Hoger beroep van Gerechtshof 's-Gravenhage, 19 december 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:19 december 2012
Uitgevende instantie::Gerechtshof 's-Gravenhage
SAMENVATTING

Verdeling gemeenschap; internationale aspecten; bijzondere voorwaarden verbonden aan reële executie.

 
GRATIS UITTREKSEL

GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE

Sector Civiel recht

Uitspraak : 19 december 2012

Zaaknummer : 200.106.633/01

Rekestnr. rechtbank : F2 RK 10-1836

[de vrouw],

wonende te [woonplaats],

verzoekster, tevens inciden¬teel verweer¬ster, in hoger beroep,

hierna te noemen: de vrouw,

advocaat mr. K. el Joghrafi te Hoogvliet,

tegen

[de man],

wonende te [woonplaats],

verweerder, tevens incidenteel verzoeker, in hoger beroep,

hierna te noemen: de man,

advocaat mr. M. Veken te Rotterdam.

PROCESVERLOOP IN HOGER BEROEP

De vrouw is op 10 mei 2012 in hoger beroep gekomen van een beschikking van 10 februari 2012 van de rechtbank Rotterdam, verbeterd bij beschikking van 20 maart 2012 van de rechtbank Rotterdam.

De man heeft op 1 augustus 2012 een verweerschrift tevens houdende incidenteel appel ingediend.

De vrouw heeft op 13 september 2012 een verweerschrift op het incidenteel appel ingediend.

Bij het hof zijn voorts de volgende stukken ingekomen:

van de zijde van de vrouw:

- op 20 juni 2012 de stukken eerste aanleg;

- op 2 oktober 2012 een brief van diezelfde datum met bijlagen;

- op 10 oktober 2012 een faxbericht van diezelfde datum met bijlage.

De zaak is op 12 oktober 2012 mondeling behandeld. Ter zitting zijn verschenen: partijen, bijgestaan door hun advocaten.

PROCESVERLOOP IN EERSTE AANLEG EN VASTSTAANDE FEITEN

Voor het procesverloop en de beslissing in eerste aanleg verwijst het hof naar de bestreden beschikking.

Bij die beschikking heeft de rechtbank verstaan dat partijen ten aanzien van de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap overeenstemming hebben bereikt in die zin dat tussen partijen bij helfte zal worden verdeeld. Vervolgens heeft de rechtbank de verdeling vastgesteld, deels door toedeling van goederen en deels door verdeling van de netto-opbrengst van de voormalige echtelijke woning, die verkocht dient te worden op de door de rechtbank bepaalde wijze.

Het hof gaat uit van de door de rechtbank vastgestelde feiten, voor zover daar in hoger beroep geen grief tegen is gericht.

BEOORDELING VAN HET PRINCIPALE EN HET INCIDENTELE HOGER BEROEP

  1. In geschil zijn:

    - de verdeling van een drietal vermogensbestanddelen van de huwelijksgoederengemeenschap, welke door echtscheiding is ontbonden op 31 maart 2011;

    - de draagplicht met betrekking tot een schuld aan Van Wood bedrijfswageninrichtingen B.V.;

    - de door de vrouw aan de man te betalen gebruiksvergoeding ter zake de voormalig echtelijke woning;

    - de afgifte van de twee originele autosleutels van de bestelbus Nissan aan de man;

    - de door de man ten behoeve van de vrouw voor de bestelbus Nissan betaalde kosten van € 1.795,- en de aan de bestelbus Nissan gekoppelde latente belastingschuld;

    - het afkopen van de kapitaal- en lijfrenteverzekeringen ex artikel 3:174 Burgerlijk Wetboek (BW) en het aanwenden van de vrijgekomen saldi ten behoeve van het aflossen van de hypothecaire geldlening van partijen;

    - het te gelde maken ex artikel 3:174 BW van het saldo op de bankrekening van partijen bij de HSBC bank te Hong Kong ten behoeve van de voldoening van de hypothecaire geldlening van partijen;

    - de door de rechtbank opgelegde dwangsom; en

    - de bepaling van de rechtbank dat de bestreden beschikking in de plaats komt van de door de rechtbank op pagina 3 van haar beschikking drie genoemde door de vrouw te verrichten rechtshandelingen.

  2. De vrouw verzoekt het hof de bestreden beschikking deels te vernietigen en, opnieuw beschikkende, ter zake de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap een nieuwe beslissing te geven met inachtneming van de grieven.

  3. De man bestrijdt het beroep van de vrouw en verzoekt het hof het door de vrouw ingestelde beroep af te wijzen, alsmede om de bestreden beschikking partieel te vernietigen en, opnieuw beschikkende, te bepalen, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

    1. dat de vrouw aan de man een vergoeding verschuldigd is voor het alleen gebruik van de echtelijke woning van partijen, gelegen te...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT