Uitspraak Nº 7721459 UC EXPL 19-4323 HvW/971. Rechtbank Midden-Nederland, 2020-07-29

Datum uitspraak:2020/07/29
Uitgevende instantie::Rechtbank Midden-Nederland
 
GRATIS UITTREKSEL
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht

kantonrechter

locatie Utrecht

zaaknummer: 7721459 UC EXPL 19-4323 HvW/971

Vonnis van 29 juli 2020

inzake

1 [eiser sub 1] , handelend onder de naam [eiser sub 1] ,

wonende te [woonplaats]

2. de vennootschap onder firma

[eiser sub 2] VOF,

gevestigd te [vestigingsplaats]

3 [eiser sub 3] , handelend onder de naam [eiser sub 3] ,

wonende te [woonplaats]

4. de vennootschap onder firma

[eiser sub 4] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

verder gezamenlijk te noemen eisers en afzonderlijk: [eiser sub 1] , [eiser sub 2] , [eiser sub 3] en [eiser sub 4]

eisende partijen in conventie

verweerders in reconventie,

gemachtigde: mr. K. Kasem,

tegen:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Tesla Motors Netherlands B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

verder ook te noemen Tesla,

gedaagde partij in conventie

eiseres in reconventie,

gemachtigde: mr. A. al Mansouri.

1 De procedure
1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties (1 t/m 39)
- de incidentele conclusie houdende exceptie van onbevoegdheid
- de conclusie van antwoord in incident
- het vonnis in incident van de rechtbank Amsterdam met verwijzing van de zaak naar deze rechtbank
- het vonnis in incident waarin is geoordeeld dat de kantonrechter in deze zaak bevoegd is
- de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring
- de conclusie van antwoord in incident
- vonnis in incident waarin verzoek tot oproeping in vrijwaring is toegewezen
- de conclusie van antwoord en (voorwaardelijke) eis in reconventie en producties (1 t/m 15)
- de akte van Tesla houdende overlegging producties en wijziging van eis in reconventie (16 t/m 24)
- de akte van Tesla houdende wijziging van eis in reconventie en overlegging producties (25 en 26)
- de akte van eisers houdende wijziging van eis in conventie met producties (40 en 41)
- de akte van eisers houdende overlegging producties in conventie (42 en 43)
- de akte van eisers houdende overlegging producties in conventie (44 en 45)

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

In conventie

2 Waar gaat de zaak over?
2.1.

BBF Schipholtaxi (verder: BBF) is vanaf 1 juni 2014 – na een aanbesteding – met andere partijen het taxivervoer vanaf luchthaven Schiphol gaan verzorgen. Eisers hebben zich bij BBF aangesloten en daartoe een overeenkomst met BFF gesloten. Voorwaarde voor deelname was dat de aangesloten chauffeurs bij het taxivervoer gebruik zouden maken van een elektrische auto, namelijk een Tesla Model S (verder: de auto of de auto’s). Voor de aanschaf van de auto’s hebben eisers een financiële leaseovereenkomst gesloten. De ondergetekenden bij die overeenkomst zijn (1) eisers, (2) Tesla en (3) Mercedes-Benz Financial Services Nederland B.V. (verder: MBFS), de financier van de auto’s.

2.2.

Volgens eisers vertoonden de auto’s zeer kort na de levering talloze gebreken, in de dagvaarding opgesomd op de bladzijden 6 tot en met 27. Daarnaast hadden de auto’s na een software-update plotseling een kleinere oplaadcapaciteit dan was toegezegd en daarmee ook een minder bereik (200-250 km in plaats van 500 km) en werden ook andere toezeggingen door Tesla niet nagekomen. Onder verwijzing naar onder meer deze mankementen/tekortkomingen stellen eisers dat de afgeleverde auto’s niet de eigenschappen bezitten die zij daarvan mochten verwachten en daardoor niet aan (koop)overeenkomsten beantwoorden (vergelijk artikel 7:17 BW). Zij vorderen daarom primair om die overeenkomsten te ontbinden. Subsidiair voeren eisers aan dat alle door Tesla gedane toezeggingen voorafgaand aan de aankoop van de auto’s, die dus onjuist bleken, een beroep op dwaling en/of bedrog rechtvaardigen. Bij een juiste voorstelling van zaken zouden zij namelijk nooit de auto’s hebben aangeschaft. Eisers vorderen daarom subsidiair vernietiging van de overeenkomsten. Zowel primair als subsidiair willen eisers verder veroordeling van Tesla tot (terug)betaling van (1) het aankoopbedrag van de auto (€ 71.202,48 exclusief BTW) aan ieder van hen dan wel aan MBFS, vermeerderd met rente, (2) schadevergoeding, nader op te maken bij staat, (3) de buitengerechtelijke kosten van € 1.487,02 per eiser en (4) de proces- en nakosten. Aan de vordering tot betaling van schadevergoeding leggen eisers aanvullend het verwijt ten grondslag dat Tesla zonder hun toestemming persoonsgegevens van eisers met BBF heeft gedeeld.

2.3.

Tesla concludeert tot afwijzing van deze vorderingen. Het meest vertrekkende verweer dat zij daartoe aanvoert is dat niet zij de auto’s aan eisers heeft verkocht maar MBFS. Ontbinding en vernietiging van de overeenkomsten en terugbetaling van de koopprijs kunnen eisers daarom alleen in een procedure tegen MBFS vorderen. Verder betwist Tesla onder meer de gestelde tekortkomingen, althans zijn die volgens haar verjaard en/of rechtvaardigen die niet de ontbinding van de overeenkomsten en/of een volledige terugbetaling van de kooprijs (vergelijk artikel 6:272 lid 1 BW).

3 De beoordeling in conventie Was Tesla wel of geen contractspartij bij de koopovereenkomst?
3.1.

De rechtbank zal eerst het verweer van Tesla beoordelen dat niet zij maar MBFS partij bij de koopovereenkomsten met eisers is. Voor die beoordeling is van belang dat partijen het erover eens zijn dat de financiële leaseovereenkomst (zie 2.1.) een driepartijenovereenkomst betreft die (onder meer) kwalificeert als huurkoop in de zin van titel 5A van boek 7A BW. De vraag wie daarbij als ‘de verkoper’ van de auto’s moet worden aangemerkt, beantwoorden partijen echter verschillend (Tesla of MBFS).

3.2.

Om vast te stellen welke partijen met elkaar hebben gecontracteerd en welke verplichtingen daaruit over en weer voortvloeien komt het aan op de vraag wat partijen daarover precies hebben afgesproken. Hierbij moet onder meer naar de tekst van de driepartijenovereenkomst worden gekeken. Ook is van belang wat partijen voorafgaand aan en bij het sluiten van die overeenkomst daarover hebben besproken en welke verwachtingen zij daaraan mochten ontlenen.

3.3.

Voorafgaand aan het sluiten van de financiële leaseovereenkomst is het volgende gebeurd. Nadat BBF de concessie had verkregen om het taxivervoer vanaf Schiphol te (gaan) verzorgen, heeft zij 96 auto’s bij Tesla besteld. De afspraken hierover zijn neergelegd in een op 20 januari 2014 tussen BBF en Tesla gesloten ‘Motor Vehicle Purchase Agreement’. Daarin is de verplichting voor BBF opgenomen om per bestelde auto een aanbetaling van € 2.000,- aan Tesla te voldoen, wat neerkomt op een totaalbedrag van € 192.000,- (96 x € 2.000,-). In die overeenkomst wordt BBF als ‘Buyer’ aangeduid en Tesla als ‘Seller’.

3.4.

Na deze bestelling en aanbetaling, heeft BBF de chauffeurs die interesse hadden getoond om mee te doen, waaronder eisers, in een e-mail van 19 mei 2014 geïnformeerd over de verschillende voorwaarden waaraan een chauffeur moet voldoen om het taxivervoer vanaf Schiphol te mogen verzorgen. Op 21 juli 2014 heeft BBF de inmiddels bij haar aangesloten chauffeurs, die dus blijkbaar aan de gestelde voorwaarden voldeden (waaronder eisers), een e-mail gestuurd met onder meer de volgende inhoud: “Omdat de meeste een financiering nodig zullen hebben zijn wij zo vrij geweest om afspraken daarover te maken met Mercedes-Benz Financial Services Nederland B.V. Zij hebben ons gunstige acceptatievoorwaarden toegezegd voor alle (…) rijders.”

3.5.

Nadat eisers alle vier hadden besloten van de geboden financieringsmogelijkheid via MBFS gebruik te maken, hebben zij in september 2014 de financiële leaseovereenkomst gesloten. In die overeenkomst...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT