Uitspraak Nº BRE - 15 _ 4727. Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2017-08-03

Datum uitspraak: 3 augustus 2017
Uitgevende instantie::Rechtbank Zeeland-West-Brabant
 
GRATIS UITTREKSEL
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Belastingrecht, meervoudige kamer

Locatie: Breda

Zaaknummer BRE 15/4727

uitspraak van 3 augustus 2017

Uitspraak als bedoeld in afdeling 8.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in het geding tussen

[belanghebbende] , gevestigd te [X] ,

belanghebbende,

en

de inspecteur van de Belastingdienst,

de inspecteur.

1 Ontstaan en loop van het geding
1.1.

De inspecteur heeft aan belanghebbende over het tijdvak 1 januari 2009 tot en met

31 december 2009 een naheffingsaanslag loonheffingen ( [aanslagnummer] .A01.950.0) opgelegd naar een bedrag van € 135.061, alsmede bij beschikking een vergrijpboete van € 67.531. Tevens is bij beschikking een bedrag aan heffingsrente in rekening gebracht van € 19.150.

1.2.

De inspecteur heeft bij in één geschrift vervatte uitspraken op bezwaar van 1 juni 2015 de naheffingsaanslag en de boete- en heffingsrentebeschikkingen gehandhaafd.

1.3.

Belanghebbende heeft daartegen bij brief van 13 juli 2015, ontvangen bij de rechtbank op 14 juli 2015, beroep ingesteld. Ter zake van dit beroep heeft de griffier van belanghebbende een griffierecht geheven van € 331.

1.4.

De inspecteur heeft een verweerschrift (en een aanvulling daarop) ingediend.

1.5.

Partijen hebben vóór de zitting nadere stukken ingediend. Deze stukken zijn telkens in afschrift verstrekt aan de wederpartij.

1.6.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 30 maart 2017 te Breda.

Aldaar zijn verschenen en gehoord, de gemachtigde van belanghebbende [gemachtigde] , verbonden aan [advocatenkantoor] te [plaats 1] , en namens de inspecteur, [inspecteur 1] , [inspecteur 2] , [inspecteur 3] . De inspecteur heeft ter zitting een pleitnota voorgedragen en exemplaren daarvan overgelegd aan de rechtbank en aan belanghebbende. Van het verder ter zitting verhandelde is een proces-verbaal opgemaakt, waarvan een afschrift op dezelfde dag als deze uitspraak aan partijen wordt verzonden.

1.7.

De rechtbank heeft het onderzoek gesloten en een schriftelijke uitspraak aangekondigd. Bij brieven van 2 mei 2017 en 30 juni 2017 heeft de rechtbank de uitspraaktermijn telkens met zes weken verlengd.

2 Feiten
2.1.

Volgens het uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel is belanghebbende op 1 januari 2009 opgericht. Als bedrijfsactiviteit is opgenomen: bemiddeling in personeel. Vennoten van belanghebbende waren [A] (hierna ook wel: [A] ) en [B] . Op 19 december 2012 is in het handelsregister geregistreerd dat de activiteiten van de onderneming met ingang van 5 december 2012 zijn gestaakt. Vóór 1 januari 2009 werd de onderneming enkel door [A] gedreven als eenmanszaak onder de naam ‘ [eenmanszaak] ’.

2.2.

Met de oprichting van de VOF veranderde de feitelijke activiteiten niet. De feitelijke activiteiten van zowel de eenmanszaak als de VOF bestonden uit het werven, detacheren en begeleiden van arbeidskrachten. De arbeidskrachten werden in Bulgarije geworven en kwamen te werken bij opdrachtgevers in Nederland en België.

2.3.

Tot 2009 kwamen de arbeidskrachten in loondienst bij de desbetreffende opdrachtgever. Dat is in 2009 voor een deel van de arbeidskrachten ook nog het geval geweest. Omdat het vanaf 2009 lastiger werd om tewerkstellingsvergunningen voor de Bulgaarse arbeidskrachten te verkrijgen, is voor andere arbeidskrachten in 2009 met de constructie gewerkt dat deze werkzaamheden hebben uitgevoerd via opdrachten van aanneming van werk tussen de Nederlandse en Belgische opdrachtgevers en twee daartoe opgerichte Bulgaarse vennootschappen (hierna: de constructie). Daartoe werden door de opdrachtgevers overeenkomsten van aanneming van werk afgesloten met de Bulgaarse vennootschappen [Eood 1] en [Eood 2] (hierna: de Bulgaarse vennootschappen). De werkzaamheden werden uitgevoerd door arbeidskrachten die in dienstbetrekking waren bij de Bulgaarse vennootschappen. Het geschil ziet op de arbeidskrachten die via deze constructie werkten.

2.4.

Op 3 januari 2012 is door de Inspectie van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) onder de projectnaam [Z] een strafrechtelijk onderzoek gestart naar belanghebbende, de Bulgaarse vennootschappen, [C] , [A] , [B] , [D] en [E] . In het proces-verbaal van het zaaksdossier I inzake het strafrechtelijk onderzoek, gesloten en ondertekend op 11 maart 2014, is onder meer het volgende opgenomen:

“6.2 [Eood 1]

Op basis van een rechtshulpverzoek werd via de Bulgaarse autoriteiten een afschrift van het

Bulgaarse bedrijfsdossier van [Eood 1] ontvangen. Hierin staat vermeld dat [Eood 1] bekend is onder registratienummer [###] en als bedrijfsactiviteit het repareren van alle soorten pallets, het plukken en sorteren van diverse soorten agrarisch gewas, evenals een groot aantal andere activiteiten. De onderneming is sinds 21 augustus 2012 gevestigd in [het district] , gemeente [Y 1] , [postcode 1] [Y 1] , [adres 1] , zijndetevens het woonadres van bestuurder en eigenaar, sinds 25 maart 2008, verdachte [E] .

Historie

Op 3 mei 201 1 werd geregistreerd dat het vestigingsadres van de onderneming [adresgegevens 1]

, was. Op 25 maart 2008 werd geregistreerd dat het vestigingsadres [het district] , gemeente [Y 1] , [postcode 1] [Y 1] , [adres 1] , was. Tevens werd de bedrijfsactiviteit gewijzigd door het vervallen van reparatie van alle soorten pallets, plukken en sorteren van

diverse soorten agrarisch gewas. Op 21 augustus 2008 werden de vervallen activiteiten weer geregistreerd bij de bedrijfsactiviteit. (…).

Naar aanleiding van rechtshulpverzoek RHV-04 is door de plaatselijke politie [district 2] een nader onderzoek ingesteld naar het adres [adres 1] te [Y 1] . Door de politie is vastgesteld dat het pand [adres 1] te [Y 1] een onbewoond pand betrof. Verdachte [E] was volgens het politioneel onderzoek woonachtig op het adres [adres 2] te [Y 1] , tevens verblijfsadres van verdachte [A] . Op dit adres werd geen kantoor aangetroffen van waaruit de onderneming [Eood 1] kon worden aangestuurd. In het onderzoeksrapport wordt niet vermeld vanaf welke datum het pand leeg stond.

6.3

[Eood 2]

Op basis van een rechtshulpverzoek werd via de Bulgaarse autoriteiten een afschrift van het

Bulgaarse bedrjfsdossier van [Eood 2] ontvangen. Hierin staat vermeld dat [Eood 2]

bekend is onder registratienummer [####] en als bedrijfsactiviteit het repareren van alle soorten pallets had. De onderneming is sedert 3 november 2011 formeel gevestigd in het [adresgegevens 2]...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT