Uitspraak Nº 24/00575. Hoge Raad, 2025-01-17

ECLIECLI:NL:HR:2025:46
Date17 January 2025
Docket Number24/00575

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

BELASTINGKAMER

Nummer 24/00575

Datum 17 januari 2025

ARREST

in de zaak van

[X] B.V. (hierna: belanghebbende)

tegen

de STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN

op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 25 januari 2024, nr. BK-22/1249, op het hoger beroep van de Inspecteur en het incidentele hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag (nr. SGR 21/1128) betreffende een aan belanghebbende opgelegde naheffingsaanslag in de belasting van personenauto’s en motorrijwielen en de daarbij gegeven beschikking inzake belastingrente. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.

1 Geding in cassatie
1.1

Belanghebbende, vertegenwoordigd door S.M. Bothof, heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staatssecretaris, vertegenwoordigd door [P] , heeft een verweerschrift ingediend. Hij refereert zich daarin aan het oordeel van de Hoge Raad.

1.2

De Advocaat-Generaal P.J. Wattel heeft op 25 oktober 2024 geconcludeerd tot gegrondverklaring van het beroep in cassatie.1
Belanghebbende heeft schriftelijk gereageerd op de conclusie.

2 Beoordeling van het middel
2.1.1

De Inspecteur heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld vanwege het oordeel van de Rechtbank dat de Inspecteur de naheffingsaanslag in de belasting van personenauto’s en motorrijwielen (hierna: bpm) te hoog heeft vastgesteld. Belanghebbende heeft daarop incidenteel hoger beroep ingesteld.

2.1.2

Het Hof heeft het hoger beroep ongegrond verklaard en het incidentele hoger beroep gegrond verklaard. Het Hof heeft de Inspecteur op de voet van artikel 8:75 Awb veroordeeld in de kosten van beroepsmatig verleende rechtsbijstand die belanghebbende in verband met de behandeling van het hoger beroep heeft moeten maken. Het Hof is bij de berekening van die vergoeding uitgegaan van twee proceshandelingen (verweerschrift in hoger beroep en verschijnen zitting), een gemiddeld gewicht (factor 1) en van een bedrag van € 875 per punt.

2.1.3

Het Hof heeft belanghebbende voor de kosten van beroepsmatig verleende rechtsbijstand die verband houden met het incidentele hoger beroep geen vergoeding toegekend, omdat de gemachtigde van belanghebbende één geschrift had ingediend waarin zowel verweer was gevoerd als incidenteel hoger beroep was ingesteld.

2.1.4

Het Hof heeft ten overvloede geoordeeld dat het gewicht van het incidentele hoger beroep als zeer licht kan worden beschouwd.

2.2

Het middel is gericht tegen het hiervoor in 2.1.3 weergegeven oordeel van het Hof.

2.3

Het middel slaagt. Voor een beroepschrift wordt volgens punt 1 van onderdeel A1 van de bijlage bij het Besluit proceskosten bestuursrecht (hierna: het Besluit) één punt toegekend. Voor toekenning op de voet van artikel 2, lid 1, letter a, van het Besluit van een vergoeding van kosten ter zake van rechtsbijstand voor het instellen van incidenteel hoger beroep, maakt het geen verschil of deze proceshandeling in een afzonderlijk geschrift is opgenomen dan wel in één geschrift in combinatie met het verweer tegen het door de andere procespartij ingestelde hoger beroep. Het gaat hier om de inhoud van de proceshandeling, niet om de vorm daarvan. Het hiervoor in 2.1.3 weergegeven oordeel van het Hof geeft dan ook blijk van een onjuiste rechtsopvatting.2

2.4

Gelet op hetgeen hiervoor in 2.3 is overwogen, kan de uitspraak van het Hof niet in stand blijven. De Hoge Raad kan de zaak afdoen.

2.5

De Inspecteur zal worden veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende voor het hoger beroep, bestaande uit kosten van beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De Hoge Raad gaat daarbij uit van (i) drie proceshandelingen (verweerschrift in hoger beroep, beroepschrift in het incidentele hoger beroep en verschijnen ter zitting) en daarmee dus van drie punten, (ii) de door het Hof in aanmerking genomen, in cassatie niet bestreden, factor 1 wegens het gewicht van de zaak in het principale hoger beroep, en (iii) het in cassatie evenmin bestreden oordeel van het Hof dat het gewicht van de zaak in het incidentele hoger beroep als zeer licht kan worden beschouwd (factor 0,25).

3 Proceskosten
3.1

De Staatssecretaris zal worden veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. Met betrekking tot de hoogte van die vergoeding overweegt de Hoge Raad als volgt.

Inleiding

3.2.1

Aangezien de uitspraak van het Hof is bekendgemaakt in 2024, moet voor de hoogte van de vergoeding van proceskosten ter zake van deze cassatieprocedure acht worden geslagen op de Wet herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en bpm3 (hierna: de WHpkv), gelet op het bepaalde in artikel IV van die wet.

3.2.2

De WHpkv voorziet voor bepaalde categorieën fiscale procedures in een beperking van de proceskostenvergoedingen, waaronder begrepen vergoedingen van de kosten in verband met de behandeling van het bezwaar (hierna tezamen: proceskostenvergoedingen). Die beperking geldt alleen – kort gezegd – voor procedures over de Wet waardering onroerende zaken (hierna: de Wet WOZ) en de bpm. Aangezien proceskostenvergoedingen alleen voor deze categorieën fiscale procedures worden beperkt, en niet voor andere fiscale procedures, ziet de Hoge Raad zich geplaatst voor de vraag of de WHpkv daarmee een onderscheid maakt dat als een ongerechtvaardigde ongelijke behandeling van gelijke gevallen is aan te merken en daardoor in strijd komt met artikel 1 van het Twaalfde Protocol bij het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele vrijheden (hierna: het Twaalfde Protocol bij het EVRM) en artikel 26 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (hierna: IVBPR).

3.2.3

Voordat wordt overgegaan tot beantwoording van deze vraag, zal de Hoge Raad hierna ingaan op de inhoud van de regeling met betrekking tot de beperking van proceskostenvergoedingen in de WHpkv (zie onderdeel 3.3), het doel en de motivering daarvan (zie onderdeel 3.4), en de werkingssfeer van die regeling in het licht van de uitzondering voor bijzondere gevallen (zie onderdeel 3.5). Op basis daarvan zal de Hoge Raad vervolgens in onderdeel 3.6 overgaan tot de beantwoording van de hiervoor bedoelde vraag.

Inhoud van de wettelijke regeling

3.3.1

Bij de WHpkv is artikel 19a aan de Wet op de belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992 (hierna: de Wet bpm) toegevoegd, waarin de hoogte van proceskostenvergoedingen voor procedures betreffende de bpm is beperkt. Artikel 19a, leden 1 en 2, van de Wet bpm luidt als volgt:

“1. Het bedrag dat strekt tot vergoeding van de kosten, bedoeld in artikel 7:15, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, onder toepassing van de nadere regels gesteld krachtens het vierde lid van dat artikel, wordt, voor zover die kosten betrekking hebben op door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand in het kader van het bezwaar tegen een besluit genomen op grond van het gestelde bij of krachtens deze wet of tegen een daarmee verband houdend besluit, vermenigvuldigd met 0,25. De eerste zin vindt geen toepassing in geval van bijzondere omstandigheden in de zin van de nadere regels gesteld krachtens artikel 7:15, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

2. In geval van een veroordeling in de kosten als bedoeld in artikel 8:75, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, onder toepassing van de nadere regels gesteld krachtens de laatste zin van artikel 8:75, eerste lid, van die wet, of in geval van een veroordeling in de kosten waarbij artikel 8:75 van die wet van overeenkomstige toepassing is verklaard, wordt, voor zover die kosten betrekking hebben op door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand in het kader van het beroep, hoger beroep of beroep in cassatie bij de bestuursrechter betreffende een besluit genomen op grond van het gestelde bij of krachtens deze wet of een daarmee verband houdend besluit, het bedrag dat strekt tot de vergoeding van die kosten vermenigvuldigd met:
a. 0,25, indien het bestreden besluit wordt vernietigd of gewijzigd;
b. 0,10 in alle overige gevallen.
De eerste zin vindt geen toepassing in geval van bijzondere omstandigheden in de zin van de nadere regels gesteld krachtens artikel 8:75, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.”

3.3.2

Deze artikelleden hebben betrekking op de kosten van procedures, waaronder begrepen bezwaarprocedures, over een besluit dat is genomen op grond van het gestelde bij of krachtens de Wet bpm of een daarmee verband houdend besluit. Daarmee verband houdende besluiten omvatten nevenbeslissingen van het bestuursorgaan, zoals een boete-, dwangsom- of rentebeschikking.4 Naar de kennelijke bedoeling van de wetgever5zijn deze artikelleden eveneens van toepassing op de kosten van gerechtelijke procedures die betrekking hebben op een nevenbeslissing van de inspecteur en van de bestuursrechter in zo’n procedure, zoals beslissingen over vergoeding van proceskosten, griffierechten, wettelijke rente en materiële en/of immateriële schade.

3.3.3

De hoofdregel van de eerste volzin van het tweede lid van artikel 19a, lid 2, van de Wet bpm geldt in gevallen waarin een veroordeling in de kosten plaatsvindt als bedoeld in artikel 8:75, lid 1, Awb die betrekking heeft op de kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand in het kader van het beroep, hoger beroep of beroep in cassatie bij de bestuursrechter betreffende een dergelijk besluit. Die hoofdregel houdt in dat het overeenkomstig het Besluit berekende bedrag dat strekt tot de vergoeding van die kosten van rechtsbijstand, wordt vermenigvuldigd (i) met de factor 0,25, indien het bestreden besluit wordt vernietigd of gewijzigd, en (ii) met de factor 0,10 in alle overige...

Om verder te lezen

Begin Gratis

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex

Ontgrendel volledige toegang met een gratis proefperiode van 7 dagen

Transformeer je juridische onderzoek met vLex

  • Volledige toegang tot de grootste verzameling common law-rechtspraak op één platform

  • Genereer AI-samenvattingen van zaken die direct de belangrijkste juridische kwesties belichten

  • Geavanceerde zoekfuncties met nauwkeurige filter- en sorteermogelijkheden

  • Uitgebreide juridische inhoud met documenten uit meer dan 100 rechtsgebieden

  • Vertrouwd door 2 miljoen professionals, waaronder toonaangevende internationale kantoren

  • Toegang tot AI-aangedreven onderzoek met Vincent AI: zoekopdrachten in natuurlijke taal met geverifieerde citaten

vLex
190 temas prácticos
  • Uitspraak Nº BK-24/306. Gerechtshof Den Haag, 2025-02-19
    • Netherlands
    • 19 February 2025
    ...zodat niet aannemelijk is dat sprake is van een bijzonder geval als bedoeld in het arrest van de Hoge Raad van 17 januari 2025, ECLI:NL:HR:2025:46. Verder dient aan belanghebbende het voor de behandeling in hoger beroep betaalde griffierecht van € 138 te worden vergoed. De Rechtbank heeft d......
  • Uitspraak Nº BK-24/188. Gerechtshof Den Haag, 2025-03-13
    • Netherlands
    • 13 March 2025
    ...van proceskostenvergoedingen voor procedures betreffende de WOZ is beperkt. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 17 januari 2025, ECLI:NL:HR:2025:46, ten aanzien van de werkingssfeer van de WHpkv het volgende overwogen: “3.5.1 Uit hetgeen hiervoor in 3.4.1 tot en met 3.4.6 is overwogen, vo......
  • Uitspraak Nº BK-24/578. Gerechtshof Den Haag, 2025-05-08
    • Netherlands
    • 8 May 2025
    ...van proceskostenvergoedingen voor procedures betreffende de WOZ is beperkt. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 17 januari 2025, ECLI:NL:HR:2025:46, BNB 2025/41 ten aanzien van de werkingssfeer van de WHpkv het volgende overwogen: “3.5.1 Uit hetgeen hiervoor in 3.4.1 tot en met 3.4.6 is o......
  • Uitspraak Nº BK-24/681. Gerechtshof Den Haag, 2025-05-01
    • Netherlands
    • 1 May 2025
    ...van proceskostenvergoedingen voor procedures betreffende de WOZ is beperkt. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 17 januari 2025, ECLI:NL:HR:2025:46, BNB 2025/41 ten aanzien van de werkingssfeer van de WHpkv het volgende “3.5.1 Uit hetgeen hiervoor in 3.4.1 tot en met 3.4.6 is overwogen, v......
  • Begin Gratis
190 sentencias
  • Uitspraak Nº BK-24/306. Gerechtshof Den Haag, 2025-02-19
    • Netherlands
    • 19 February 2025
    ...zodat niet aannemelijk is dat sprake is van een bijzonder geval als bedoeld in het arrest van de Hoge Raad van 17 januari 2025, ECLI:NL:HR:2025:46. Verder dient aan belanghebbende het voor de behandeling in hoger beroep betaalde griffierecht van € 138 te worden vergoed. De Rechtbank heeft d......
  • Uitspraak Nº BK-24/188. Gerechtshof Den Haag, 2025-03-13
    • Netherlands
    • 13 March 2025
    ...van proceskostenvergoedingen voor procedures betreffende de WOZ is beperkt. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 17 januari 2025, ECLI:NL:HR:2025:46, ten aanzien van de werkingssfeer van de WHpkv het volgende overwogen: “3.5.1 Uit hetgeen hiervoor in 3.4.1 tot en met 3.4.6 is overwogen, vo......
  • Uitspraak Nº BK-24/578. Gerechtshof Den Haag, 2025-05-08
    • Netherlands
    • 8 May 2025
    ...van proceskostenvergoedingen voor procedures betreffende de WOZ is beperkt. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 17 januari 2025, ECLI:NL:HR:2025:46, BNB 2025/41 ten aanzien van de werkingssfeer van de WHpkv het volgende overwogen: “3.5.1 Uit hetgeen hiervoor in 3.4.1 tot en met 3.4.6 is o......
  • Uitspraak Nº BK-24/681. Gerechtshof Den Haag, 2025-05-01
    • Netherlands
    • 1 May 2025
    ...van proceskostenvergoedingen voor procedures betreffende de WOZ is beperkt. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 17 januari 2025, ECLI:NL:HR:2025:46, BNB 2025/41 ten aanzien van de werkingssfeer van de WHpkv het volgende “3.5.1 Uit hetgeen hiervoor in 3.4.1 tot en met 3.4.6 is overwogen, v......
  • Begin Gratis