Eerste aanleg - meervoudig van Rechtbank Rotterdam, 29 augustus 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:29 augustus 2012
Uitgevende instantie::Rechtbank Rotterdam
SAMENVATTING

Diefstal van zending gouden munten uit kantoor van (douane)expedteur. Bewaargeving of expeditie? Fenex-voorwaarden van toepassing? Grove schuld/bewuste roekeloosheid? Beroep op Fenex-voorwaarden aanvaardbaar?

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 395086 / HA ZA 12-103

Vonnis van 29 augustus 2012

in de zaak van

  1. de rechtspersoon naar de plaats harer vestiging

    THE TRAVELERS LLOYDS INSURANCE COMPANY,

    gevestigd in Texas, Verenigde Staten,

  2. de rechtspersoon naar de plaats harer vestiging

    HERITAGE CAPITAL CORPORATION,

    gevestigd in Texas, Verenigde Staten,

    eiseressen,

    advocaat: mr. B.S. Janssen,

    tegen

    de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

    [gedaagde],

    gevestigd te Schiphol-Rijk,

    gedaagde,

    advocaat: mr. W.M. van Rossenberg.

    Partijen worden hierna aangeduid als “Travelers”, “Heritage” en “[gedaagde]”.

  3. Het verdere verloop van de procedure

    1.1. Voor het verloop van de procedure verwijst de rechtbank naar haar tussenvonnis van 21 maart 2012.

    1.2. Ingevolge dat tussenvonnis heeft op 28 juni 2012 een comparitie van partijen plaats gevonden, waarvan proces-verbaal is opgemaakt. Bij die gelegenheid hebben partijen nadere stukken in het geding gebracht, zoals in het proces-verbaal beschreven.

    Mrs. Janssen en Hajdasinski hebben namens eiseressen bij faxbericht van 23 juli 2012 opmerkingen gemaakt over het proces-verbaal. Mr. Van Rossenberg heeft namens [gedaagde] bij faxbericht van eveneens 23 juli 2012 opmerkingen over het proces-verbaal gemaakt. De rechtbank heeft van die faxberichten kennis genomen en deze aan het proces-verbaal gehecht.

    1.3. Ingevolge punt 5. onder (c) van het proces-verbaal heeft mr. Van Rossenberg namens [gedaagde] bij faxbericht van 9 juli 2012 toegezonden een kopie van haar e-mailbericht aan [X] en [Y] van Heritage van 16 maart 2009, met de volgende inhoud:

    “The shipment which was supposed to fly this weekend did not fly, because Brinks could not collect the shipment from our location and we did not receive a confirmation to use G4S for the collection from our office. Now we think it is the best to hand over the current shipments directly to Brinks to avoid any delay. Please confirm, so we can arrange all necessary.”.

    Eiseressen hebben niet gereageerd op de toezending van dat e-mailbericht.

    1.4. Partijen hebben vonnis gevraagd.

  4. De vaststaande feiten

    2.1. De rechtbank merkt de volgende – voor deze beslissing van belang zijnde – feiten als tussen partijen vaststaand aan, omdat deze enerzijds gesteld en anderzijds erkend dan wel niet of onvoldoende betwist zijn dan wel blijken uit de in zoverre niet betwiste inhoud van producties waarop beroep is gedaan.

    2.2. Sedert omstreeks 1985 geeft Heritage via haar werknemer [P. Willems], wonende te [woonplaats] (“[Z]”), meermalen per maand opdrachten aan [gedaagde] tot (i) het doen vervoeren per vliegtuig van zendingen gouden munten van Schiphol naar bestemmingen in de Verenigde Staten, in het verleden met Lufthansa en de laatste jaren met KLM, (ii) het verzorgen van de uitvoerdocumentatie daarvoor en (iii) bijkomende werkzaamheden. In de jaren 2005 tot het onderhavige voorval nam [gedaagde] in dat kader telkens zendingen gouden munten in door Heritage gesloten en dichtgeplakte dozen met daarbij handelsfacturen in ontvangst van de door Heritage ingeschakelde waardetransporteur D&D Special Service (“D&D”), verrichtte zij aan de hand van die handelsfacturen de boeking voor het luchtvervoer, stelde zij de luchtvrachtbrief op, stelde zij aangiften ten uitvoer op en diende zij die in bij de Belastingdienst/Douane, bewaarde zij de zending gouden munten totdat deze bij KLM kon worden aangeleverd en gaf zij deze af aan de door haar ingeschakelde waardetransporteur Group 4 Securicor (“G4S”) ter aanlevering bij de luchtvervoerder KLM, waar deze in een kluis werden bewaard tot de inlading in het vliegtuig.

    2.3. In de offertes die [gedaagde] voor de jaren 2008, 2009 en 2010 aan Heritage, per adres [Z] (productie 1 bij conclusie van antwoord) stuurde staat onder meer het volgende, waarbij de rechtbank de tarieven van 2010 vermeldt:

    “HANDLING CHARGES EXPORT [Z]

    Description Calculation Unit Amount in EURO

    method

    Export handling charges shipment per shipment 93,45

    For every next export clearance shipment per extra document 24,10

    Customs warehouse facilities export shipment per shipment 20,10

    Included are: Not included are:

    * Booking request for the airline * Airfreight charges

    * Preparation of Airwaybill * Local road transportation

    * Preparation of specific customs documents * Unforeseen charges

    * Customs export clearance with online digital system * [..]

    * Fysical clearance at customs

    * Administration

    * Precence and guidance at delivery of cargo

    [..]

    OTHER INFORMATION AND CONDITIONS

    * [..]

    * All our activities are subject to the Dutch Forwarding Conditions, latest version, deposited at the District Court of Amsterdam. These conditions will be send to you on request.

    [..]”.

    [Z] heeft die jaarlijkse offertes, waarin aldus naar de Nederlandse Expeditievoorwaarden (hierna: Fenex-voorwaarden) werd verwezen, doorgestuurd aan Heritage.

    Op basis van die offertes bracht [gedaagde] haar werkzaamheden, telkens per zending, in rekening bij facturen aan Heritage, eveneens toegezonden aan het adres van [Z]. Ook die facturen heeft [Z] doorgestuurd aan Heritage. Op die facturen werd eveneens naar de Fenex-voorwaarden verwezen.

    2.4. In opdracht van Heritage heeft D&D in de middag van 23 juni 2010, na enige minuten voor aankomst bij [gedaagde] telefonisch haar komst te hebben aangekondigd, vier dichtgeplakte dozen bij [gedaagde] afgeleverd ter verzending naar Dallas, Texas, Verenigde Staten. D&D bracht de zending – zoals te doen gebruikelijk – met een gepantserde auto.

    2.5. Op de door Heritage aangeboden gesloten dozen stond de inhoud daarvan niet vermeld. Op de bijgevoegde handelsfacturen stond evenmin vermeld welke munten in welke dozen verpakt waren.

    2.6. [gedaagde] heeft de vier dozen opgeborgen in de dossierkast, dan wel brandkast dan wel kluiskast (hierna: kast/kluis) op de werkkamer van haar directeur [Q] (“[Q]”) op de eerste verdieping van haar bedrijfspand.

    De begane grond en de gang van de eerste verdieping van het bedrijfspand van [gedaagde] zijn beveiligd met een alarminstallatie. De kamers op de eerste verdieping van dat bedrijfspand, zoals de kamer van [Q], zijn niet beveiligd.

    2.7. [gedaagde] heeft in het onderhavige geval, zoals steeds bij zendingen voor Heritage, op de luchtvrachtbrief met nummer 074-41671265 (productie 5a van eiseressen) de volgende aantekeningen gemaakt ter vastlegging van de met KLM gemaakte afspraken en aan KLM gegeven instructies, een en ander met de volgende betekenissen;

    “INV ATT. CODE: F620”: [gedaagde] had de betreffende facturen van Heritage met de code F620 aan de luchtvrachtbrief gehecht.

    “SAFE 1 HANDLING”: [gedaagde] had bij KLM geboekt voor “special care and extra security Variation Safe 1” als vermeld op de website van KLM, die geëigend is voor het vervoer van “valuable goods such as gold and other precious metals” (productie 6 van eiseressen). Die productie 6 geeft de “safe 1” module weer per juni 2012, maar die is identiek aan de “safe 1” module in juni 2010. Die module wordt gebruikt voor het vervoer van juwelen en goud waarbij deze goederen doorlopend in de gaten gehouden worden.

    “STORE IN SAFE/SECURED HANDLING UNDER ALL CONDITIONS”: de instructie aan KLM om de dozen in een kluis te bewaren en deze onder alle omstandigheden veilig te behandelen.

    “PSE CTC. IMM. UPON ARR. MR. [W] PH 001 2144091312”: de instructie aan KLM om dadelijk bij aankomst in Dallas telefonisch contact op te nemen met [W], de veiligheidsmedewerker van Heritage.

    “VAL SHIPMENT VAL SHIPMENT”: waardevolle zending, waardevolle zending.

    “COINS VAL SHIPMENT HANDLE WITH CARE”: munten waardevolle zending zorgvuldig behandelen.

    “Gross Weight 67 k”: de opgave van het bruto gewicht 67 kilogram.

    2.8. [gedaagde] heeft in het onderhavige geval aangifte ten uitvoer gedaan door middel van acht aangifteformulieren (productie 1 bij Notitie voor de comparitie zijdens [gedaagde]) en daarop onder meer het volgende vermeld:

    “[..] Aantallen en soort

    [het aangiftenummer] 1 CT kartonnen doos (carton)

    074-41671265

    [..] GOUDEN MUNTEN GEEN WETTIG BETAALMIDDEL”.

    Onder het aangiftenummer heeft [gedaagde] telkens het nummer van de door haar opgestelde luchtvrachtbrief 074-41671265 vermeld. Het op de luchtvrachtbrief genoemde gewicht van 67 kilogram komt overeen met de optelsom van de gewichten vermeld rechts onderaan op de acht aangifteformulieren.

    De optelsom van de bedragen in euro’s vermeld naast de gewichten op de acht aangifteformulieren beloopt € 1.973.776,-.

    Bij vorige aangiften ten uitvoer in opdracht van Heritage heeft [gedaagde] op dezelfde wijze gehandeld. Steeds vermeldde [gedaagde] op de aangifteformulieren “GOUDEN MUNTEN GEEN WETTIG BETAALMIDDEL”.

    2.9. Omdat de zending van de vier dozen op 23 juni 2010 bij KLM niet ten vervoer kon worden aangeleverd, zijn deze dozen gedurende de nacht van 23 op 24 juni 2010 in de kast/kluis op de genoemde werkkamer van [Q] in het bedrijfsgebouw van [gedaagde] overgebleven. Gedurende die nacht is de zending ontvreemd.

    Door partijen ingeschakelde experts hebben uit beelden van een beveiligingscamera, bevestigd aan een buurpand, en informatie van buren en de politie geconcludeerd dat de diefstal zich als volgt heeft voorgedaan: de daders zijn rond 02:42 uur met een bestelbusje met een kenteken uit Letland of Litouwen in de buurt van het bedrijfspand van [gedaagde] gereden, hebben zich de toegang verschaft door van buitenaf met een ladder naar het raam van de kamer van [Q] op de eerste verdieping te klimmen en dat raam open te breken, hebben de kast/kluis verplaatst en opengebroken, hebben het bedrijfspand weer via dat raam verlaten en zijn met genoemd busje rond 03:23 uur vertrokken.

  5. De vorderingen

    3.1. Eiseressen vorderen – kort gezegd – dat de rechtbank bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis [gedaagde] zal veroordelen om aan hen gezamenlijk te betalen des dat betaling aan Travelers zal hebben te gelden als betaling aan hen gezamenlijk:

    (a) US$ 2.871.862,- als vergoeding...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT