal bij de Hoge Raad conclusie. Het openbaar ministerie en de raadsman of advocaat van de betrokken procespartij kunnen nadat zij in kennis zijn gesteld van de conclusie hun opmerkingen daarbij aan de Hoge Raad ter kennis brengen.

4. De griffier van de Hoge Raad stelt de betrokken procespartijen in kennis van de ingekomen opmerkingen van de overige betrokken procespartijen en derden, alsmede van de conclusie van de procureur-generaal.

5. De Hoge Raad bepaalt binnen welke termijn en op welke wijze de processtukken en opmerkingen aan de Hoge Raad worden verstrekt.”

- Artikel 555 Sv:

“1. Nadat de procureur-generaal bij de Hoge Raad conclusie heeft genomen, bepaalt de Hoge Raad de dag waarop hij zal beslissen.

2. De Hoge Raad ziet af van beantwoording indien hij oordeelt dat de vraag zich niet voor beantwoording bij wijze van prejudiciële beslissing leent of de vraag van onvoldoende gewicht is om beantwoording te rechtvaardigen. De Hoge Raad kan zich bij de vermelding van de gronden van zijn beslissing beperken tot dit oordeel.

3. Indien het antwoord op de vraag, nadat deze is gesteld, niet meer nodig is voor de beslissing van de rechter kan de Hoge Raad, indien hem dat geraden voorkomt, de vraag desondanks beantwoorden.

4. De griffier van de Hoge Raad stelt de rechter die de vraag heeft gesteld en de betrokken procespartijen in kennis van de beslissing. De griffier van de Hoge Raad stelt de rechter die de vraag heeft gesteld eveneens in kennis van de conclusie van de procureur-generaal en de in artikel 554, vierde lid, bedoelde opmerkingen.

5. Tenzij het antwoord op de vraag niet meer nodig is om te beslissen, beslist de rechter, nadat hij de betrokken procespartijen in de gelegenheid heeft gesteld zich over de uitspraak van de Hoge Raad een standpunt in te nemen, met inachtneming van deze uitspraak.”

3.1.2

Paragraaf 4.4 (‘Prejudiciële vragen aan de strafkamer van de Hoge Raad’) van het Procesreglement Hoge Raad der Nederlanden luidt als volgt:

“4.4.1. Reikwijdte

4.4.1.1. Deze paragraaf heeft betrekking op de behandeling van zaken waarin op de voet van artikel 553 van het Wetboek van Strafvordering een prejudiciële vraag aan de Hoge Raad is gesteld.

4.4.2.

Aanvang procedure bij de Hoge Raad

4.4.2.1. De griffier van het gerecht dat een prejudiciële vraag heeft gesteld, zendt een afschrift van die beslissing onverwijld toe aan de griffier van de Hoge Raad. De griffier van de Hoge Raad bevestigt de ontvangst.

4.4.2.2. Bijgevoegd worden (afschriften van) de stukken van het geding, voor zover zij naar het oordeel van de rechter die de prejudiciële vraag heeft gesteld voor de beantwoording van de prejudiciële vraag noodzakelijk zijn. Voor de beantwoording van de vraag zijn in elk geval noodzakelijk de processen-verbaal van de (terecht)zittingen waarop de rechter die de vraag stelt de zaak heeft behandeld en de stukken aan de hand waarvan op deze (terecht)zittingen door betrokken procespartijen het woord is gevoerd. Daarnaast worden de correspondentiegegevens verstrekt van de betrokken procespartijen en van de advocaten die voor de betrokken procespartijen hebben opgetreden in het geding voor het gerecht dat de prejudiciële vraag heeft gesteld.

4.4.2.3. De griffier van de Hoge Raad doet van de ontvangst van de prejudiciële vraag mededeling op de website van de Hoge Raad.

4.4.2.4. De griffier stelt de beslissing in handen van de tweede meervoudige kamer van de Hoge Raad en van de procureur-generaal.

4.4.3.

Voortvarende behandeling

4.4.3.1. De Hoge Raad ziet erop toe dat de procedure met voortvarendheid wordt gevoerd.

4.4.4.

Nadere informatie

4.4.4.1. De procureur-generaal en de Hoge Raad kunnen het gerecht dat een prejudiciële vraag heeft gesteld in elke stand van het geding verzoeken om onverwijlde toezending van afschriften van andere op...

Om verder te lezen

Begin Gratis

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex
193 temas prácticos
  • Uitspraak Nº 22-002168-22. Gerechtshof Den Haag, 2025-07-03
    • Netherlands
    • 3 Julio 2025
    ...liggen, worden gerespecteerd en dat ervan wordt uitgegaan dat het onderzoek rechtmatig is verricht (vgl. Hoge Raad 13 juni 2023, ECLI:NL:HR:2023:913). Onder verwijzing naar het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof van justitie) van 30 april 2024 (ECLI:EU:C:2......
  • Uitspraak Nº 22-002184-22. Gerechtshof Den Haag, 2025-07-03
    • Netherlands
    • 3 Julio 2025
    ...liggen, worden gerespecteerd en dat ervan wordt uitgegaan dat het onderzoek rechtmatig is verricht (vgl. Hoge Raad 13 juni 2023, ECLI:NL:HR:2023:913). Onder verwijzing naar het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof van Justitie) van 30 april 2024 (ECLI:EU:C:2......
  • Uitspraak Nº 08.963573-21 (P). Rechtbank Overijssel, 2024-04-09
    • Netherlands
    • 9 Abril 2024
    ...mr. M.K. van Haren, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 9 april 2024. 1 ECLI:NL:HR:2023:913 2 ECLI:NL:HR:2024:192 3 Vgl. HR 13 februari 2024, ECLI:NL:HR:2024:192, r.o. 5.2.2 4 Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit het dossier van de politie La......
  • Uitspraak Nº 01.108358.22. Rechtbank Oost-Brabant, 2024-07-18
    • Netherlands
    • 18 Julio 2024
    ...op het arrest van het HvJ EU van 30 april 2024 voornoemd. Uit dit arrest blijkt dat de Hoge Raad in de beslissing van 13 juni 2023 (ECLI:NL:HR:2023:913) onjuist heeft overwogen dat de EOB-richtlijn beperkt is tot de inzet van bevoegdheden als genoemd in de artikelen 126m en 126t Sv. Ook is ......
  • Begin Gratis
193 sentencias
  • Uitspraak Nº 08.963573-21 (P). Rechtbank Overijssel, 2024-04-09
    • Netherlands
    • 9 Abril 2024
    ...mr. M.K. van Haren, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 9 april 2024. 1 ECLI:NL:HR:2023:913 2 ECLI:NL:HR:2024:192 3 Vgl. HR 13 februari 2024, ECLI:NL:HR:2024:192, r.o. 5.2.2 4 Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit het dossier van de politie La......
  • Uitspraak Nº 01.108358.22. Rechtbank Oost-Brabant, 2024-07-18
    • Netherlands
    • 18 Julio 2024
    ...op het arrest van het HvJ EU van 30 april 2024 voornoemd. Uit dit arrest blijkt dat de Hoge Raad in de beslissing van 13 juni 2023 (ECLI:NL:HR:2023:913) onjuist heeft overwogen dat de EOB-richtlijn beperkt is tot de inzet van bevoegdheden als genoemd in de artikelen 126m en 126t Sv. Ook is ......
  • Uitspraak Nº 03/071379-21 + 03/256406-23 (ttz.gev.). Rechtbank Limburg, 2024-01-24
    • Netherlands
    • 24 Enero 2024
    ...vragen door de Hoge Raad en zij zal dan ook uitgaan van hetgeen de Hoge Raad heeft weergegeven in de beslissing van 13 juni 2023 (ECLI:NL:HR:2023:913). Op basis van de stukken in het procesdossier en in lijn van de beslissing van de Hoge Raad concludeert de rechtbank dat de interceptie van ......
  • Uitspraak Nº 02-303541-22. Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2025-02-14
    • Netherlands
    • 14 Febrero 2025
    ...de rechtbank De rechtbank heeft ter beoordeling van het verweer acht geslagen op het arrest van de Hoge Raad van 13 juni 2023 (vgl. ECLI:NL:HR:2023:913). De rechtbank dient na te gaan of de rechter-commissaris in redelijkheid tot zijn beslissingen tot tappen respectievelijk hacken van de Ex......
  • Begin Gratis