Hoger beroep van Rechtbank Leeuwarden, March 30, 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2012/03/30
Uitgevende instantie::Rechtbank Leeuwarden
SAMENVATTING

Hoger beroep ex artikel 67 Faillissementswet tegen beschikking van rechter-commissaris, waarin het verzoek van een schuldeiser van een gefailleerde vennootschap om de curator te bevelen met haar in onderhandeling te treden ten aanzien van de doorstart van de gefailleerde vennootschap, en de curator (op dat moment) te verbieden een activa overeenkomst te sluiten met een andere gegadigde, is... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector civiel recht

Uitspraak: 30 maart 2012

Zaaknummer: 118624

Rekestnummer: 12.286

ex artikel 67 van de Faillissementswet (hierna: Fw) van de rechtbank in het faillissement van:

de besloten vennootschap

“WELSEC” SCHILDERS- EN CLASSIFICEERBEDRIJF B.V.,

ingeschreven bij de Koophandel Noord Nederland onder nummer [nummer],

correspondentieadres: [adres],

vestigingsadres: [adres],

curator: mr. D.C. Poiesz,

hierna: Welsec;

op het verzoekschrift van mr. W.M. Sturms namens de besloten vennootschap Harlingen Holding Industries B.V. te Sneek, hierna: HHI.

  1. Het procesverloop

    1.1. Op 19 maart 2012 heeft HHI bij de rechtbank door middel van een verzoekschrift ex artikel 67 Fw hoger beroep ingesteld tegen de beschikking van de rechter-commissaris van 14 maart 2012. De rechter-commissaris heeft bij beschikking van 14 maart 2012 het verzoek van HHI, om de curator te bevelen met HHI in onderhandeling te treden -ten aanzien van een doorstart van het gefailleerde Welsec- en de curator op dit moment te verbieden een activa overeenkomst te sluiten met [A] B.V. (hierna: [A]), afgewezen. Het onderhavige verzoekschrift is behandeld ter terechtzitting van 21 maart 2012, waarbij de curator ter terechtzitting is verschenen. Namens HHI zijn verschenen de heer [B], directeur, en de heer [C], statutair bestuurder, bijgestaan door mr. W.M. Sturms. Tevens was de heer [D] aanwezig, algemeen en statutair directeur van [A].

    1.2. De curator heeft bij faxbrief van 21 maart 2012 vooruitlopend op de behandeling van het beroepschrift, op enkele punten een schriftelijke uiteenzetting gegeven in reactie op het beroepschrift, welke punten hij ter terechtzitting nader heeft toegelicht. Tevens heeft hij na afloop van de terechtzitting een e-mailbericht overgelegd welke de curator op 12 maart 2012 verstuurd had aan de heer [E] (een gegadigde voor de overname van Welsec). Bij faxbericht van 23 maart 2012 heeft de curator de rechtbank laten weten dat de toestemming met de ABN-AMRO bank, als pandhoudster en hypotheekneemster van aan Welsec toebehorende goederen in verband met de door haar verstrekte financiering, niet was afgekaart. Bij faxbericht van 27 maart 2012 heeft de curator het actuele standpunt van de ABN-AMRO bank medegedeeld aan de rechtbank.

    1.3. Mr. Sturms heeft bij faxbericht van 23 maart 2012 een e-mailbericht overgelegd afkomstig van de heer [E]. Op 28 maart 2012 heeft de curator de rechtbank bij faxbericht laten weten geen aanleiding te zien voor een reactie op voormeld e-mailbericht.

  2. De standpunten van partijen

    2.1. HHI kan zich met de beschikking van de rechter-commissaris van 14 maart 2012 niet verenigen en heeft hiertoe in haar verzoekschrift van 19 maart 2012 - waarvan de inhoud als hier overgenomen en ingelast dient te worden beschouwd - en ter terechtzitting van 21 maart 2012 samengevat het volgende gesteld. Zij stelt allereerst dat zij het beste bod kan uitbrengen op de bedrijfsactiviteiten van de gefailleerde Welsec om daarmee een doorstart te kunnen realiseren. HHI is mondeling met de curator een zogeheten 'right of last refusal' overeengekomen, inhoudende dat HHI een bieding van een derde zou mogen overtreffen. Van deze afspraak was volgens HHI ook de ABN-AMRO bank op de hoogte. De curator is deze afspraak niet nagekomen en is met andere bieders gaan dooronderhandelen zonder HHI hierin te betrekken. HHI wilde wel een beter bod dan [A] uitbrengen, maar kon dat pas doen als de curator de vordering en de zekerheidspositie van de ABN-AMRO bank zou erkennen. Dit is voor HHI van groot belang nu de ABN-AMRO bank voor HHI bij een eventuele doorstart de financierende partij is. HHI heeft tevens aangevoerd dat na een doorstart alle handelscrediteuren van Welsec door haar zullen worden gecompenseerd en met behoud van de bestaande vaste dienstverbanden ten aanzien van het personeel, hetgeen HHI ook aan de curator heeft bericht. [A] daarentegen heeft het personeel slechts een tijdelijk contract aangeboden. HHI is voorts de mening toegedaan dat de curator, alvorens hij dit traject is gestart, geen duidelijke informatie over het biedingsproces heeft verstrekt en overigens geen informatiememorandum heeft opgesteld. HHI heeft bovendien begrepen dat de ABN-AMRO bank niet akkoord is met een doorstart door [A]. Tot slot heeft HHI opgemerkt dat in een formeel toestemmingsverzoek tot doorstart van de curator gericht aan de rechter-commissaris, de bestuurder van de...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT