Wet marktordening gezondheidszorg

Abbreviated LabelWMG
CourtVolksgezondheid, Welzijn en Sport
Subject MatterBWBR0020078

Geldend van 19-03-2020 t/m heden

Wet van 7 juli 2006, houdende regels inzake marktordening, doelmatigheid en beheerste kostenontwikkeling op het gebied van de gezondheidszorg (Wet marktordening gezondheidszorg)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is regels te stellen inzake de ontwikkeling en ordening van markten op het gebied van de gezondheidszorg en het toezicht daarop, mede met het oog op een doelmatig en doeltreffend stelsel van de zorg en de beheersing van de kostenontwikkeling van de zorg, en dat het tevens wenselijk is in verband met de informatieachterstand van de consument en het machtsverschil tussen partijen in de zorg, de positie van de consument te beschermen en te bevorderen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen
Artikel 1
  • 1 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

    • a. Onze Minister: Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

    • b. zorg:

      • 1°. zorg of dienst als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet en de Wet langdurige zorg;

      • 2°. individuele gezondheidszorg als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidzorg, voor zover uitgevoerd, al dan niet onder eigen verantwoordelijkheid, door personen, ingeschreven in een register als bedoeld in artikel 3 van die wet of door personen als bedoeld in artikel 34 van die wet en voor zover die handelingen niet zijn begrepen onder 1°;

    • c. zorgaanbieder:

      • 1°. de natuurlijke persoon of rechtspersoon die beroeps- of bedrijfsmatig zorg verleent;

      • 2°. de natuurlijke persoon of rechtspersoon voor zover deze tarieven in rekening brengt namens, ten behoeve van of in verband met het verlenen van zorg door een zorgaanbieder als bedoeld onder 1°;

    • d. zorgverzekeraar: een zorgverzekeraar als bedoeld in de Zorgverzekeringswet;

    • e. Wlz-uitvoerder: een rechtspersoon als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet langdurige zorg;

    • f. ziektekostenverzekeraar:

      • 1°. een zorgverzekeraar;

      • 2°. een Wlz-uitvoerder;

      • 3°. een particuliere ziektekostenverzekeraar, zijnde een financiële onderneming die ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van verzekeraar mag uitoefenen;

    • g. verzekerde: degene die een verzekeringsovereenkomst betreffende het risico van ziektekosten heeft gesloten met een ziektekostenverzekeraar dan wel van rechtswege verzekerd is op grond van de Wet langdurige zorg;

    • h. verzekeringsplichtige: degene die op grond van artikel 2 van de Zorgverzekeringswet verplicht is zich krachtens een zorgverzekering te verzekeren of te laten verzekeren;

    • i. consument: verzekeringsplichtige, verzekerde of patiënt;

    • j. prestatie: de levering van zorg door een zorgaanbieder als bedoeld in onderdeel c, onder 1°;

    • k. tarief: prijs voor een prestatie, een deel van een prestatie of geheel van prestaties van een zorgaanbieder;

    • l. zorgautoriteit: de Nederlandse Zorgautoriteit, genoemd in artikel 3;

    • m. Zorginstituut: het Zorginstituut Nederland, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet;

    • n. [Red: vervallen;]

    • o. College sanering: het College sanering zorginstellingen, genoemd in de Wet toelating zorginstellingen;

    • p. FIOD-ECD: de Belastingdienst/Fiscale Inlichtingen- en opsporingsdienst en Economische Controledienst van het Ministerie van Financiën;

    • q. Zorgverzekeringsfonds: het fonds, genoemd in artikel 39 van de Zorgverzekeringswet;

    • r. het CAK: het CAK, genoemd in artikel 6.1.1, eerste lid, van de Wet langdurige zorg;

    • s. socialezekerheidsverordening: Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004, betreffende de coördinatie van socialezekerheidsstelsels (PbEU 2004, L 166);

    • t. toepassingsverordening: Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels (PbEU 2009, L 284);

    • u. orgaan van de woonplaats: rechtspersoon die door Onze Minister is aangewezen als orgaan van de woonplaats in de zin van de socialezekerheidsverordening of, voor zover het zorg betreft, een verdrag inzake sociale zekerheid waarbij Nederland partij is;

    • v. orgaan van de verblijfplaats: rechtspersoon die door Onze Minister is aangewezen als orgaan van de verblijfplaats in de zin van de socialezekerheidsverordening of, voor zover het zorg betreft, een verdrag inzake sociale zekerheid waarbij Nederland partij is;

    • w. bevoegd orgaan: rechtspersoon, niet zijnde het CAK, die door Onze Minister is aangewezen voor bepaalde taken van bevoegd orgaan als bedoeld in artikel 1, onderdeel q, onder iii, van verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de sociale zekerheidsstelsels (PbEU 2004, L 166) en in verdragen inzake sociale zekerheid ten behoeve van personen bedoeld in artikel 69, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet.

  • 2 Onder zorg bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, wordt mede begrepen forensische zorg als omschreven in artikel 1.1, tweede lid, van de Wet forensische zorg.

  • 3 Voor de toepassing van deze wet wordt, voor zover het betreft de inkoop van forensische zorg, Onze Minister van Veiligheid en Justitie met een ziektekostenverzekeraar gelijkgesteld.

Artikel 2
  • 1 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen, indien dat voor een goede uitvoering van deze wet nodig is, werkzaamheden die geheel of gedeeltelijk liggen op het gebied van de gezondheidszorg of geheel of gedeeltelijk ten behoeve van de gezondheidszorg worden verricht, worden aangewezen als zorg in de zin van deze wet.

  • 2 Bij algemene maatregel van bestuur kan een vorm van zorg worden uitgezonderd van deze wet of een deel daarvan.

  • 3 Deze wet is niet van toepassing op een zorgaanbieder voor zover deze jeugdhulp als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet aanbiedt.

  • 4 Deze wet niet is van toepassing op:

    • a. aanbieders als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;

    • b. derden van wie een cliënt, aan wie een persoongebonden budget in de zin van die wet is verstrekt, de diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren betrekt.

  • 5 Voor zover een rechtspersoon handelt als het orgaan van de woonplaats, het orgaan van de verblijfplaats of het bevoegd orgaan wordt deze voor de toepassing van deze wet niet aangemerkt als een ziektekostenverzekeraar.

Hoofdstuk 2. De Nederlandse Zorgautoriteit
Paragraaf 2.1. Algemene bepalingen
Artikel 3
  • 1 Er is een Nederlandse Zorgautoriteit, die rechtspersoonlijkheid bezit.

  • 2 De zorgautoriteit is gevestigd in een door Onze Minister te bepalen plaats.

  • 3 De zorgautoriteit is belast met de taken die haar bij of krachtens wet zijn opgedragen.

  • 4 De zorgautoriteit stelt bij de uitoefening van haar taken het algemeen consumentenbelang voorop.

  • 5 De zorgautoriteit wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter.

Artikel 4
  • 1 De zorgautoriteit bestaat uit ten hoogste drie leden, onder wie de voorzitter.

  • 2 Benoeming vindt plaats op grond van de deskundigheid die nodig is voor de uitoefening van de taken van de zorgautoriteit alsmede op grond van maatschappelijke kennis en ervaring.

  • 3 De leden worden benoemd voor ten hoogste vier jaar. Herbenoeming kan twee maal en telkens voor ten hoogste vier jaar plaatsvinden.

  • 4 De leden van de zorgautoriteit hebben geen financiële of andere belangen bij instellingen of bedrijven die hun onpartijdigheid in het gedrang kunnen brengen.

Artikel 5
  • 1 De zorgautoriteit stelt een bestuursreglement vast.

  • 2 Vergaderingen van de zorgautoriteit zijn niet openbaar, behoudens voor zover in het bestuursreglement anders is bepaald.

Artikel 6

[Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 7
  • 1 Onze Minister kan de zorgautoriteit een algemene aanwijzing geven met betrekking tot:

    • a. de onderwerpen waaromtrent de zorgautoriteit ingevolge deze wet bevoegd is regels vast te stellen;

    • b. de onderwerpen waaromtrent de zorgautoriteit ingevolge deze wet bevoegd is beleidsregels vast te stellen.

  • 2 Onze Minister kan in een aanwijzing als bedoeld in...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT

VLEX uses login cookies to provide you with a better browsing experience. If you click on 'Accept' or continue browsing this site we consider that you accept our cookie policy. ACCEPT