Hoger beroep van Gerechtshof Arnhem, 20 december 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:20 december 2012
Uitgevende instantie::Gerechtshof Arnhem
SAMENVATTING

Machtiging uithuisplaatsing; geldigheid van alsnog overgelegd indicatiebesluit.

 
GRATIS UITTREKSEL

GERECHTSHOF ARNHEM

Sector civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.114.330

(zaaknummer rechtbank 328207)

beschikking van de familiekamer van 20 december 2012

inzake

[verzoekers],

wonende te [woonplaats],

verzoekers in hoger beroep,

verder te noemen respectievelijk “de moeder” en “de vader”,

samen te noemen “de ouders”,

advocaat: mr. A.M.C.J. Klostermann te Utrecht,

en

William Schrikker Stichting Jeugdbescherming & Jeugdreclassering,

namens de Stichting Bureau Jeugdzorg,

gevestigd te Diemen,

verweerster in hoger beroep,

verder te noemen “de stichting”.

Als overige belanghebbenden zijn aangemerkt:

de pleegouders van [het kind],

verder te noemen “de pleegouders”,

niet verschenen.

  1. Het geding in eerste aanleg

    Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de kinderrechter in de rechtbank Utrecht van 24 september 2012, uitgesproken onder voormeld zaaknummer.

  2. Het geding in hoger beroep

    2.1 Bij beroepschrift, ingekomen ter griffie van het hof op 3 oktober 2012, zijn de ouders in hoger beroep gekomen van voormelde beschikking. De ouders verzoeken het hof die beschikking te vernietigen en te bepalen dat na te noemen [het kind] direct terug wordt geplaatst bij de ouders.

    2.2 Bij verweerschrift, ingekomen ter griffie van het hof op 25 oktober 2012, heeft de stichting het verzoek in hoger beroep van de ouders bestreden. De stichting verzoekt het hof de bestreden beschikking te bekrachtigen.

    2.3 De mondelinge behandeling heeft op 8 november 2012 plaatsgevonden. De ouders zijn in persoon verschenen, bijgestaan door hun advocaat. Namens de stichting zijn verschenen [...], gezinsvoogd en [...], inhoudelijk manager. Namens de Raad voor de Kinderbescherming (verder: de raad) is, met kennisgeving vooraf, niemand verschenen.

    2.4 Na de mondelinge behandeling is met toestemming van het hof binnengekomen een brief van de stichting van 13 november 2012 met als bijlage een aangepast indicatiebesluit en de reactie daarop van mr. Klostermann in haar brief van 15 november 2012. Bij haar brief heeft mr. Klostermann als bijlage een eindverslag VoorZorg overgelegd. Nu het hof geen toestemming heeft gegeven nog stukken na te zenden, slaat het hof geen acht op deze bijlage.

  3. De vaststaande feiten

    3.1 Uit de relatie van de ouders is op [geboortedatum] 2010 [het kind] geboren. De moeder is alleen belast met het gezag over [het kind].

    3.2 Bij beschikking van 29 juni 2010 heeft de kinderrechter [het kind] onder toezicht gesteld van de stichting. De termijn van de ondertoezichtstelling is laatstelijk verlengd bij beschikking van 20...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT