Eerste aanleg - meervoudig van Rechtbank Roermond, November 09, 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:2012/11/09
Uitgevende instantie::Rechtbank Roermond
SAMENVATTING

Seks met jongens onder de 16. Strafmaat, duur proeftijd en overwegingen met betrekking tot benadeelde partijen.

 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK ROERMOND

Sector strafrecht

Parketnummer : 04/801076-12

Datum uitspraak : 9 november 2012

Tegenspraak

Vonnis van de rechtbank Roermond, meervoudige kamer voor strafzaken,

in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren te [adres],

wonende te [adres]

thans gedetineerd in [adres].

  1. Het onderzoek van de zaak

    Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van

    26 oktober 2012.

  2. De tenlastelegging

    De verdachte staat na wijziging van de tenlastelegging terecht ter zake dat:

  3. hij in of omstreeks de periode van 1 maart 2012 tot en met 13 maart 2012 in de gemeente [plaats] met [slachtoffer 1], geboren op 22 september 1996, die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, bestaande in het ontuchtig strelen over de/het be(e)n(en) en/of buik van die [slachtoffer 1];

    (artikel 247 Wetboek van Strafrecht)

  4. hij in of omstreeks de periode van 1 oktober 2011 tot en met 30 november 2011 in de gemeente [plaats], met [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2];

    (artikel 245 Wetboek van Strafrecht)

  5. hij in of omstreeks de periode van 1 oktober 2011 tot en met 30 november 2011 in de gemeente [plaats] met [slachtoffer 2], geboren op [geboortedatum], die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, bestaande in het ontuchtig trekken aan de penis van die [slachtoffer 2] en/of het in de mond nemen van de penis van die [slachtoffer 2];

    (artikel 247 Wetboek van Strafrecht)

  6. hij (meermalen) in of omstreeks de periode van 18 april 2012 tot en met 19 april 2012, in elk geval in de maand april 2012, in de gemeente [plaats], met [slachtoffer 3] (geboren op [geboortedatum]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, (telkens) buiten echt, een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 3];

    (artikel 245 Wetboek van Strafrecht)

  7. hij op of omstreeks 23 april 2012 in de gemeente [plaats], in elk geval in Nederland, een gegevensdrager, te weten een USB-stick bevattende (een) afbeelding(en) in bezit heeft gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft, terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is/zijn waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken, namelijk:

    - een afbeelding van een geheel naakte jongen. Rechts naast de jongen staat een potje met het opschrift “vaseline”. De jongen heeft een vinger van zijn linkerhand in dit potje;

    - een afbeelding van twee geheel naakte jongens. Een jongen zit op de stoel en de andere jongen op de leuning van de stoel. De penis van de jongen die op de leuning zit is nadrukkelijk in beeld;

    - een afbeelding van twee geheel naakte jongens. Een van de jongens ligt ruggelings op bed en zijn hoofd is niet zichtbaar. De andere jongen zit naast hem op bed. De zittende jongen houdt met zijn linkerhand de penis van de liggende jongen vast;

    - een afbeelding van twee jongens. Een jongen ligt geheel naakt op zijn rug. De andere jongen zit/ligt naast de jongen die op zijn rug ligt en heeft de blote penis van de jongen die op zijn rug ligt in zijn mond;

    althans het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt, waarbij deze persoon gekleed en/of opgemaakt is en/of in een omgeving en/of met voorwerpen en/of in (erotisch getinte) houdingen poseert die niet bij de leeftijd past en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van de kleding ontdoet en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de uitsnede van de afbeelding/film en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen in beeld gebracht worden.

    (artikel 240b Wetboek van Strafrecht)

    Voor zover in de tenlastelegging kennelijke schrijffouten of misslagen voorkomen, zijn die in deze weergave van de tenlastelegging door de rechtbank verbeterd. De verdachte is door deze verbetering, zoals uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, niet in de verdediging geschaad.

  8. De geldigheid van de dagvaarding

    Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding aan alle wettelijke eisen voldoet en dus geldig is.

  9. De bevoegdheid van de rechtbank

    Krachtens de wettelijke bepalingen is de rechtbank bevoegd van het ten laste gelegde kennis te nemen.

  10. De ontvankelijkheid van de officier van justitie

    De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de officier van justitie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde feit, omdat uit de verklaring van de moeder van [slachtoffer 1] niet blijkt of [slachtoffer 1] de bedoeling had om aangifte te doen.

    De rechtbank verwerpt dit verweer omdat dit niet kan leiden tot niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie. Dat door de betrokken minderjarige zelf aangifte moet worden gedaan dan wel dat moet blijken dat deze de aangifte (door bijvoorbeeld ouders) ondersteunt, vindt geen steun in het recht. Voorts heeft de officier van justitie de bevoegdheid om ambtshalve te vervolgen.

    Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn ook overigens geen omstandigheden gebleken die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan. De officier van justitie kan dus in de vervolging worden ontvangen.

  11. Schorsing der vervolging

    Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen gronden voor schorsing der vervolging gebleken.

  12. Bewijsoverwegingen

    7.1. Standpunten van de officier van justitie en de verdediging.

    De officier van justitie heeft ter terechtzitting van 26 oktober 2012 gevorderd dat het onder 1, 2, 3, 4 en 5 ten laste gelegde zal worden bewezen verklaard.

    De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte van het onder 1 en 2 ten laste gelegde dient te worden vrijgesproken.

    Ten aanzien van het onder 3 ten laste gelegde heeft de verdediging aangevoerd dat verdachte van een deel van het ten laste gelegde moet worden vrijgesproken, omdat daarvoor onvoldoende bewijs voorhanden is en dat verdachte meende dat het slachtoffer meerderjarig was en dat daarom geen sprake was van een strafbare handeling. Voor het overige heeft de verdediging zich ten aanzien van dit feit gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

    Ten aanzien van de onder 4 en 5 ten laste gelegde feiten heeft de verdediging zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

    7.2. Bewijsmiddelen en overwegingen van de rechtbank

    De overtuiging van de rechtbank dat de verdachte het onder 1, 2, 3, 4 en 5 ten laste gelegde heeft begaan, is gegrond op de feiten en de omstandigheden die zijn vervat in de volgende bewijsmiddelen.

    De hieronder vermelde bewijsmiddelen worden slechts gebezigd met betrekking tot het feit, waarop zij in het bijzonder betrekking hebben.

    Het genoemde geschrift is slechts gebruikt in verband met de inhoud van de overige bewijsmiddelen.

    Het bewijs

    Ten aanzien van de feiten 1, 2, 3 en 4:

    Verdachte heeft op 23 april 2012 verklaard:

    Mijn naam op chatsites[verdachte][naam]. Ik gebruik voor alle sites dezelfde naam. Ik ben er achter gekomen dat ik gevoelens voor jongens heb. Ik heb via chatsites afspraakjes gemaakt. Tijdens de eerste afspraak gebeurde er niks, maar bij de tweede wel. De eerste keer heb ik via [chat] een afspraakje gemaakt. Ik zit twee à drie keer per week op [chat]. Hierop is mijn naam [naam]. Ik heb vier keer via deze site een afspraak gemaakt. Meestal laat ik ze bij mij thuis komen. Met drie personen is het tot seks gekomen. Mijn achterbuurjongen is een keer bij mij op bezoek geweest. Dat is [slachtoffer 1]. Hij is 15 jaar.

    Ten aanzien van feit 1 voorts:

    Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard :

    Tussen 1 maart 2012 en 13 maart 2012 heb ik in mijn woning in de gemeente [plaats] [slachtoffer 1] over de benen en de buik gestreken. Bij een andere jongen of een volwassen man had dit ook kunnen gebeuren. Bij een vrouw zou ik zoiets nooit doen, omdat ik mij niet seksueel aangetrokken voel tot een vrouw.

    De aangever [slachtoffer 1] heeft op 21 maart 2012 verklaard :

    Ik doe aangifte van betasting. Ik ben betast door [naam] op een woensdag. Ik denk dat het 3 weken geleden gebeurd is. Ik ben [slachtoffer 1]. Ik ben 15 jaar oud. [verdachte] woont op de [adres] in [plaats]. [verdachte] is 30 jaar. [verdachte] woont recht achter ons. [verdachte] vroeg aan mij op MSN of ik een keertje langs wilde komen. Hij vroeg dit aan mij op de zondag voor de woensdag dat het gebeurd is. Woensdag, drie weken geleden, besloot ik om naar [verdachte] te gaan. Ik ben om 19.55 uur bij hem aangekomen. Ik weet dat omdat hij toen “Goede Tijden” op had staan. Toen ik binnenkwam ging [verdachte] meteen languit op de grote bank in de woonkamer liggen. Ik ging op de kleine bank op het linker gedeelte zitten. Toen “Goede Tijden” afgelopen was vroeg [verdachte] of ik wat drinken wilde. Ik zei dat ik wel bier wilde. Ik kreeg bier. [verdachte] ging rechts naast mij zitten op de bank. Terwijl [verdachte] op de bank naast mij zat, schoof hij helemaal naar mij toe. Iedere keer schoof hij weer een stukje naar mij toe. Ik bewoog daardoor naar de leuning van de bank toe, zodanig dat ik bijna op de leuning zat. [verdachte] kwam zo dicht naar mij toe dat hij bijna bovenop mij zat. Ik schrok hiervan en dacht: 'wat is dit'. Ineens sloeg [verdachte] zijn linker arm om mij heen. [verdachte] sloeg zijn arm tot om mijn zij. Met...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT