Wet van 21 december 2016 tot wijziging van de Telecommunicatiewet, de Boeken 3 en 6 van het Burgerlijk Wetboek, de Algemene wet bestuursrecht alsmede daarmee samenhangende wijzigingen van andere wetten in verband met de uitvoering van EU-verordening elektronische identiteiten en vertrouwensdiensten (uitvoering EU-verordening elektronische identiteiten en vertrouwensdiensten)

 
INDEX
GRATIS UITTREKSEL

Wet van 21 december 2016 tot wijziging van de Telecommunicatiewet, de Boeken 3 en 6 van het Burgerlijk Wetboek, de Algemene wet bestuursrecht alsmede daarmee samenhangende wijzigingen van andere wetten in verband met de uitvoering van EU-verordening elektronische identiteiten en vertrouwensdiensten (uitvoering EU-verordening elektronische identiteiten en vertrouwensdiensten)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten: Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG (PbEU 2014, L257) uit te voeren, en dat het wenselijk is de hiervoor noodzakelijke bepalingen aan te passen in de Boeken 3 en 6 van het Burgerlijk Wetboek, de Telecommunicatiewet, de Algemene wet bestuursrecht, alsmede daarmee samenhangende wijzigingen van andere wetten; Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

De Telecommunicatiewet wordt als volgt gewijzigd: A Artikel 1.1 wordt als volgt gewijzigd: a. De onderdelen ss tot en met yy komen te luiden: ss. vertrouwensdienst:

een vertrouwensdienst als bedoeld in artikel 3, onderdeel 16, van de eidas-verordening; tt. gekwalificeerde vertrouwensdienst:

een vertrouwensdienst als bedoeld in artikel 3, onder 17, van de eidas-verordening; uu. verlener van vertrouwensdiensten:

een verlener van vertrouwensdiensten als bedoeld in artikel 3, onderdeel 19, van de eidas-verordening; vv. gekwalificeerde verlener van vertrouwensdiensten:

een gekwalificeerde verlener van een vertrouwensdienst als bedoeld in artikel 3, onderdeel 20, van de eidas-verordening; ww. gekwalificeerd certificaat:

een gekwalificeerd certificaat voor elektronische handtekeningen als bedoeld in artikel 3, onderdeel 15 van de eidas-verordening, een gekwalificeerd certificaat voor elektronische zegels als bedoeld in artikel 3, onderdeel 30, van de eidas-verordening of een gekwalificeerd certificaat voor websiteauthenticatie als bedoeld in artikel 3, onderdeel 39, van de eidas-verordening; xx. conformiteitsbeoordelingsinstantie:

een conformiteitsbeoordelingsinstantie als bedoeld in artikel 3, onderdeel 18, van de eidas-verordening; yy. gekwalificeerd middel voor het aanmaken van elektronische handtekeningen of elektronische zegels:

gekwalificeerd middel voor het aanmaken van elektronische handtekeningen als bedoeld in artikel 3, onderdeel 23, van de eidas-verordening of voor het aanmaken van elektronische zegels als bedoeld in artikel 3 onderdeel 32, van de eidas-verordening; b. Onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel kkk door een puntkomma worden drie onderdelen toegevoegd, luidende: lll. toezichthoudend orgaan:

een toezichthoudend orgaan als bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de eidas-verordening; mmm. vertrouwenslijst:

een vertrouwenslijst als bedoeld in artikel 22 van de eidas-verordening; nnn. eidas-verordening:

verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG (PbEU 2014, L 257), en de op grond van die verordening door de Europese Commissie vastgestelde uitvoerings- en gedelegeerde handelingen. B In hoofdstuk 2 wordt voor artikel 2.1 een opschrift ingevoegd, luidende:

§ 2.1 Aanleg of aanbieden openbare elektronische communicatienetwerken of -diensten

C In artikel 2.1 vervallen het vijfde tot en met het zevende lid. D Artikel 2.2 wordt als volgt gewijzigd: a. Het tweede lid komt te luiden: 2. De Autoriteit Consument en Markt beëindigt of wijzigt de registratie indien de grond voor registratie is vervallen. b. Het derde tot en met vijfde lid vervallen. E Artikel 2.3 wordt als volgt gewijzigd: a. In het eerste lid wordt na «een register van de registraties» ingevoegd: , bedoeld in artikel 2.1, vierde lid,. b. Het derde en vierde lid vervallen onder vernummering van het vijfde tot en met zevende lid tot het derde tot en met vijfde lid. c. In het derde lid (nieuw) vervalt: of op de in het register opgenomen gegevens die krachtens het vierde lid zijn verstrekt. d. In het vierde lid (nieuw) wordt «artikel 2.2, vierde lid» vervangen door «artikel 2.2, tweede lid» en «op grond van het vijfde lid» door: op grond van het derde lid. e. In het vijfde lid (nieuw) wordt «het zesde lid» vervangen door: het vierde lid. F Na artikel 2.5 wordt een paragraaf ingevoegd, luidende:

§ 2.2. Het verlenen van vertrouwensdiensten

Artikel 2.5

a.

Deze wet is niet van toepassing op de verlening van vertrouwensdiensten of op het voornemen tot verlening daarvan, die van het toepassingsbereik van de eidas-verordening zijn uitgesloten.

Artikel 2.5

b.

  1. Een mededeling van een verlener van vertrouwensdiensten aan Onze Minister waaruit het voornemen tot het verlenen van gekwalificeerde vertrouwensdiensten blijkt, wordt aangemerkt als een aanvraag tot toekenning van de status gekwalificeerd aan die verlener en de door hem in die mededeling aangeduide vertrouwensdiensten. 2. Onze Minister neemt een aanvraag als bedoeld in het eerste lid niet in behandeling, indien de aanvrager buiten Nederland gevestigd is. 3. Onze Minister kan bij ministeriële regeling bepalen welke andere gegevens dan de overlegging van een conformiteitsbeoordelingsverslag als bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de eidas-verordening bij een aanvraag dienen te worden overgelegd en de wijze van verstrekking daarvan. 4. Een beschikking op een aanvraag als bedoeld in het eerste lid, wordt gegeven binnen de termijn van drie maanden, bedoeld in artikel 21, tweede lid, van de eidas-verordening.

Artikel 2.5

c.

  1. Onze Minister draagt zorg voor het opstellen en bijhouden van een langs elektronische weg openbaar toegankelijke vertrouwenslijst ten aanzien van in Nederland gevestigde gekwalificeerde verleners van vertrouwensdiensten en van de door hen te verlenen gekwalificeerde vertrouwensdiensten. 2. Indien als gevolg van een wijziging van de eidas-verordening de op de vertrouwenslijst te vermelden gegevens aangepast dienen te worden, verstrekt een gekwalificeerde verlener van vertrouwensdiensten onverwijld aan Onze Minister de gegevens voor opname in de vertrouwenslijst die aanpassing mogelijk maken. 3. Een gekwalificeerde verlener van vertrouwensdiensten geeft aan Onze Minister onverwijld alle wijzigingen door die van invloed zijn op zijn status van gekwalificeerd, op het gekwalificeerd zijn van de door hem te verlenen vertrouwensdiensten of op de in de vertrouwenslijst over hem of zijn te verlenen diensten opgenomen gegevens. 4. Onze Minister brengt de vertrouwenslijst in overeenstemming met de wijzigingen die voortvloeien uit artikel 2.5d of met wijzigingen die Onze Minister op grond van het tweede of derde lid heeft ontvangen. 5. Een gekwalificeerde verlener van vertrouwensdiensten verstrekt op verzoek van Onze Minister alle gegevens die Onze Minister noodzakelijk acht voor de volledigheid van de inhoud van de vertrouwenslijst. 6. Onze Minister kan gegevens in de vertrouwenslijst wijzigen indien dit noodzakelijk is om feitelijke onjuistheden van eenvoudige aard weg te nemen. 7. Indien dit voor een goede uitvoering van de eidas-verordening vereist is, worden bij ministeriële regeling regels gesteld over: a. het opstellen, bijhouden en publiceren van de vertrouwenslijst; b. de door een gekwalificeerde verlener van vertrouwensdiensten aan Onze Minister te overleggen gegevens voor de vertrouwenslijst en de wijze van aanlevering daarvan.

Artikel 2.5

d.

  1. Onze Minister kan onverminderd artikel 20, derde lid, van de eidas-verordening, tot beëindiging van de status gekwalificeerd overgaan: a. indien een gekwalificeerde verlener van vertrouwensdiensten in strijd met het bepaalde bij of krachtens deze wet handelt ten aanzien van het verlenen van vertrouwensdiensten; b. indien hij heeft vastgesteld dat de gekwalificeerde verlener van vertrouwensdiensten de gegevens, bedoeld in artikel 2.5c, tweede, derde, vijfde en zesde lid, niet, onvolledig of niet juist heeft verstrekt en de verlener van vertrouwensdiensten niet binnen de door Onze Minister gestelde termijn de volledige of juiste gegevens alsnog verstrekt. 2. Indien de gekwalificeerde verlener van vertrouwensdiensten aantoont redelijkerwijs niet binnen de gestelde termijn, bedoeld in het eerste lid, onder b, alsnog de juiste gegevens, bedoeld in dat onderdeel, te kunnen verstrekken, kan Onze Minister de termijn verlengen.

Artikel 2.5

e.

Onze Minister is verantwoordelijke in de zin van artikel 1, onderdeel d, van de Wet bescherming persoonsgegevens voor een gegevensverzameling die het gevolg is van de toepassing van artikel 2.5b en voor de vertrouwenslijst, bedoeld in artikel 2.5c, eerste lid. G In artikel 11.5b wordt in het eerste lid «certificatiedienstverleners die certificaten aan het publiek afgeven,» vervangen door «verleners van vertrouwensdiensten» en wordt «voor de afgifte en het beheer van het certificaat is vereist» vervangen door: voor het verlenen van de vertrouwensdienst is vereist. H Na artikel 11.5b wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 11.5

c.

Het College bescherming persoonsgegevens is de gegevensbeschermingsautoriteit, bedoeld in artikel 19, tweede lid, van de eidas-verordening. I Artikel 15.1 wordt als volgt gewijzigd: a. In de aanhef van het eerste...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT